Adhesie Kamer voor Volendam in zaak-Latoya

Een meerderheid in de Tweede Kamer steunt burgemeester F. IJsselmuiden van Edam-Volendam in zijn verzet tegen de uitzetting van de veertienjarige Surinaamse Latoya Rijssen, die sinds twee jaar bij haar vader in Volendam woont.

Alleen woordvoerder Kamp van de VVD, die voorstander is van een harde aanpak van het vreemdelingenvraagstuk, vindt dat de scholiere moet vertrekken. Ook al belandt ze daardoor in een kindertehuis of bij haar stiefvader, die haar zou mishandelen. Kamp vindt dat verzet tegen een beslissing van staatsscretaris Cohen (Justitie), die wordt ondersteund door een rechterlijke uitspraak, ongerechtvaardigd is.

Burgemeester IJsselmuiden (CDA) heeft als hoofd van de politie zijn korps verboden ,,om de woning van het meisje binnen te gaan om zo mee te werken aan haar uitzetting naar Suriname''. IJsselmuiden zegt dat een `politieoptreden met als bedoeling het meisje van haar vader te scheiden' bij hem op grote ethische bezwaren stuit. In een brief aan Cohen stelt de burgemeester dat hij niets begrijpt van de besluitvorming.

Latoya Rijssen woont sinds 1996 bij haar wettige vader in Volendam. Reden van haar vertrek uit Suriname was de mishandeling door haar stiefvader, nadat haar moeder eerder afstand van haar had gedaan.

De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) geeft echter geen verblijfsvergunning aan het meisje. Volgens de IND is er geen sprake van gezinshereniging, omdat de vader niet kan bewijzen dat hij in het verleden contact heeft onderhouden met zijn dochter. Vader en dochter zijn tevergeefs tegen deze beslissing in beroep gegaan. De uitslag van een volgende beroepsprocedure moet Latoya in Suriname afwachten.

IJsselmuiden bestrijdt de stelling dat de vader heeft verzuimd contact te onderhouden. Hij heeft geregeld brieven en cadeaus gestuurd en is er duidelijk sprake van gezinshereniging, meent de burgemeester.

PvdA-woordvoerder Middel prijst IJsselmuiden als een goede burgemeester, ,,ook al is hij geen partijgenoot''. Middel vindt het kwalijk dat de regels vaak te rigide worden uitgelegd. Zijn CDA-collega Wijn ziet in de kwestie het bewijs dat ambtenaren die deze gevallen behandelen beter voor hun taak zouden moeten worden toegerust.

Ook Kamerlid Halsema (GroenLinks) vindt in het onderhavige geval dat redenen van humanitaire aard duidelijk moeten prevaleren. Cohen heeft toegezegd nog deze week met een antwoord aan IJsselmuiden te zullen komen.