Leegte is overal

Al twee keer ging de Booker Prize aan haar neus voorbij. In 1980 won William Golding de prijs met Rites of Passage en niet haar Clear Light of Day, en in 1984 ging de prijs naar Anita Brookners Hotel du Lac, en niet naar In Custody. Dit jaar passeerde ze als genomineerde niemand minder dan de Engels-Indiase schrijvers Vikram Seth en Salman Rushdie die, opmerkelijk genoeg, ontbraken op de shortlist. Vergeleken bij hun groots opgezette wervelwinden, An Equal Music en The Ground Beneath her Feet, lijkt Fasting, Feasting van Anita Desai (1937) bedrieglijk eenvoudig. Geen bombastische woordenfranje, maar zinnen zo rustig en kalm dat de zware mededelingen die er in gedaan worden bijna onopgemerkt blijven. MamaPapa of PapaMama heet bijvoorbeeld een personage in Fasting, Feasting. Het klinkt kinderlijk lief, deze naam voor een onafscheidelijk echtpaar, maar het woord geeft ook blijk van hun gezamenlijke onderdrukkingsregime.

MamaPapa zijn de ouders van Uma. Uma nadert de vijftig en woont nog bij ze thuis in een klein Indiaas dorpje. Haar verhaal, dat getekend is door mislukkingen, wordt in het eerste deel van Fasting, Feasting verteld. Uma is de persoonlijke huisslaaf van haar ouders. Ze zorgt voor het eten. Haar moeder bepaalt elke dag wat er gegeten wordt en hoeveel. Uma uit haar innerlijke pijn via spastische aanvallen. Ze is niet de enige ongelukkige vrouw in dit deel: een uitgehuwelijkt nichtje wordt door haar man geslagen en steekt zichzelf uit wanhoop in brand.

Regelmatig dacht ik tijdens het lezen van het eerste deel: wat is het toch slecht gesteld met de vrouwenemancipatie in India. Hadden al die vrouwen, Uma met name, maar een exemplaar van De schaamte voorbij in huis! Maar de zelfingenomen Westerse lezer, die denkt dat het hier een stuk beter is, krijgt in deel twee Desais visie op het `bevrijde' Westen. Het tweede deel schetst het leven van een doorsnee Amerikaans gezin uit Massachussetts, bezien door de ogen van Uma's broer Arun, die in Amerika studeert. Het gezin waarbij hij logeert, wordt beheerst door een eetregime. De moeder draagt een T-shirt met `Born to Shop'. Ze kookt nooit, maar zorgt er voor dat de vriezer altijd vol is. Gezamenlijk gegeten wordt er niet. Meestal heeft iedereen zijn eigen TV-dinner. Dochter Melanie stopt zich elke dag vol met candy-bars en kotst ze vervolgens uit. Op een dag betrapt Arun haar. Hij is geschokt omdat hij zich realiseert dat dit meisje op zijn zus Uma lijkt. `This is a real pain and a real hunger', schrijft Desai over Melanie.

De soms wat karikaturale vergelijking tussen de twee uitersten eet- en leefculturen, Amerika en India, is er één zonder winnaar. Anita Desai kent de twee culturen waarover ze schrijft: ze groeide op in India en werkte en woonde in Amerika. De kracht van deze roman schuilt voor een groot deel in de volgorde van de delen. Wie deel twee heeft gelezen, wordt gedwongen om het eerste deel opnieuw te bezien.

Op de laatste pagina's lezen we dat Melanie is opgenomen in een kliniek waar ze tienermeisjes-problemen behandelen. Haar moeder heeft zich intussen gestort op catalogi waarin new-age cursussen als numerologie en `ontdek je karma' worden aangeboden. En dan houdt het verhaal plotseling op. Zomaar pats boem is daar een slotzin. En dus sla je het boek maar dicht, maar geenszins met een zucht van verlichting.

Zo laconiek, luchtig en licht verteerbaar als haar dochter Kiran Desai in haar debuutroman Hullabaloo in the Guava Orchard (1998) het alledaagse leven in India portretteerde, zo zwaar op de maag ligt Fasting, Feasting van Anita Desai. Maar ook zo oneindig veel onvergetelijker is Anita Desais boek dan de vrolijke slapstick van haar dochter. Met geen mogelijkheid kun je Fasting, Feasting terzijde leggen en zeggen `Ach, het was maar een boek'. Van het donkere pessimisme en de realistische stijl moet je wel een beetje houden. De literaire wereld van Desai wordt niet bevolkt door sterke jonge vrouwen, maar is een zwaarmoedige wereld van pijn, verdriet en leegte, waarin vrouwen zichzelf straffen en jongemannen ongelukkig zijn. Als Uma gaat zwemmen in de heilige rivier en zichzelf onderdompelt en verlangt naar het eind van haar nutteloze leven; als Arun een duik neemt in het kolossale Amerikaanse zwembad om de leegte van het Amerikaanse gezin te ontvluchten: dan zijn het Engelands droevigste dichtregels die ooit door een vrouw zijn geschreven – Stevie Smith – die in mijn gedachten komen: `Not Waving but Drowning'.

Anita Desai: Fasting, Feasting.

A Novel. Chatto & Windus,

230 blz. ƒ49,95 (geb.)