Océ raakt in de gratie op stille beurs

Geholpen door een sterke dollarkoers deed het Damrak het vanmorgen beter dan de meeste andere Europese beurzen. Océ was een van de uitschieters op een rustige beurs.

Evenals de rest van Europa was de stemming in Amsterdam afwachtend. Vanmiddag zou de eerste schatting van de economische groei in het derde kwartaal in de verenigde Staten worden gepubliceerd. Dat zorgde al voor onzekerheid, maar de grote onbekende is de uitkomst van de terugrekening van het Amerikaanse bbp volgens een nieuwe methode.

Die nieuwe methodiek, waarin onder meer bestedingen aan software door bedrijven voortaan als investeringen zullen gelden, geeft nieuwe indicaties voor de productiviteit in de VS. Ook de inflatie waarmee het bbp wordt verrekend, en de loonkostenindex van de VS werden vanmorgen van belang geacht op de beurzen.

De obligatiemarkt was vriendelijk, door koersstijging gisteren in Europa en vervolgens ook in de VS, en zorgde voor een bodem onder de koersen.

De AEX-index kon daarom 4,84 punten omhoog tot 557,23 punten, en was met die stijging van 0,9 procent een uitschieter onder de Europese beurzen. dat de Amsterdamse beurs zo snel steeg, was voor een deel te danken aan de sterkere dollar, die 1,0533 dollar per euro noteerde. Dat is de sterkste dollarkoers sinds 29 september. Handelaren vermoeden dat de onderliggende factor de koers van de yen is, die sterk steeg tegenover de dollar op 104 yen per dollar, en de Amerikaanse munt mee omhoog sleepte tegenover de euro.

De zwaargewichten trokken de Amsterdamse beurs omhoog. Elektronicagigant Philips steeg een halve euro op 90,90, Koninklijke Olie kreeg er 35 eurocent bij op 56,40. De grootste verdiener was echter Océ. De kopieerapparatenfabrikant kreeg er van beleggers bijna 3 procent bij op 15,43 euro, nadat de nieuwe topman van het concern, Van Iperen, eerder deze week liet weten niet zonder meer tegen elke vorm van samenwerking met een grote branchegenoot te zijn.

Als sector deden de financiële waarden het wel aardig, in navolging van koersstijgingen van banken in New York gisteravond. De Nederlandse banken en verzekeraars zagen hun waarde elk ongeveer 1 procent stijgen, waardoor Aegon uitkwam op 83,20 euro, ABN Amro op 21,87 euro en ING op 53,28. Alleen bankverzekeraar Fortis ging met een stijging van circa 0,3 procent iets langzamer, naar 30,51 euro.

Buhrmann kwam weer wat bij van zijn koersdaling gisteren. Toen eindigde Buhrmann 3,2 procent lager omdat de melding van een winststijging met 35 procent niet opwoog tegen de aankondiging van een aandelenemissie. Vanmorgen krabbelde Buhrmann 1 procent terug op 16,80 euro.

Ook VNU bleef zwak onder de gisteren gestarte aandelenemissie van de uitgever. Aandelen VNU moesten met 0,2 procent terug tot 31,18 euro.