Teleurgesteld in het paradijs

Dampende oerwouden, meterslange gifslangen, stomdronken indianen, kolkende rivieren; dat is de wereld waarin schrijver Jan Brokken zich thuis voelt. Al debuteerde hij in 1984 met de oer-Hollandse polderroman De provincie, in de rest van zijn werk zoekt hij het liefst tropische oorden op. Hij schreef spannende reisverhalen over Afrika, Indonesië en Curaçao en hij probeert in zijn eentje de traditie van het zeeverhaal vlot te trekken, getuige zijn roman De blinde passagiers (1996).

In Jungle Rudy trekt Brokken door het oerwoud van Venezuela naar de kilometersbrede Angel Falls. Zijn gids zou Rudy Truffino zijn, een legendarische Nederlandse avonturier die in zijn eentje een uniek oerbos heeft ontsloten. De broodmagere pionier zou in de wildernis wonen, omringd door indianen. 's Avonds draait hij Don Giovanni van Mozart. Als Truffino niet komt opdagen, groeit Brokkens nieuwsgierigheid. Hij trekt de jungle in het voetspoor van Truffino de jungle in en schrijft daarover: `Ik wilde die legende nu wel eens in levende lijve zien. Ik wilde hem horen praten, lachen, schelden, opscheppen; ik wilde dat door veertig jaar jungle gehavende lijf met eigen ogen aanschouwen.' Een ontmoeting blijkt echter onmogelijk te zijn.

Het resultaat van deze speurtocht is een aantrekkelijk mengsel van een reisverhaal, een biografie en een verslag van het totstandkomen van die biografie. Truffino is een legendarisch figuur. De Haagse bankierszoon raakte ooit vermist in de wildernis, hield zich in leven met wurmen en mieren, werd gered door de indianen, stampte een nederzetting uit de grond en gidste sindsdien vele expedities, filmploegen en beroemdheden als prins Bernhard en prins Charles door het gebied. Hij kende rijkdom en honger, hij zocht naar diamanten, vocht met slangen, brak alle botten in zijn lijf; kortom, een levensverhaal om van te smullen.

De reislustige romanticus Brokken herkent zichzelf in Truffino. Ze houden van dezelfde muziek, lezen dezelfde boeken, en proberen allebei het benauwde Nederland te ontvluchten, al durft Brokken nooit zover te gaan als de pionier. Zo is Jungle Rudy naast een portret van Truffino ook een zelfportret.

Brokken is zowel journalist als literator. Naast romans publiceert hij reportages en interviews met schrijvers (Spiegels) en muzikanten (Met musici). Zijn vorige roman, De droevige kampioen (1997), is een nepbiografie waarin harde feiten zijn verwerkt. Jungle Rudy is omgekeerd een echt gebeurd verhaal met romantrekjes. Brokkens pure fictie is niet zo geslaagd. In het psychologisch duiden van zijn personages is hij weinig subtiel. Zijn stijl is niet bijzonder, vaak ietwat te gespierd en niet vrij van clichés. Hij is vooral sterk in feitenonderzoek en in het smakelijk vertellen van een spannend verhaal. Zijn beste boeken zijn die waarin hij waarheid en dichtwerk door elkaar mengt.

Jungle Rudy staat vol sterke verhalen, met dodelijke slangen, wonderbaarlijke genezingen en neerstortende vliegtuigen. Grappig en spannend is het verhaal over Brokkens ontmoeting met een bosmeester, een zeer giftige slang. Brokken zit te eten in een hutje als hij iets tegen zijn voet voelt wrijven. Aanvankelijk denkt hij dat zijn geminachte mormoonse reisgenote met hem wil voetjevrijen, maar het blijkt een slaperige slang te zijn. `Ik wees er Josef op. Die brulde: ``een bosmeester'. De indianen stonden als eersten op de bank, de mormonen en ik volgden een honderdste van een seconde later.' Brokkens koelbloedige gids spiest het monster aan een kromgebogen vork.

Jungle Rudy is meer dan een bundel sterke verhalen. Het is een mooi boek omdat Brokken van Truffoni een grootse tragische held weet te maken; een man die veel bereikt heeft, maar die uiteindelijk alles zag mislukken. La Grande Sabana, het prachtige gebied dat hij ontdekte, wordt vertrapt door toeristen en ander gespuis dat Truffino zelf heeft aangetrokken. Zelfs de oorspronkelijke bewoners, de Pemón-indianen, werken hard mee aan de vernietiging van het bos. Dit is de tragiek van iedere ontdekkingsreiziger: ze aanschouwen het paradijs maar zetten daarmee ook het verval in gang.

Ook op het persoonlijke vlak loopt alles verkeerd. Truffino's huwelijk mislukt, zijn dochters worden hard en verbitterd, zijn grote liefde Els blijft liever bij haar man, en zelfs de indianen vervreemden van hem als hij ze verbiedt het bos leeg te stropen. Truffino blijft alleen achter. Brokken besluit met de levensles die ook in zijn andere boeken te vinden is: niemand kan ontkomen aan wat hij heeft achtergelaten. Zo wist Truffino, hoe ver hij ook de wildernis introk, zich niet te onttrekken aan zijn stijve Haagse opvoeding die hem nooit had geleerd wat warmte en menselijk contact is.

Brokken, die zo enthousiast zijn speurtocht naar Truffino begon, raakt gaandeweg ook teleurgesteld in het paradijs. De indiaanse beschaving blijkt verre van ideaal, het oerwoud verwordt tot een hete hel waar de teken zich aan je ballen vastzuigen, en zijn held Truffino valt ook een beetje van zijn voetstuk. Op het einde van zijn speurtocht ziet Brokken voornamelijk verval en ellende. En dat, tenslotte, is toch ook weer een geruststelling voor de thuisblijvers.

Jan Brokken: Jungle Rudy. Atlas, 270 blz. ƒ39,90