Litouwse crisis om oliebedrijf

Premier Rolandas Paksas van Litouwen is gisteren afgetreden wegens de verkoop van een de belangrijkste bedrijven aan het buitenland. De verkoop maakt volgens Paskas, die de steun heeft van het IMF, het land bankroet.

Rolandas Paksas, bij zijn aantreden als premier van Litouwen in mei 's lands populairste politicus, was lang stuntpiloot. Gisteren viel de voormalige hoogvlieger over iets zeer laag-bij-de-gronds: geld. Paksas weigerde te wijken voor de druk, het verlieslijdende olieconcern Mazeikiu Nafta aan de Amerikanen te verkopen. Hij trad liever af. En dat deed hij gisteren.

Mazeikiu Nafta is meer dan zomaar een oliebedrijf: het is een combinatie van een raffinaderij, een systeem van oliepijplijnen en olie-opslagplaatsen die goed is voor tien procent van het Litouwse BNP. In de eerste negen maanden van dit jaar beliep het verlies van deze hoeksteen van de Litouwse economie veertig miljoen dollar. Een mooi argument om het bedrijf te privatiseren en over te doen aan de Amerikaanse groep Williams International, die er – net als het Russische LukOil – veel belangstelling voor heeft.

Maar die verkoop, waarover twee jaar is onderhandeld en die morgen zou moeten worden geëffectueerd in een contract, stuitte bij de premier op bezwaren, omdat de Amerikanen er een fors prijskaartje aan hingen: ze eisten van de Litouwse regering 350 miljoen dollar aan leningen op lange termijn. Als Vilnius daarmee instemde, zouden de Amerikanen voor 150 miljoen dollar 33 procent van Mazeikiu Nafta kopen, met een optie dat aandeel tot 51 of 66 procent te vergroten.

En daarvoor voelde Paksas niet, omdat Litouwen zich naar zijn oordeel niet kan veroorloven 350 miljoen dollar uit te lenen. Het land zou daarmee de facto failliet gaan, zo betoogde hij. ,,Dit gaat onze capaciteit te boven.'' De leningen zouden het begrotingstekort opdrijven tot bijna tien procent en de relaties met het IMF in gevaar brengen. Het IMF had al gedreigd het overleg over nieuwe leningen af te breken als de transactie met de Amerikanen zou doorgaan. Het Fonds keerde zich tegen de financiële implicaties van de lening van 350 miljoen dollar. Voor Paksas kwam daar nog bij dat hij het niet wenselijk vond een buitenlands bedrijf zo'n grote zeggenschap te geven over de Litouwse energiesector. Mazeikiu is een monopoliebedrijf.

Ondanks die bezwaren keurde begin deze week het Litouwse kabinet de verkoop van het Litouwse mammoetbedrijf aan Williams International goed. De voorstanders van de transactie – onder wie president Valdas Adamkus – hopen dat de Amerikanen het noodlijdende bedrijf met flinke investeringen op de been kunnen helpen. Na de stemming stapten twee ministers – die van Financiën en die van Economische Zaken – boos op. Paksas, de enige in zijn eigen kabinet die zich nog tegen de transactie verzette, bleef aan in de hoop van Williams alsnog concessies los te krijgen. Die kwamen echter niet, en daarmee bezegelde Williams in feite het lot van Paksas en zijn regering – volgens sommige Litouwse commentaren een weinig hoopgevend begin van een relatie met een nieuwe investeerder.

De controverse en de regeringscrisis komen Litouwen heel slecht uit: de economie bevindt zich officieel in een recessie. Het BNP daalde in het eerste kwartaal van dit jaar met 5,8 procent in vergelijking met het eerste kwartaal van vorig jaar. In het tweede kwartaal daalde het nog verder, met vier procent. Het BNP krimpt nu vier trimesters achter elkaar. De belangrijkste oorzaak is het onvermogen van de Litouwers, voor hun buitenlandse handel een alternatief te vinden voor de handel met Rusland, veruit de belangrijkste handelspartner. Rusland nam in 1997 nog meer dan een kwart van de export van Litouwen voor zijn rekening en leverde Litouwen eveneens meer dan een kwart van zijn import. Die afhankelijkheid werd voor Litouwen funest toen Rusland vorig jaar ten prooi viel aan zijn zware financiële crisis. Ironisch genoeg past de verkoop van Mazeikiu Nafta in de pogingen die schade te beperken. Tot nu toe is Litouwen geheel afhankelijk van Russische olie. Door de Amerikanen binnen te halen willen de voorstanders van de transactie een zinvol evenwicht geschapen.

Juist deze maand kreeg Litouwen van de EU te horen dat het mèt elf andere kandidaat-lidstaten mag komen overleggen over toetreding. Dat betekende een bevordering, want in de oorspronkelijke kopgroep van kandidaat-leden kwam Litouwen niet voor. Als de voorspelling van Paksas over een dreigend faillissement zelfs bij benadering bewaarheid wordt, kan Litouwen binnenkort weer even hard worden teruggeworpen op de weg naar Europa.

De politieke gevolgen van de crisis zijn nog niet duidelijk. De regerende Conservatieven hebben een betrekkelijk comfortabele meerderheid in het Litouwse parlement. De oppositie wil zo snel mogelijk een referendum – over de vraag of Mazeikiu aan de Amerikanen moet worden verkocht. En dat riekt een beetje naar 1996, toen de regerende ex-communisten werden weggevaagd bij verkiezingen, die waren veroorzaakt door een bankcrisis.