Duitsland houdt vast aan N-tak Betuwelijn

De Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen gaat er nog altijd van uit dat er een volwaardige noordoostelijke tak bij de Betuweroute komt. Dit heeft de Duitse staatssecretaris Hennerkes van Verkeer gisteren tijdens een hoorzitting over de Betuweroute in de Tweede Kamer gezegd.

Voor de Duitsers is het niet aanvaardbaar wanneer Nederland zo'n goederenlijn via Oldenzaal en Rheine eenzijdig zou schrappen, zo maakte Hennerkes duidelijk. Hij wees erop dat deze verbinding in de overeenkomst van Warnemünde tussen beide landen van 1992 uitdrukkelijk is opgenomen, naast de hoofdtak via Emmerich en een zuidoostelijke tak via Venlo.

,,Voor ons is het één systeem'', aldus Hennerkes. Wel staat het de Nederlanders vrij te kiezen of ze de verbinding over bestaand spoor dan wel via een nieuw tracé willen leiden.

Het kabinet besloot eind vorige maand in principe geen nieuwe noordoosttak bij de Betuweroute te bouwen. Internationale goederentreinen van de Betuweroute zouden Duitsland nog slechts via Emmerich of een nog aan te leggen zuidoostlijke tak via Venlo binnenrijden en niet meer via Oldenzaal. Dat laatste zou voor te veel overlast voor de bewoners langs de lijn zorgen. Wel maakte Netelenbos duidelijk dat ze bereid is mee te betalen aan een eventuele uitbreiding van de spoorcapaciteit tussen Emmerich en Oberhausen.

Hennerkes toonde zich gisteren, ondanks zijn standpunt over de noordoosttak, ontvankelijk voor deze suggestie. ,,We vinden het een interessante gedachte'', aldus de staatssecretaris. Noordrijn-Westfalen heeft er intussen bij de bondsregering in Berlijn al op aangedrongen over het hele tracé tussen Emmerich en Oberhausen een derde spoor aan te leggen. De huidige plannen voorzien slechts in een derde spoor op een deel van het tracé.