AFSCHEID VAN DE KOEKJESFABRIEK

Anderhalf jaar was Joop van der Reijden interim-voorzitter van de sportkoepel NOC*NSF. Dinsdag draagt de geslepen roerganger de hamer over aan de nieuwe kopman, Hans Blankert. ,,Een interim moet op een gegeven moment ophoepelen.''

,,Als ik zes jaar jonger was geweest'', zegt Joop van der Reijden, de scheidende interim-voorzitter van sportkoepel NOC*NSF, ,,dan had ik de eerzucht nog gehad om een langere periode te willen blijven. Dan had ik ook willen doorstoten naar het IOC. In 1988 heb ik me gepasseerd gevoeld, toen had ik voorzitter van het NOC willen worden. Daarvoor had ik in die tijd alles opzij gezet.'' Hij klinkt nog steeds verontwaardigd. ,,Mijn naam werd toen niet eens genoemd!''

Van der Reijden beweert dat niemand minder dan de almachtige voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité (IOC), Juan Antonio Samaranch, hem vorig jaar met klem heeft verzocht door te gaan als voorzitter. ,,Hij vond dat ik me nergens iets van moest aantrekken. Maar dat kon natuurlijk niet, het was uitgesloten dat ik zou blijven. Dat paste niet bij mijn rol als interim-manager. Een interim moet op een gegeven moment ophoepelen. Want hij moet zich vaak harder opstellen dan wie dan ook. Iemand die twintig jaar bij de zaak zit, moet hij vertellen dat hij moet vertrekken. Een vaste voorzitter gaat omzichtiger te werk, omdat hij wil dat iedereen hem als baas blijft aanvaarden. Dat is een andere invalshoek.''

Dus draagt hij dinsdag op Papendal netjes de voorzittershamer over. ,,Dan ben ik weg, helemaal weg!'', roept Van der Reijden. ,,Een hand, Auf Wiedersehen. Verder niets. Ze wilden een symposium voor me organiseren, een afscheidsreceptie. Maar dat mot ik allemaal niet hebben.''

Hij was anderhalf jaar voorzitter, een jaar langer dan gepland. Het kon niet anders, zegt hij. Er moesten veel zaken worden geregeld en de in mei officieel benoemde nieuwe kopman, Hans Blankert (scheidend voorzitter van de werkgeversorganisatie VNO-NCW, red.) was niet eerder beschikbaar. Sommige mensen dachten dat Van der Reijden voorzitter wilde blijven, voor een periode van vier jaar of nog langer. ,,Ze dachten dat ik volgend jaar in Sydney lekker naast de kroonprins op de tribune wilde zitten. Dat was dus niet zo. Ik heb vijf Olympische Spelen van nabij meegemaakt, dat is genoeg. De laatste keer, in Lillehammer '92, was ik er als sponsor, als voorzitter van Veronica. Maar ik had een kaart om mijn nek met meer gewicht. Weet je hoe ik daar toen aan kwam? Door mijn goede relatie met Riens Meijer, ha, ha.''

Waarom die afsluitende lach? Omdat nota bene Meijer een van de slachtoffers was uit het oude bestuur, toen Van der Reijden zeven maanden na zijn aantreden een nieuw bestuur presenteerde. Mediaspecialist Meijer stribbelde het langst tegen. Uiteindelijk maakte hij toch plaats. De samenstelling van het bestuur was een van de 34 punten binnen de organisatie die volgens het rapport van Van der Reijden veranderd dienden te worden. Het vorige bestuur zou er een puinhoop van hebben gemaakt. ,,Een puinhoop? Nee, het is onzin om het zo te noemen'', probeert Van der Reijden een lichte nuance aan te brengen. Hij spreekt over ,,een hoge mate van onevenwichtigheid'' tussen bestuur en de mensen op kantoor bij NOC*NSF. ,,Ik weet dat er mensen boos worden over zo'n opmerking, maar alles is als een koekjesfabriek. Of je nou op de lopende band koekjes recht legt of atleten naar Sydney begeleidt. Het is people's business. En als die geklutst is, ontstaan er problemen. Dus moet je die kluts er uithalen.''

