Kok: handelsmissie Cuba erg politiek

Op 22 september las minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) bij de VN in New York zijn Cubaanse collega, Felipe Pérez Roque, de levieten over het Cubaanse mensenrechtenbeleid. Duidelijk was dat hij daarmee óók uitsprak dat een al maanden geplande Nederlandse handelsmissie naar Cuba wat hem betreft eigenlijk alleen kon doorgaan wanneer Cuba tijdig beterschap zou beloven. Want anders zou er sprake zijn van een ,,verkeerd signaal''.

Even daarvoor had Van Aartsen in de Tweede Kamer nog eens herhaald dat Buitenlandse Zaken vooraf goedkeuring moet geven aan reizen van ministers naar derde landen met een omstreden mensenrechtenbeleid (zoals Iran, China, Cuba). Dat was in zoverre ook interessant waar een van zijn hoogste ambtenaren, de directeur-generaal politieke zaken, in februari bij een oriëntatiebezoek aan Cuba al was gebleken dat het regime daar hoegenaamd geen oor had voor vertogen over mensenrechten. Integendeel, zei het Tweede-Kamerlid Karimi (GroenLinks) gisteren tijdens het mondelinge vragenuurtje: ,,De gesprekspartners ontkenden dat van enig gebrek aan vrijheid van het individu of schending van mensenrechten sprake was''. Nadien verscherpte Cuba de bestraffing van mensen die contacten met buitenlanders hebben en volgde een proces tegen vier bekende dissidenten.Misschien ook wel daarom spraken Van Aartsen en Pérez in New York af dat de Cubaanse regering in een brief aan Den Haag alsnog beterschap zou beloven. Die brief is volgens Buitenlandse Zaken nog steeds ,,onderweg''. Maar omdat een besluit over het vertrek van de handelsmissie niet langer kon worden uitgesteld, ging Van Aartsen er maandagmorgen in een gesprek met minister Jorritsma (Economische Zaken) toch mee akkoord dat de handelsmissie als gepland zou vertrekken. Zij het met een brief van Van Aartsen voor de Cubaanse regering over het mensenrechtenbeleid en op voorwaarde dat Ybema waar mogelijk ook daarover zou spreken.

Van Aartsen was gisteren in Washington op bezoek bij zijn Amerikaanse collega, Albright, wier land de handel met Cuba wettelijk verbiedt en niet-Amerikaanse investeerders met sancties bedreigt, al trekken onder meer de Europese landen zich daarvan weinig aan. Niettemin zeiden Albright en Van Aartsen gisteren op een gemeenschappelijke persconferentie in Washington dat er tussen Nederland en de Verenigde Staten ,,geen belangrijk verschil van mening'' bestaat over de kwestie-Cuba.

Gisteren antwoordde premier Kok in de Tweede Kamer op kritische mondelinge vragen van CDA en GroenLinks. De contacten tussen Havana en Den Haag sinds zijn gesprek met zijn collega Pérez, een maand geleden, hebben Van Aartsen volgens Kok tot de overtuiging gebracht ,,dat een kritische dialoog thans de meest effectieve bijdrage kan leveren aan de verbetering van de mensenrechtensituatie in Cuba''. En Kok vervolgde: ,,Het is en blijft een handelsmissie, maar dan met een hoog politiek karakter als het gaat om het aan de orde stellen en kritisch bespreken van de mensenrechtensituatie in dat land. Nederland staat daar namelijk buitengewoon kritisch tegenover.'' Morgen vertrekt Ybema als eerste woordvoerder in die dialoog.