Cubaanse `paria's' blij met Ybema

Op zijn handelsmissie naar Cuba kaart staatssecretaris Ybema ook de mensenrechten aan. Een combinatie die de Cubaanse oppositie verheugt. De `paria's van Cuba' kunnen nu het debat zoeken: ,,De partij grijpt niet in.''

De Cubaanse regering is verstandig geworden. Althans, dat zeggen dissidenten en leden van de oppositionele en verboden partijen van het communistische eiland. De economische aandacht van veel landen zorgt voor een langzame politieke liberalisering, waarvan de eerste tekenen zichtbaar worden.

Gisteren sprak staatssecretaris Ybema (Economische Zaken), deze week op handelsmissie in Cuba, met een grote delegatie van dissidenten, vakbondsmensen en onafhankelijke politieke partijen. Het gesprek maakte deel uit van de dubbele agenda van de missie, die naast de economische betrekkingen ook de mensenrechtensituatie aan de orde moet stellen.

Ybema vond in de gesprekken steun voor zijn lijn. Bijna zonder uitzondering spraken de `paria's van Cuba' zich uit voor een combinatie van een kritische politieke dialoog met de regering én intensivering van de economische betrekkingen.

Ybema's gesprekspartners spraken na afloop met de pers. Aida Valdés, oprichtster van een mensenrechtenorganisatie, noemde het gesprek met de staatssecretaris ,,een doorbraak in de relatie tussen Nederland en Cuba''. Valdés werd de afgelopen jaren vijf keer gearresteerd wegens haar kritische opstelling. Zij vindt dat de vele politieke missies die haar land nu bezoeken ,,de brug naar de toekomst moeten slaan''. De aandacht van het buitenland is een mogelijkheid voor de jeugd. ,,Uiteindelijk moeten de kinderen van Cuba zelf een regering kunnen kiezen.''

Manuel Cuesta Morua meent dat er ,,de laatste jaren veel veranderd is'' in zijn land. Cuesta is secretaris-generaal van de Corriente Socialista Democratica Cubana, één van de vijf oppositionele partijen. De vijf hebben zich verenigd in de Mesa de Reflexión, een samenwerkingsverband dat kritiek uitoefent op de regering en pleit voor vrije rechten voor arbeiders en algemeen kiesrecht.

Cuesta: ,,De politieke ruimte is tegenwoordig groter. We mogen meer dan tien jaar geleden. Ze negeren ons gewoon.'' Cuesta doelt op een kritisch document dat de oppositionele partijen onlangs hebben gepubliceerd en waartegen niets is ondernomen. ,,We houden zelfs debatten met de bevolking, in huiskamerbijeenkomsten. De partij weet daarvan, maar ze grijpen niet in.''

Ook anderen zeggen dat. ,,De regering negeert de oppositie, de vakbonden en andere criticasters'', stelt kardinaal Jaime Ortega, gematigd tegenstander van het regime.

Ook het feit dat dissidenten en politieke leiders van verboden partijen openlijk met de buitenlandse pers in gesprek gaan, tekent het veranderende klimaat. Fernando Sánchez López, president van de verboden Partido Solidaridad Democratica: ,,We gaan toe naar een langzame verandering. Via de dialoog. Niet via polarisatie.''

Sánchez heeft een reisverbod gekregen, is gearresteerd en ontslagen en wordt nog steeds in de gaten gehouden, maar is optimistisch over de toekomst van zijn land. De `Groep van Vier'', vier twee jaar geleden gevangen genomen dissidenten, heeft zijn steun maar de weg die zij kiezen is niet de juiste, meent Sánchez. ,,Het zijn radicalen. Ze dragen geen oplossingen aan.''

De tijd van een nieuwe straatrevolutie lijkt kortom voorbij. De regering is, mocht ze dat al willen, te laat om nog in te grijpen tegen de oppositionele geluiden uit de maatschappij, meent Oswaldo Valdés van de Partido Liberal Democratico.

,,Aan isolationisme hebben we niets. De aandacht moet nu op ons land gevestigd blijven, economisch en politiek.''

    • Egbert Kalse