Leden van PGGM eisen 238 miljoen

De belangenvereniging van gepensioneerden van het pensioenfonds PGGM (zorg en welzijn), met 92 miljard gulden belegd vermogen het tweede fonds in Nederland, eist met terugwerkende kracht 238 miljoen gulden.

Dit geld zijn de gepensioneerden en andere uitkeringsgerechtigden, zoals mensen met een invaliditeitspensioen, de afgelopen vijf jaar misgelopen doordat PGGM de pensioenen niet goed heeft gekoppeld aan de algemene loonstijging in de bedrijfstak zorg en welzijn. De vereniging heeft de eis gistermiddag op tafel gelegd in een vergadering van de raad van het advies van het fonds. Daar heeft de belangenvereniging tevens de oprichting geëist van een deelnemersraad die voor de helft uit gepensioneerden bestaat zodat zij meer invloed krijgen in het fonds.

Eind 1998 had PGGM bijna 751.000 premiebetalende werknemers en ruim 109.000 pensioengerechtigden. De vereniging van gepensioneerden (ruim 1600 leden) heeft nu drie van de 84 zetels in de raad van advies, waarin hoofdzakelijk werknemers en werkgevers zitten. Deze twee groepen leveren, uit hoofde van hun rol bij het afsluiten van de cao, ook twaalf van de dertien leden van het bestuur van het pensioenfonds. De voorzitter, H. Lammers, is niet gebonden. PGGM is, zoals de meeste pensioenfondsen, als een stichting georganiseerd, waar het bestuur de leiding heeft.

Onder de gepensioneerden zelf wordt de kans van slagen van het eisenpakket overigens niet hoog aangeslagen. ,,Ik denk niet dat de raad van advies er iets mee doet'', zo zegt B. Bruinsma, die de nota heeft geschreven die de vereniging van PGGM-gepensioneerden heeft overgenomen.

Hij is zelf gepensioneerd en kritiseert, op persoonlijke titel, de geringe invloed die gepensioneerden bij PGGM hebben. In de raad van advies, die uit 84 mensen bestaat, zijn onlangs zeven zetels ingeruimd voor gepensioneerden, maar vier daarvan worden bezet door vertegenwoordigers van de werknemersorganisaties in het cao-overleg. De helft van de adviesraad bestaat uit werkgevers, de rest uit werknemers. ,,Het zijn gemandateerde vertegenwoordigers'', zegt Bruinsman, die uit dezelfde geledingen komen die ook het bestuur vormen.

De werkgevers- en werknemersorganisaties in het overlegorgaan Stichting van de Arbeid hebben vorig jaar een convenant gesloten met de ouderenorganisaties om de invloed van gepensioneerden te vergroten. Dat kan door oprichting van deelnemersraden of de benoeming van gepensioneerden in besturen van pensioenfondsen. De vakbeweging, die vindt dat zij de belangen van zowel werkenden en gepensioneerden in de besturen behartigt, ziet van oudsher weinig in een aparte vertegenwoordiging van gepensioneerden.