Lang niet al zijn voorstellen zijn in praktijk gebracht. ,,We zijn voor een aantal zaken te optimistisch over de tijdspanne geweest'', erkent Van der Reijden. ,,Maar het is niet allemaal mislukt, integendeel. Ik ben zeer voldaan. Er moet nog wel steeds een duidelijke lijn worden ingezet.'' Met vertraging is onlangs eindelijk een nieuwe directeur aangesteld – Theo Fledderus begint op 1 januari. De aanvankelijk door het bestuur voorgedragen kandidaat was niet in de smaak gevallen bij het management. ,,Dus moesten we een nieuwe ronde beginnen. Dat heeft ons een half jaar gekost.''

Frank Kales, de huidige directeur van Ajax, had zich in een vroeg stadium voor de functie op Papendal aangediend. ,,Hij wilde weg uit België en zocht een baan. Hij leek me erg geschikt. Maar het was te vroeg om een beslissing te nemen, ik had net een nieuw bestuur. Bovendien vermoedde ik dat hij te grote ideeën voor een organisatie als NOC*NSF zou hebben. Dan is hij nu bij Ajax op zijn plaats, toch? Hij zou ook te duur zijn geweest. Ik schatte zijn toenmalige salaris op minstens 800.000 gulden. Nou, als ik het had kunnen terugbrengen tot 500.000, dan was het voor NOC*NSF nog te hoog geweest.''

Over de aangestelde Fledderus, nu nog directeur-griffier in Drenthe, heeft de voorzitter goede berichten gehoord en gelezen. ,,Ik benijd hem niet. Het lijkt allemaal zo mooi. Hij mag straks meteen naar Sydney, een A-accreditatie om zijn nek en praten met Willem-Alexander. Potverdorie, wat een baan, denk je dan. Maar dat is schijn, want het is een hondenbaan. Hij moet van alles gaan rechtbuigen, heel veel vergaderen. `Denk er om dat je 's avonds vaak niet thuis bent', heb ik hem voorgehouden.''

Van der Reijden veronderstelt dat hij de afgelopen anderhalf jaar weinig vijanden heeft gemaakt. ,,Maar als ik weg ben, zal er nog wel een en ander loskomen. Zo gaat dat altijd. Dan zullen er mensen zeggen dat ze me altijd een lummel hebben gevonden. Le roi est mort, vive le roi.''

Van der Reijden werd er onlangs van beschuldigd dat hij vlak voor zijn vertrek zijn zoon nog een baantje bij de sportkoepel heeft bezorgd. Van der Reijden jr. werd gevraagd de Internet-site van NOC*NSF op te zetten, ten koste van het oorspronkelijk aangewezen bedrijf. De voorzitter ontkent en zegt dat bestuurslid Brink en interim-directeur Vos daarvoor verantwoordelijk zijn. ,,Ik hoop dat er dinsdag bij de vergadering een opmerking over wordt gemaakt. Dan zal ik nog één keer een ontzettende opdonder geven.'' Hij heeft een brede rug. In zijn hoedanigheid van Veronica-voorzitter werd Van der Reijden als pornoboer betiteld. ,,Veel erger kan toch niet?''

Is zijn opvolger bestand tegen het gekrakeel in de sportwereld? Van der Reijden meent van wel. Hij noemt Blankert ,,een vat vol wijsheid''. ,,Kijk eens hoeveel voorzitters van bonden in het dagelijks leven burgemeester zijn. Die kent Blankert allemaal, hij heeft met hen onderhandeld. Hij is gewend op hoog niveau te functioneren. Aan de andere kant moet hij bij de sporters een beetje door de knieën gaan. Blankert moet zijn eigen weg vinden. Hij moet in het begin vooral goed luisteren, want in het bestuur zitten kundige mensen. Over iemand als Ruud Vreeman loop je niet zo maar heen. Hij heeft heel zinnige opvattingen.''

Van der Reijden is zeer tevreden met zijn vangst. Hij kwam Blankert een jaar geleden op het spoor tijdens een sportberaad. Bij die gelegenheid was kroonprins ook aanwezig. ,,Na afloop ben ik op Blankert toegestapt en heb hem gezegd dat ik eens met hem wilde praten. `We zoeken een vent zoals jij.' Drie maanden later heb ik hem gebeld en toen bleek hij interesse te hebben. Ik was er vroeg bij, daarom maakte ik een kans. Zo'n man wordt nu, bij zijn afscheid van de VNO, bedolven onder de commissariaten. Ik kon hem geen geld bieden. Ik heb altijd een lijstje met namen van mensen die een voorzitterspost, en niet alleen in de sport, kunnen bekleden. Daar stond Blankert aanvankelijk niet op.''

