Heksenjacht in China tegen religieuze sekte

De Chinese autoriteiten zijn een grootscheeps offensief begonnen tegen de massabeweging Falun Gong. Daarbij zijn de afgelopen dagen honderden geloofsaanhangers opgepakt. Het optreden valt samen met een vergadering van het Volkscongres, het Chinese parlement, dat zich momenteel buigt over een voorstel van de Communistische Partij om wettelijk vast te leggen dat ,,religieuze culten die de staat ondermijnen'' verboden zijn.

De Chinese regering acht de duizenden officieuze religieuze groeperingen, waarvan de Falun Gong de grootste is, staatsgevaarlijk. De `antisektenresolutie', waarover zondag zal worden gestemd, wordt vrijwel zeker aangenomen.

Het offensief dat het Chinese propagandaministerie heeft ontketend tegen de volgelingen van Li Hongzhi, de in de Verenigde Staten wonende leider van de Falun Gong, heeft, sinds de beweging in juli per decreet werd verboden, de vormen aangenomen van een heksenjacht zoals die sinds de Culturele Revolutie niet meer is gezien. De aanhangers van de spirituele theorie, die de traditionele Chinese qigong – ademhalings- en bewegingstechnieken – combineert met elementen uit het boeddhisme en taoïsme, zijn deze week door de Chinese autoriteiten bij bosjes van het Plein van de Hemelse Vrede in Peking gehaald. Daar hielden zij, grenzend aan de vergaderhal van het Volkscongres, een stil protest. Elders in het land zijn de afgelopen maanden duizenden aanhangers ondervraagd, opgepakt, en volgens een Amerikaanse woordvoerster van de groep, mishandeld. Twee aanhangers van de sekte zouden daarbij zijn overleden.

De regering heeft een lastercampagne tegen de Falun Gong ontketend die wordt gekenmerkt door een eindeloze herhaling van dezelfde thema's: Li Hongzhi en zijn Falun Gong zijn gevaarlijk, staatsondermijnend, misleidend en vooral onwetenschappelijk. Aan met name dat laatste punt hechten de in naam marxistische leiders van het land veel belang. Marxisten, zo heeft de partij haar leden de afgelopen tijd helpen herinneren, zijn atheïsten, en bijgeloof, aldus president en partijchef Jiang Zemin, ,,vertroebelt het denken en ondermijnt de socialistische eenheid'' in het land. De partijtop blijkt vooral verontrust over de belangstelling voor de Falun Gong onder de partijgeledingen. Volgens de staatsmedia hebben zich 2,2 miljoen Chinezen aangesloten bij de Falun Gong. De beweging zelf schat haar aanhang op tachtig tot honderd miljoen.

Een belangrijke persoonlijkheid in het nationale offensief tegen de Falun Gong is Sima Nan. De auteur en televisiester heeft er de afgelopen jaren zijn professie van gemaakt om de massa ervan te overtuigen dat de vele `meesters' (dashi) die China telt, in feite volksverlakkers zijn. ,,Aanvankelijk was ik ook onder de indruk van de supernatuurlijke krachten van meesters als Li Hongzhi'', zegt Sima tijdens een persbijeenkomst in Peking.

Maar uiteindelijk voelde Sima zich in de maling genomen. ,,De irrationele hysterie die dit soort mensen teweegbrengen bij het volk, is gevaarlijk.'' Daarom wil hij zijn landgenoten aan de hand van soortgelijke `meester'-trucs laten zien dat zij bedrogen worden. Sima kauwt op glas, slaat stenen kapot met een beker, en hakt chopsticks doormidden met een Chinees briefje van honderd. Vervolgens legt hij uit op welke manier de meesters dat alles voor elkaar krijgen. Van het zelfstandige denk- en beslissingvermogen van het Chinese volk heeft hij, evenals de regering, geen hoge pet op. ,,Chinezen zijn erg praktisch en derhalve gemakkelijk te misleiden'', meent Sima.

Ook de media hebben alles uit de kast gehaald om aan te tonen hoezeer Li Hongzhi zijn volgelingen heeft misleid. Artikel na artikel beschrijft het verwerpelijke leven van Li en praat zijn handboek, de Zhuan Falun, de grond in. Volgens een goed ingelichte politicoloog is de ongekende lastercampagne het resultaat van de eigenhandige naamszuivering van propagandaminister Ding Guangen, die aanvankelijk, evenals veel lieden binnen de partij, sympathie zou hebben gehad voor de beweging.

Op de vraag waarom Chinezen zich massaal en met veel vervoering aan Li Hongzhi hebben overgeven, geven de Chinese media geen antwoord. De reden daarvan heeft ongetwijfeld te maken met het besef van de Chinese regering dat veel Chinezen bij gebrek aan een geloofwaardige partij-ideologie op zoek zijn naar spirituele alternatieven. De meeste Falun Gong-leden zijn mensen van middelbare leeftijd die gedesillusioneerd zijn over de afbraak van de socialistische welvaartsstaat. Hun vertrouwen in de communistische partij hebben zij verloren en eenvoudige, doorgaans traditionele levenstherapieën zoals die van Li Hongzhi, bieden hun verlichting.

Volgens `ontmaskeraar' Sima Nan heeft de Falun Gong het rigide optreden van de regering aan zichzelf te danken. Had de beweging in april dit jaar maar niet met meer dan tienduizend aanhangers voor de poorten van het regeringscentrum gestaan, dan zou er waarschijnlijk niets zijn gebeurd. Sima dankt hen echter voor dat stil protest: ,,De partijtop was gewaarschuwd. Stel dat ze nog 20 jaar hadden kunnen voortbestaan, dat zou rampzalig zijn geweest.''