Kamer steunt werk in deeltijd

Werknemers in bedrijven met meer dan tien personen krijgen een wettelijk recht om in deeltijd te gaan werken. De Tweede Kamer heeft gisteren ingestemd met het wetsvoorstel `Aanpassing arbeidsduur'.

De wet biedt werknemers de mogelijkheid bij hun werkgever af te dwingen korter of langer te gaan werken. De werkgever kan evenwel zo'n verzoek weigeren als hij kan aantonen dat het bedrijfsbelang wordt geschaad als een werknemer korter of langer gaat werken. In CAO's kan overigens worden afgesproken dat de werknemer alleen recht heeft op korter werken en niet op een langere arbeidstijd. Vooral VVD en CDA drongen hier op aan.

Dezelfde fracties steunden samen met de kleine christelijke fracties een wijzigingsvoorstel waarin de grens van tien werknemers wordt vastgelegd, waardoor de deeltijdwet niet voor kleine bedrijven zal gelden. Dit is een streep door de rekening van staatssecretaris Verstand (Sociale Zaken) die zei dat daardoor 16 procent van de bijna zeven miljoen werknemers een recht op het werken in deeltijd wordt onthouden. ,,Die kleine bedrijven moeten nu toch zelf een regeling zien te treffen'', aldus Verstand. ,,De arbeidsmarkt voor het kleinbedrijf is al behoorlijk krap.''

De voorzitter van de werkgevers in het midden- en kleinbedrijf, H.de Boer, pleitte om die reden gisteren tijdens het najaarsoverleg tussen sociale partners en kabinet voor verlenging van de werkweek tot veertig uur en het langer doorwerken van oudere werknemers.

Het amendement van het CDA dat de grens voor de werking van de wet op tien werknemers legde, haalde het met één stem verschil. Van de tegenstemmende PvdA-fractie waren vijf leden afwezig. Vóór stemden uiteindelijk alle fracties, behalve de SGP.

Het is de tweede keer dat de Tweede Kamer voor een deeltijdwet stemt. Eerder gebeurde dat met een initiatiefwetsvoorstel van Rosenmöller (GroenLinks). Zijn voorstel sneuvelde evenwel in de Eerste Kamer door toedoen van de VVD en het CDA, die meenden dat niet de wetgever het werken in deeltijd moet regelen, maar de sociale partners in onderling overleg. Nu vormen VVD en CDA een meerderheid in de Eerste Kamer.