Verdachte in moord op Jansons

Justitie in Utrecht zegt een serieuze verdachte te hebben in de moordzaak van begin dit jaar op de 13-jarige Sybine Jansons uit Maarn.

DNA-sporen die op het lichaam van het meisje zijn aangetroffen komen gedeeltelijk overeen met het DNA-profiel van de 36-jarige M.C. uit Nieuwegein. De man is op 19 september aangehouden op verdenking van verkrachting in september van een Transavia-stewardess en van een 16-jarig meisje uit Nieuwegein.

Vanmorgen bleek dat M.C. een behandeling in tbs heeft weten te voorkomen door na een eerdere veroordeling in cassatie te gaan, waarmee de termijn voor tbs verstreek. De man werd begin jaren negentig verdacht van een serie verkrachtingen in Amsterdam. Aanvankelijk werd hij veroordeeld tot celstraf en tbs. De Hoge Raad verwees zijn zaak terug naar het gerechtshof in Den Haag, waar hij negen jaar celstraf kreeg opgelegd. Het hof kon de man niet meer veroordelen tot tbs, omdat het rapport van het Pieter Baan Centrum in Utrecht, dat daartoe positief adviseerde, verjaard was.

De termijn daarvoor was een jaar en volgens een regeling die inmiddels is gewijzigd kon een weigerachtige verdachte daarna niet worden verplicht een tweede keer een psychiatrisch onderzoek te ondergaan.

Sybine Jansons verdween op 19 januari op weg van haar school in Doorn naar haar huis in Maarn. Op 24 februari werd haar lichaam gevonden in een vaart bij Breukelen. Ze bleek seksueel te zijn misbruikt en was kort naar haar verdwijning om het leven gebracht.

Na strafvermindering heeft M.C. zes jaar in de cel doorgebracht. Nadat hij vorig jaar vrijkwam, vond hij werk als buschauffeur bij het toenmalige Midnet, nu Connexion. Begin dit jaar reed hij op de route tussen Maarn en Doorn. Een woordvoerder van het busbedrijf zegt dat M.C. een contract had via een uitzendbureau.

Een week na de verdwijning van Sybine Jansons is M.C. door de politie gehoord tijdens een grootschalig passantenonderzoek. Wegens de omvang van dat onderzoek zijn de gehoorden niet nagetrokken op een justitieel verleden. Tijdens verhoren van M.C. wegens de twee verkrachtingen in september kwamen volgens justitie aanwijzingen boven tafel die de man tot verdachte in de zaak-Jansons maakte.

De raadsman van M.C. noemt deze aanwijzingen, voorzover hij daarvan op de hoogte is gesteld, ,,vaag''. In het proces-verbaal wordt genoemd dat de man busschauffeur op de route was, dat hij Breukelen goed kent en dat hij ,,zeer snel vertrouwen'' kan wekken.

M.C. ontkent betrokken te zijn bij de dood van Sybine Jansons en de twee verkrachtingen. Over de aard van het DNA-materiaal wil justitie nog geen mededelingen doen. Omdat het lichaam van het meisje lange tijd in het water heeft gelegen, kunnen de sporen zijn beschadigd. Een DNA-test draait om zogenoemde `short tandem repeats' (STR). Dit zijn stukjes zich herhalend DNA-materiaal. Met één STR is het statistisch mogelijk is om circa 70 personen te onderscheiden. Het gerechterlijk laboratorium heeft zeven verschillende STR's nodig om op basis van kansberekening voldoende zekerheid te hebben dat een DNA-profiel het profiel van één persoon is. Het is nu de vraag of in de sporen op het lichaam van Sybine Jansons voldoende STR is aangetroffen om die zekerheid te geven.