Israel en Turkije nòg nader tot elkaar

De Israelische premier Ehud Barak heeft gisteren met een bezoek aan Turkije de relaties met dat land verder aangehaald. In de omgeving wordt deze verhouding met grote zorg gevolgd.

De al zeer warme Turks-Israelische betrekkingen, een bron van zorg in de regio, zijn gisteren nog verder aangehaald met het eendaagse bezoek van de Israelische premier, Ehud Barak, aan Turkije.

Het was het eerste officiële bezoek van een Israelische premier aan het land. David Ben-Gurion was er 41 jaar geleden ook, maar in het geheim: het was nog lang niet de tijd voor een openlijk Israelisch bezoek. Wel had de Israelische president, Ezer Weizman, in 1994 een officieel bezoek aan Turkije gebracht.

Baraks bezoek kreeg veel aandacht in de Turkse media, die zich er over het algemeen zeer positief over uitlieten. Uitzondering vormde – niet toevallig – de fundamentalistisch-islamitische pers: die verketterde het bezoek van ,,de zionist'' aan een land met 60 miljoen moslims.

Barak legde, zoals dat hoort, een krans bij het mausoleum van Kemal Atatürk, de stichter van de moderne, strikt seculiere Turkse republiek, werd ontvangen door premier Bülent Ecevit, en ging vervolgens naar president Süleyman Demirel. Buiten de publiciteit had hij later een ontmoeting met minister van Defensie Sabahattin Cakmakoglu en ten slotte ook met minister van Buitenlandse Zaken Ismail Cem.

Barak zei dat hij met Ecevit had gesproken over samenwerking op het gebied van water (Turkije is een potentiële waterleverancier), landbouw, infrastructuur en toerisme en over ,,veiligheidszaken''. Op een persconferentie samen met Ecevit onderstreepte Barak dat op al deze gebieden de samenwerking zal worden versterkt.

Het militaire aspect van zijn bezoek en van de bilaterale betrekkingen werd door Barak, die zelf ook minister van Defensie is en die begin jaren negentig als chef-staf een belangrijk aandeel heeft gehad in de onderlinge militaire toenadering, tijdens zijn bezoek verdoezeld. Op de persconferentie maakte hij geen melding van nieuwe wapencontracten – Israel wil Turkije onder andere satellieten leveren en is zeer geïnteresseerd in het moderniseringsprogramma van de Turkse strijdkrachten. En in een toespraak in het door de aardbeving van augustus zwaar getroffen Adapazari sloeg hij een in de vooraf verspreide tekst vermelde zin over defensiesamenwerking over.

Wel onderstreepten Barak en Ecevit eens temeer uitdrukkelijk dat hun alliantie tegen geen enkel ander land is gericht. ,,Het is erg belangrijk dat geen land of natie in de regio het gevoel heeft dat de ontwikkeling van de relaties op enigerlei wijze, God verhoede het, iemand zal schaden'', zei Barak. Ecevit sprak van een relatie ,,voor vrede, niet voor oorlog'', en voegde daaraan toe dat ook landen die zich eerst ,,geïrriteerd'' toonden over de verhouding, nu beginnen te begrijpen dat ze alleen ,,vooruitgang'' brengt.

Maar Ecevit stelde dit toch wel erg rooskleurig voor. Zolang de Israelisch-Turkse samenwerking over water en toerisme gaat, zal het de omliggende landen inderdaad een zorg zijn. Maar de steeds nauwere defensiebanden worden wel degelijk nog steeds als een ernstige bedreiging gezien. Geen wonder: Israel en Turkije zijn zowel niet-Arabische outsiders als de sterkste militaire mogendheden in het Midden-Oosten, waar weliswaar over vrede wordt gepraat, maar oorlog geenszins buiten de mogelijkheden ligt. En de verbintenis heeft de machtsbalans in het Midden-Oosten blijvend veranderd.

De bezorgdheid is het grootst in het overigens eveneens niet-Arabische Iran en in Syrië en Irak, landen die (nog) geen vrede met Israel hebben gesloten en zeer ongemakkelijke betrekkingen met Turkije onderhouden. De Iraanse pers kwam vandaag met zeer negatieve commentaren op het ,,provocerende'' bezoek van Barak. In die commentaren werden ,,bepaalde andere islamitische landen'' van ,,verraad'' beschuldigd – gedoeld werd op Egypte en Jordanië, die vrede met Israel hebben gesloten – en melding gemaakt van een ,,boosaardige alliantie'' die ,,een ernstige bedreiging vormt voor de nationale soevereiniteit en territoriale integriteit van regionale landen''.

Syrië, dat vorig jaar nog onder dreiging met oorlog door Turkije werd gedwongen de Turks-Koerdische leider Abdullah Öcalan uit te wijzen, zweeg vandaag over Baraks bezoek. Maar haalde wel scherp uit naar diens vredespolitiek. Barak ,,wil tegelijkertijd het land en vrede van de Arabieren'', schreef de partijkrant Al-Ba'ath gisteren. ,,Want als Israel vrede wil waarom probeert het dan zijn bewapening te versterken?''