HERSENGEBRUIK TUSSEN OUDEREN EN JONGEREN IS VERSCHILLEND

Ouderen scoren op zuiver visuele herinneringstesten net zo goed als jongeren, maar de ouderen maken bij die taak mede gebruik van geheel andere delen van de hersenschors. Het lijkt er op dat het ouder wordende brein het slechter functioneren van bepaalde delen compenseert door het inzetten van andere delen van de hersenen. Dankzij deze interne reorganisatie kan het brein met een ander proces toch dezelfde uitkomst bereiken.

Dit concludeert een onderzoeksteam van de Universiteit van Toronto en de Brandeis Universiteit uit Massachusetts (Current Biology 24 oktober). In tegenstelling tot andere geheugenfuncties is het visuele geheugen relatief immuun voor veroudering. De reorganisatie van het brein kan die immuniteit mogelijk verklaren.

In totaal namen negentien proefpersonen (tien in de leeftijd van 20 tot 30 jaar en negen in de leeftijd van 60 tot 79) deel aan het experiment waarbij een PET-scan van het hele brein werd gemaakt tijdens een visuele geheugentest. Bij deze test werd een streeppatroon getoond dat vervolgens 0,5 tot 4 seconden bedekt werd, waarna opnieuw een streeppatroon werd getoond. De proefpersonen moesten vervolgens aangeven of dit patroon meer, minder of evenveel strepen telde als het eerst getoonde. Tijdens de test werd gevarieerd in het verschil in strepen en in de `wachttijd'. Beide leeftijdsgroepen brachten het er even goed af. Gekozen werd voor een streeppatroon omdat deze geen symbolische associaties oproepen en de test dus onafhankelijk is van verbale vermogens. De resolutie van de getoonde streeppatronen was afgestemd op het gezichtsvermogen van de proefpersonen.

Uit een statistische analyse van de PET-scan-resultaten vonden de onderzoekers drie verschillende patronen van geactiveerde hersengedeelten. Een groep van hersendelen bleek afhankelijk van het verschil in het aantal strepen, ongeacht leeftijd of wachttijd. Bij weer een andere groep hersendelen bleek de activiteit afhankelijk van de wachttijd, ongeacht resolutie of leeftijd. Maar de interessantste groep bleek afhankelijk van de leeftijd van de proefpersoon. De oudere proefpersonen bleken tijdens de test ook gebruik te maken van onderdelen van de slaapbeenkwabben en de prefrontale hersenschors die bij de jongeren helemaal niet betrokken bleken bij de visuele herinneringstaak.