Column

Gepeperd

Declaratieschandaaltjes. Vrolijk scrabblewoord. Gepeperde rekening. Gaaikemagrapje. Het Algemeen Dagblad, het krantje voor de Rotterdamse brave burger, heeft ontdekt dat de ex-burgervader van de grootste havenstad ter wereld niet alleen vrolijk declareerde, maar ook graag gebruik maakte van de gemeentelijke diensten. Donderdag verscheen er een ex-wethouder, een lieve VVD-mevrouw, in het NOS-Journaal en die begon over een trekhaak achter de dienstauto. De trekhaak was voor de paardentrailer van de vorige mevrouw Peper. Bram wilde die trekhaak en mevrouw de wethouder zei: `Die trekhaak monteert hij maar op zijn privé-auto.' Moet zoiets kleins in Het Journaal? Aan de ene kant niet. Het is te pietluttig voor woorden, maar aan de andere kant vond ik het ook wel weer erg leuk. Hollands leuk. Als het echt waar is dat de burgemeester van de grootste havenstad ter wereld een trekhaak achter zijn dienstauto wilde declareren, dan zegt dat heel veel over deze man. Dat wil je toch niet. Als het waar is geloof ik in één klap alles. Dus ook het gerucht over de vijf zakken bloembollen.

Ik heb Bram en Neelie twee keer ontmoet in mijn leven en vooral de eerste keer was ik ronduit verbaasd. Ze kwamen naar mijn voorstelling in het Rotterdamse Luxor-theater. In de pauze ontdekte ik een vreemde man in de artiestenfoyer. Keurig pak, kopje koffie. Het was de chauffeur van Bram en Neelie. Ik dacht toen: als je een avondje naar een cabaretier gaat, dan ben je toch niet aan het werk? Hij zit hier toch niet als burgemeester? Je zit toch niet lekker in een zaal te lachen, terwijl er beneden in de benauwde kelder van het Luxor een man zit te wachten? Een cabaretier bezoek je toch in je vrije tijd? Voor de zekerheid vroeg ik of de chauffeur een bijklussende particulier was? Nee hoor, dit was de officiële chauffeur van de gemeente Rotterdam.

Na afloop zag ik Neelie en Bram en ik vroeg waar ze woonden? Ze hadden twee huizen. Een in Wassenaar en een appartement in het Weena-gebouw. Het Weena-gebouw ligt hemelsbreed driehonderd meter van het Luxor-theater. Dus ik zei: `En vanavond gaan jullie naar Wassenaar?'

`Nee', zei Bram, `vanavond slapen we in Rotterdam.' Ik ben een simpel man en dacht: dat kan niet. Je kan mij niet wijsmaken dat de socialist Bram Peper een man in de spelonken van een theater laat zitten om jou drie uur later driehonderd meter verderop af te zetten. Dat kan niet. Dat doet iemand niet. Het gesprek ging door, ik kreeg veel complimenten van het echtpaar en voor de zekerheid informeerde ik nog een keer naar de bestemming.

`Moeten jullie nog ergens heen?' informeerde ik voorzichtig. Maar nee hoor, ze hoefden nergens meer heen. Lekker slapen zo direct. Paar minuten later kreeg de aardige chauffeur een knikje en ging hij de auto halen. Jaren heeft deze anekdote door mijn hoofd gezworven. En eigenlijk werd ik, per keer dat ik er aan dacht, steeds kwader. Ik vond het getuigen van een grote minachting tegenover die chauffeur en ik begreep het ook niet. Driehonderd meter. Stel dat je het gevoel hebt dat je dat als burgemeester niet kunt lopen dan pak je toch een taxi. Een beetje taxichauffeur zal zo'n klein ritje weigeren, maar dan geef je zo'n gozer toch een geeltje. Wat is er eigenlijk tegen driehonderd meter lopen?

We hebben het over kruimelwerk. Maar toch! Het gaat over een mentaliteit die niet deugt. Het is geen fraude, maar het verkeerd interpreteren van het begrip chauffeur. Het gerucht gaat dat Ruding in zijn AMRO-tijd ook het verschil tussen werk en privé niet goed begrepen had. Hij ontbood zijn chauffeur om hem op zaterdagavond naar een restaurant in zijn eigen dorp te brengen. Ruding kreeg 's maandags een ouderwetse uitbrander. Nou was dat nog bankpoen en geen gemeenschapsgeld.

Los van het feit of je op je vrije avond je chauffeur wel of niet mag gebruiken. Iemand drie uur laten wachten voor driehonderd meter rijden, dat doe je niet. Wat je dan bent? Een feodale VVD'er uit de jaren dertig.