In Tatarstan vechten twee alfabetten

Het optreden van de Russen tegen de Tsjetsjenen (en de moslims in het algemeen) radicaliseert de Tataren. Ze eisen meer soevereiniteit. En ze eisen het recht op hun eigen taal, schrift en godsdienst op.

Tussen de gevels van de verweerde koopmanshuizen in de vestingstad Kazan weergalmt de echo van de oorlog in Tsjetsjenië. Als reactie op het wapengekletter op de flanken van de Kaukasus zijn hier, ruim duizend kilometer noordwaarts, een slepende taalstrijd en een oeroude gebedshuizenoorlog opnieuw opgelaaid.

De Tataren in Rusland, moslims wier taal aan het Turks verwant is, voelen zich solidair met de moslims in Tsjetsjenië. ,,Handen af van Tsjetsjenië'' staat er op een blinde muur bij het station gekalkt. Er is bewondering, bij sommigen zelfs jaloezie, voor de wijze waarop dit bergvolk zich heeft ontworsteld aan het gezag van Moskou. Tsjetsjenië is weer soeverein. Dat kun je van Tatarstan, aan de middenloop van de Wolga, niet zeggen. Deze Russische deelrepubliek, die in 1552 door tsaar Ivan de Verschrikkelijke bij het Russische imperium is ingelijfd, heeft na 1991 een flinke portie zelfbestuur bedongen. Meer niet.

,,En dat is niet genoeg'', zegt Talgat Barejev, historicus en schrijver van het boek `Tataarse Wedergeboorte'. Begrijp hem goed, hij roept niet op tot een volksopstand, hij wil geen bloedvergieten, geen Tsjetsjeens scenario. ,,Maar wel meer culturele en politieke afstand tot Moskou.'' De president van Tatarstan is in zijn ogen een schipperaar. Deze Mintimer Sjajmijev is een bekeerde communist, hij steunde in 1991 nota bene de putsch tegen partijchef Gorbatsjov. In die woelige dagen raadde Jeltsin de Tataren nog aan ,,zoveel mogelijk onafhankelijkheid en soevereiniteit te pakken als ze konden verteren''.

Maar Sjajmijev toonde zich een realist, hij besefte dat zijn deelrepubliek (een enclave in de Russische onmetelijkheid waar Russen 43 procent van de bevolking uitmaken) onmogelijk als zelfstandig land zou kunnen overleven. En dus geeft hij de Tataren (48 procent) hun geschiedenis terug, hun taal en hun geloof – op voorwaarde dat hun ontwaken ingebed blijft in de wetten van de Russische Federatie.

Talgat Barejev vindt dat te mager. Zeker, de naambordjes in Kazan zijn nu zowel in het cyrillische als in het Latijnse schrift gespeld. Maar pfff, zegt de historicus, dat is een futiliteit. Hij is de drijvende kracht achter de jaarlijkse rouwstoet die de val van het Khanaat van Kazan in 1552 markeert. In de Sovjet-tijd mocht niemand dat betreuren, dat was taboe. Maar nu is het alweer het tiende jaar dat deze onderwerping wordt herdacht, en het stemt Talgat hoopvol dat de opkomst ditmaal zo groot is. Minstens tweeduizend zelfbewuste Tataren. Aangewakkerd door de Moskouse hetze tegen moslims in het algemeen en `Tsjetsjeense terroristen' in het bijzonder heerst er een voelbaar anti-Russische stemming.

Ook president Sjajmijev heeft zich de laatste maanden gedistantieerd van Jeltsin. Hij heeft een alliantie gesmeed met de Moskouse burgemeester Joeri Loezjkov en ex-premier Jevgeni Primakov, in de hoop dat een van hen volgend jaar de verkiezingsrace om het Kremlin zal winnen. De doorgaans zo makke Sjajmijev heeft de oorlog tegen Tsjetsjenië scherp veroordeeld. Onder druk van Tataarse moeders, die niet willen dat hun zonen moeten vechten tegen andere moslims, heeft hij tijdelijk geweigerd rekruten te leveren aan het Russische leger. Die daad van insubordinatie ging ver, dat moest zelfs een nationalist als Talgat toegeven, maar na wat dreigementen uit Moskou is het tot een vergelijk gekomen: Tataarse jongens krijgen geen vrijstelling, maar zullen in hun eerste jaar niet in de Kaukasus worden ingezet.

