Amsterdam: financiële positie sterk

De gemeente Amsterdam heeft er financieel nog nooit zo goed voorgestaan als nu. Dat blijkt uit de begroting voor het jaar 2000 die wethouder H. Groen (Financien) vanmorgen heeft gepresenteerd.

,,We hebben het moeras van de jaren zeventig en tachtig definitief verlaten'', zei de VVD-wethouder. De goede financiële positie is onder meer af te leiden uit het weerstandsvermogen, vergelijkbaar met het eigen vermogen van een bedrijf. Begin jaren negentig was dit bedrag nog negatief, in 1997 was het 58 miljoen en in 1999 150 miljoen.

Door de verbeterde financiële positie kan de gemeente vanaf volgend jaar jaarlijks 53 miljoen gulden extra besteden. Daarnaast kan voor volgend jaar ook nog eens eenmalig 54,1 miljoen gulden worden uitgetrokken voor allerlei voorzieningen, zoals veiligheid op school (5 miljoen), de EK-voetbal (1,5 miljoen), groot onderhoud theaters, poppodia en musea (1,4 miljoen). De gemeente Amsterdam heeft een totale begroting van 8,3 miljard gulden. De grootste uitgaven en inkomsten liggen vast, zoals uitgaven aan salarissen (1,4 miljard) en bijstandsuitkeringen (1,2 miljard).

Volgens wethouder Groen heeft Amsterdam ,,behoorlijk wat vet op de botten, maar dat hebben we ook hard nodig''. Zo heeft Amsterdam met minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) afgesproken dat de gemeente tegenvallers van de Noord-Zuidlijn betaalt. Bovendien onderzoekt Amsterdam de mogelijkheid om via publiek-private financiering de tweede Coentunnel en de Westrandweg aan te leggen. Hiervoor overweegt Amsterdam ook de opbrengst van de verkoop van energiebedrijf UNA voor te gebruiken. De verkoop zal Amsterdam 1,3 miljard gulden opleveren, maar met aftrek van het bedrag dat zal terugvloeien naar de energiestector voor de onrendabele investeringen uit het verleden zal hier naar verwachting voor de hoofdstad 590 miljoen gulden van overblijven.