Van der Reijden weet dat mensen van het kaliber-Blankert niet de voorkeur genieten van het nooit weg te cijferen Nederlandse IOC-lid Anton Geesink. ,,Anton heeft er moeite mee, ja. Hij blijft natuurlijk een vrije jongen. Ons bestuur heeft er alles aan gedaan om de verhoudingen met Anton te normaliseren. Er zijn over en weer afspraken gemaakt en beloftes gedaan. Als die straks niet kunnen worden nagekomen, kan ik er ook niets aan doen.''

Opmerkelijk is dat de nieuwe voorzitter zijn gezicht nog steeds niet heeft laten zien bij de sportbonden en hun respectievelijke voorzitters. ,,Dat is de keuze van Blankert'', houdt Van der Reijden zich op de vlakte. ,,Iedereen zingt zijn eigen lied. Ik hoef als 72-jarige een 60-jarige toch niet te vertellen hoe hij de wereld moet inrichten?''

Van der Reijden zal zich na komende dinsdag niet als een soort adviseur bij de volgende vergaderingen op Papendal laten zien. ,,Ben je nou helemaal gek!'', roept hij. ,,Die zaal kom ik nooit meer in, ik kom dat hele gebouw niet meer in. Ik ga mijn opvolger natuurlijk niet voor de voeten lopen. Of ze moeten me vragen iets uit te reiken aan iemand. Maar dan heb ik ook een doel.''

De sport zal hij van afstand blijven volgen. De steeds groter wordende invloed van het geld in de topsport vindt hij soms ,,angstaanjagend''. Hij wijst op sporters die in de jacht op succes naar doping grijpen, scheidsrechters die onder een loodzware druk staan en toeschouwers die steeds grimmiger hun favoriete club aanmoedigen. ,,Ik heb niet de illusie dat die ontwikkeling nog is te stoppen. Ook niet door een invloedrijke instantie als het IOC. De wereld is veranderd, de normen en waarden van vroeger bestaan niet meer. Niets is tegenwoordig meer gek. Het stopzetten in de Verenigde Staten van een ijshockey- of basketbalwedstrijd voor reclamespots of de gelovige Feyenoorder Bert Konterman – die op de NCRV-televisie zegt dat hij tegenwoordig op zondag voetbalt maar nog wel dagelijks in de bijbel leest – zijn nog de meest onschuldige voorbeelden van commercialisering en grensoverschrijding in de sport. Maar het gaat helaas veel verder. Soms verdwijnt zelfs het zuivere competitie-element, dan wordt het theater.''

Van der Reijden maakt zich ook zorgen over de breedtesport. Hij spreekt van ,,couveuse-sport''. ,,We moeten uitkijken dat de politiek niet bepaalt wie welke sport uitkiest. Alleen maar omdat het zo goed is voor lichaam, geest én de integratie. Je kan in de Haagse Schilderswijk een mooi tennisveldje aanleggen, maar wil die moeilijke jeugd dat eigenlijk wel? Of wilde de overheid dat? Daar moeten we goed op letten. Als de keuze voor een sport niet uit het hart komt, heeft het geen nut.''

Het is de laatste boodschap van de scheidende interim-voorzitter. Volgend jaar zwaait hij ook af bij Veronica. Daarna gaat Van der Reijden zich weer bezighouden met het opzetten van een gezondheidscentrum. Maar hij zal altijd blijven luisteren naar hulpkreten uit de sportwereld. ,,Ik wil best wel even helpen. Maar ik zal niet zoals meteen `ja' zeggen. Je moet nooit voor de tweede keer hetzelfde kunstje doen.''

Wanneer het met Blankert onverhoopt misgaat, hoeft NOC*NSF niet meer bij Van der Reijden aan te kloppen? ,,Dan zullen ze ook nooit meer doen. Omdat ze weten hoe ik optreed. Dat willen ze één keer, maar nooit weer.''