Het was niet de enige speldenprik van Tatarstan. Ook de prompte Tataarse hulp aan de Tsjetsjeense vluchtelingen, tenten en dekens, kwam naar de zin van Moskou wat al te spontaan. En nu is er de omstreden taalwet. Na een debat van jaren over het afschaffen van het cyrillische alfabet lag er begin deze maand ineens een besluit: Tatarstan schakelt na 2001 over op het Latijnse schrift.

Natuurlijk om puur taalkundige redenen. De letter van de Romeinen zou beter passen bij de Turkse taalfamilie. Het cyrillisch was door Stalin in 1939 per decreet opgedrongen in het kader van de russificatie. ,,Maar nu wordt het Internet gedomineerd door het Latijnse schrift'', zeggen de voorstanders. ,,We kunnen niet achterblijven.'' Niemand kon echter verhullen dat dit letteroorlogje gericht is tegen de Russen en hun alfabet. ,,Hoe vaak begonnen etnische conflicten niet met een taalhervorming?'', zo vroeg de Moskouse krant Izvestija zich ongerust af. ,,Meestal eindigen ze in een bloedbad. Is dat waar de Tataren op aansturen?''

Toch wordt de comeback van het Tataars niet door alle Tataren toegejuicht. In haar boek `Tatarstan, een twijfelland aan de Wolga' haalt de Belgische dichteres Jo Govaerts een Tataarse vriendin aan die haar moedertaal associeert met ,,platteland en dronkenschap''. Het Tataars zou te boers zijn, te ouderwets. Het kent niet eens een woord voor `vliegtuig', dus daar kun je de toekomst niet mee tegemoet treden.

Maar wat Talgat Barejev betreft vinden ze dat woord vandaag nog uit. De historicus wil dat Tataren hun wortels herontdekken. Daarom loopt hij jaar in jaar uit achter de praalwagen die de val van het Khanaat van Kazan uitbeeldt. Op de aanhanger zit de bleekgepoederde koningin Sjoejoembike, omringd door schildwachten met aangeplakte hangsnorren. Ze zijn in stramme middeleeuwse harnassen gehesen, en dragen het kromzwaard op de heup. Zij hadden de stad in 1552 tot de laatste man verdedigd, waarna de eenzame Sjoejoembike, zo gaat althans de legende, zich van de hoogste toren stortte.

Die Sjoejoembiketoren, op een heuvel boven de Wolga, is het einddoel van de optocht. Hij doet dienst als moskee. ,,Ivan de Verschrikkelijke heeft alle moskeeën in Kazan laten afbreken'', vertelt Talgat op gedempte toon.

De Annunciatie-kerk was verrezen op de ruïnes van de Koel Sjarif-moskee, en voorzien van een orthodox kruis op een islamitische maansikkel. Sjajmijev de schipperaar wist niet wat hij met die symboliek aanmoest en heeft gekozen voor een renovatie waarbij het aanstootgevende kruis werd verwijderd. Pal ernaast laat hij de Koel-Sjarif-moskee herbouwen. De vier minaretten torenen al bijna boven de hijskranen uit. Maar voor Talgat Barejev is dat niet genoeg: de Koel Sjarif hoort immers te staan op de plaats van de Annuciatie-kerk.

Bij de herdenking van de gevallen verdedigers ontrollen twee Tataren een spandoek bij de orthodoxe kerk met de uientorens. ,,Afbreken! Dit gebouw staat op gewijde moslimgrond.'' Ook het Russische monument op een eilandje in de Wolga, dat de gesneuvelde Russen herdenkt, is hun een doorn in het oog. Slopen die kapel! Of op z'n minst, zegt Talgat Barejev, moet er een tegenmonument voor de dappere Tataren komen die weerstand boden. ,,We hebben al een ontwerp. En de bouwvergunning is al jaren geleden aangevraagd.'' Antwoord is er nog steeds niet. Als het voor het eind van dit jaar niet is gekomen gaan de Tataren het zonder toestemming bouwen.

De eerste steen, een blok marmer met Tataarse inscripties in het Latijnse letterschrift, ligt al klaar. Hoe zwaarder de Russische bombardementen op Tsjetsjenië, hoe groter de kans dat dit baken van verzet tegen Moskou binnenkort daadwerkelijk verrijst.