Vleesoorlog gaat over principes

Frankrijk weert Brits rundvlees omdat niet duidelijk is of het schadelijk of onschadelijk is. Een wetenschappelijk comité moet de Europese Com- missie uitkomst bieden.

Het wordt een vleesoorlog genoemd, maar vlees is er tot nu toe bijzonder weinig aan te pas gekomen. De hoeveelheid rundvlees die Groot-Brittannië sinds de opheffing van het exportverbod per 1 augustus heeft verkocht aan lidstaten van de Europese Unie is volgens een woordvoerster van de Europese Commissie ,,zeer klein''. Frankrijk weigert Brits rundvlees toe te laten, maar de andere Europese landen hebben tot nu toe ook niet veel trek.

Het is voorlopig ook meer een kwestie van principe dan van substantie waarover vandaag en morgen een wetenschappelijk comité in opdracht van de Europese Commissie debatteert. Dat comité, met zestien geleerden uit verschillende Europese landen, moet zich een oordeel vormen over een Frans wetenschappelijk rapport op grond waarvan de Franse regering heeft besloten de grenzen voor Brits rundvlees dicht te houden.

Frankrijk meent dat er nog niet voldoende garanties zijn dat het Britse vlees geen gevaar oplevert voor de volksgezondheid. Volgens wetenschappers bestaat mogelijk verband tussen de in Groot-Brittannië nog steeds op ruime schaal voorkomende gekkekoeienziekte (BSE) en de ziekte van Creutzfeldt-Jakob, een hersenziekte die voor mensen dodelijk is.

De ministers van Landbouw van de EU besloten in juli met een gekwalificeerde meerderheid (Frankrijk onthield zich, Duitsland stemde tegen) de deur voor Brits rundvlees op een kiertje te openen. Dat gebeurde nadat de Europese Commissie oordeelde dat Britse maatregelen ter bestrijding van de gekkekoeienziekte toelating van een beperkte hoeveelheid Brits rundvlees op de EU-markt rechtvaardigden. Sindsdien mag rundvlees uit slechts één streng gecontroleerd Brits slachthuis worden uitgevoerd. Het vlees moet zijn van dieren die niet ouder zijn dan dertig maanden en waarvan de moeders geen BSE hebben.

Omdat Frankrijk een EU-besluit negeert, kan de Europese Commissie dat land voor het Europese Hof van Justitie dagen. Maar Europees Commissaris Byrne (volksgezondheid en consumentenbescherming) voelt voor zo'n hard optreden weinig en heeft gezegd dat de zaak ,,diplomatiek'' moet worden opgelost. Hij wacht eerst af wat het oordeel van het wetenschappelijk comité is over het Franse standpunt dat het nog te vroeg is om Brits vlees toe te laten. Dat comité, onder voorzitterschap van een Fransman, wordt geacht onafhankelijk van de politiek te zijn. Of de Franse, Britse, Duitse, Belgische, Zweedse, Spaanse en Nederlandse leden ervan dat ook werkelijk zullen zijn is onduidelijk. Ze zijn in ieder geval niet verbonden aan ministeries van de EU-lidstaten, zoals wel het geval is bij het veterinair comité.

Eerder deze week kwam een wetenschappelijke werkgroep, die de bijeenkomst van het wetenschappelijk comité van vandaag moest voorbereiden, niet tot een eensluidend standpunt over de Franse bezwaren tegen het Britse rundvlees. Als morgen ook geen eensluidend advies naar de Europese Commissie gaat, zit deze met een flink probleem. Als zij besluit om Frankrijk voor het Hof van Justitie te dagen wegens overtreding van de regels van de Europese interne markt, verzwakt zij de Europese argumentatie bij conflicten met de VS over hormonenvlees en genetisch gemanipuleerde landbouwproducten. De EU weert deze producten uit voorzorg, omdat hun schadelijkheid noch hun onschadelijkheid voor de volksgezondheid is bewezen. Frankrijk hanteert hetzelfde argument van voorzorg ter bescherming van de Franse consumenten bij de weigering om Brits rundvlees toe te laten.

Het is nog niet duidelijk wanneer de Europese Commissie op basis van de conclusies van de wetenschappers een standpunt inneemt. De Franse minister van Landbouw, Glavany, heeft gezegd een ,,wetenschappelijk gefundeerde uitweg'' voor het conflict te willen. Brusselse diplomaten menen dat Frankrijk eventueel bereid is het verbod op invoer van Brits rundvlees op te heffen in ruil voor nog strengere EU-controles in Groot-Brittannië dan de huidige, die de Britse minister van Landbouw Brown al ,,draconisch'' heeft genoemd. Voorlopig zitten de Britten met het probleem dat het Britse rundvlees, waarvan de export al sinds 1996 stil ligt, opnieuw negatief in de publiciteit is gekomen.