`Erfdragers' over het kleine pastorale leven

Het decor spreekt boekdelen. In de roestvrijstalen wanden die de wasserij van de familie De Frel verbeelden bracht Matt Vermeulen veel deuren aan. Klapdeuren die vruchteloos heen en weer zwaaien aan hun scharnieren, symbool van het misverstand, van de onverhoedse uitval, van de klucht, waarin personages onopgemerkt verschijnen en verdwijnen. Door de patrijspoorten is het bovendien goed gluren. En de steriliteit van het glanzende staal staat voor de lege schoot van dochter Moena, de steen des aanstoots in Peer Wittenbols' nieuwste familiedrama Erfdragers.

Ze moet een kind krijgen, vindt pa, maar die slappeling van een schoonzoon is impotent. Heerser over de baarmoeder van zijn dochters besluit hij tot inseminatie met het zaad van een betaalde donor. Dat levert een mooie scène op, als Remco Melles, van wie slechts het gezicht achter een patrijspoort zichtbaar is, de hem aangereikte mok staat te vullen. Moena (Anne-Martien Lousberg) schikt zich in het overmijdelijke, zittend met de benen wijd tegen de wand, nadat haar vader (Hans Hoes) haar minutenlang met de mok in zijn hand door het deurendoolhof achtervolgd heeft. ,,Opschieten, het is nu nog warm'', zegt hij.

Het is moderne problematiek, van maakbaarheid en geavanceerde voortplantingstechnieken, waaraan Wittenbols refereert in een schonkig dramaatje van kleine luiden. Tegelijkertijd laat hij zien, dat de mens altijd al zo zijn oplossingen heeft gehad voor het probleem van de kinderloosheid. De knecht, de postbode, een betaalde onbekende: het zijn allemaal varianten van de laboratoriumbevruchting. Toch is de kern van zijn stuk niet dit thema, maar de taal. De korte, cryptische zinnetjes van zijn personages, hun aan de natuur ontleende beeldspraak (`lente onder je hemd'), hun zogenaamde grappen, de botte formulering van hun dito verlangens. Wittenbols heeft een uitstekend ontwikkeld oog voor die kant van het kleine, pastorale leven.

Vertolker van zijn werk van oudsher, regisseur Rob Ligthert, maakt van Erfdragers, een komedie à la Joe Orton: hoekig, ongemakkelijk, zorgvuldig al te veel vaart vermijdend. Timing lijkt uit den boze, het spel is gericht op toonloosheid in plaats van op verve. Het ongevoelige en resultaatgerichte van de leden van de familiefirma komt er des te beter door naar voren. Hans Hoes beheerst deze opzettelijk kleurloze stijl van de voorstelling het beste. Hij praat met de kiezen op elkaar, staccato, nasaal, vlak. Meeslepend maakt ook hij de voorstelling niet, maar curieus is zijn spel en in zijn schaduw dat van de anderen, wel. Erfdragers intrigeert zonder spectaculair te zijn.

Voorstelling: Erfdragers van Peer Wittenbols door De Federatie. Regie: Rob Ligthert. Decor: Matt Vermeulen. Spel: Oda Spelbos, Hans Hoes, Marcel Hensema e.a. Gezien: 30/10, Toneelacademie, Maastricht. Tournee t/m 11/12. Inl. (043)3252770.

    • Pieter Kottman