Een klein meisje met grootse plannen

Mariken in de kindervoorstelling van Inèz Derksen is een jeugdige nazaat van de onfortuinlijke middeleeuwse Mariken van Nieumeghen. `Ik gebruik het sprookjesachtige graag als metafoor.'

Is je geit door zijn pootjes gezakt? Op naar de jaarmarkt voor een nieuwe! Voor middeleeuwse Mariken, de hoofdpersoon van het gelijknamige toneelstuk van theatermaker en regisseur Inèz Derksen (32), is dat vanzelfsprekend. Geiten komen van jaarmarkten, zoals eieren uit kippen en bladeren uit bomen. Voor een publiek van acht jaar en ouder brengt Derksen haar voorstelling Mariken, die vandaag in première gaat in de Brakke Grond te Amsterdam. Het stuk is gebaseerd op het gelijknamige, veelgeprezen kinderboek van Peter van Gestel uit 1997.

,,Ik probeer de wereld van geiten, jaarmarkten, minstrelen en wagenspelers voor kinderen van nu tot leven te brengen door allereerst de duivel ten tonele te voeren'', zegt Derksen. `De Duvel', gespeeld door Barry Atsma, heeft fonkelende ogen in een donkere capuchon. Zijn horentjes priemen vervaarlijk naar het plafond. Oorlog, armoede en ziekte zijn aan de orde van de dag, zegt hij onheilspellend, in de duistere Middeleeuwen. ,,De mensen zijn er doodsbang voor. Eigenlijk zijn ze voor alles bang: bang dat de zon valt, bang dat `ie nooit meer opkomt, bang voor onweer, bang voor de buren, bang voor God en natuurlijk voor mij, de Duvel.''

Middenin die bange wereld leeft Mariken, ouder dan de vingers van één opgestoken hand, jonger dan de vingers van twee opgestoken handen, vrij van angst en andere zorgen. Zij werd als baby te vondeling gelegd `tussen de ganzeriken'. Een oude man ontfermde zich over haar en bracht haar groot in een bos, het Waanwoud, dat een ieder vreest, maar waar het, ver van de wereld, idyllisch opgroeien is. ,,Mariken is wereldvreemd'', zegt Inèz Derksen. ,,Haar onbevangenheid maakt haar voor mij onweerstaanbaar. Al haar kennis van de wereld put zij uit een boek getiteld `De mensheid is een klucht'. Wat daarin staat, is haar waarheid. De duivel werd geboren toen God een scheet liet. Koningen trekken ten oorlog omdat een steenpuist hen dwarszit. Oei oei, denk je als toeschouwer, als zij dat denkt gaat het mis daarbuiten het woud, als zij op zoek gaat naar een geit.''

Nieuwsgierigheid

Inèz Derksen studeerde in 1993 af aan de regie–opleiding van de Amsterdamse toneelschool. Sindsdien regisseerde ze allerlei jeugdtheaterstukken, waaronder vier eigen produkties. Mariken is de vijfde. Derksen heeft een zwak voor queestes en ontdekkingsreizen. Haar jonge hoofdpersonages ontdekken wie zij zijn en hoe zij positie moeten kiezen. Mariken komt erachter dat zij niet alleen op zoek is naar een geit, maar ook naar een moeder. Net als eerdere personages die Derksen op de planken bracht, gaat zij daarnaast de betrekkelijkheid van Goed en Kwaad inzien. Eerder bewerkte Derksen bijvoorbeeld de klassieker Meester van de Zwarte Molen van Ottfried Preussler. ,,Ik val totaal voor zo'n boek'', zegt ze. ,,Dan is al snel de nieuwsgierigheid geboren naar wat ik ervan kan laten zien, hoe ik het op toneel zou kunnen vertellen.'' Hoe tover je een rijtje jongens om tot raven, om maar iets te noemen. Met een petje met een snavel eraan op hun hoofd. En hoe laat je een molen in het holst van de nacht botten tot meel malen? Met licht en enge geluiden. Derksen: ,,Ik vind het moeten bedenken van dit soort dingen spannender dan uitgaan van een bestaand toneelstuk, dat zijn kracht al heeft bewezen.''

Derksen laat de sfeer van de boeken zoveel mogelijk intact. ,,Ik vind het loslaten van zijlijnen die in de boeken prachtig zijn, maar op het toneel teveel tijd en uitleg vergen, vreselijk. De oude man van Mariken, Archibald, is een monnik die wegens eigenwijsheid uit het klooster werd getrapt. Een dwaze monnik. Hij verwekte ook een kind. Veel daarvan paste niet in het stuk. Hoe ik er ook om zeurde tegen mijn bewerkster Berthe Spoelstra.''

Naar aanleiding van Meester van de Zwarte Molen wees iemand Derksen op het zestiende-eeuwse mirakelspel Mariken van Nieumeghen, waarin een argeloos meisje met de duivel op stap gaat om de zeven vrije kunsten te leren in ruil voor het bezit van haar ziel. Alle elementen van het oude stuk bevielen Derksen, maar toch vond ze het als geheel te oubollig. Via een stukje in een krant kwam ze aan het boek Mariken van Peter van Gestel. Het was precies wat ze zocht. ,,Ik las het net na de bevalling van mijn dochter, nu bijna twee jaar terug. Ik was overdonderd door de puurheid van die baby, door de drang om haar zo te houden. Mariken in het boek had die puurheid bewaard, omdat de oude man die haar groot bracht haar in haar waarde liet. Hij laat haar vrijelijk door het woud huppelen en geloven wat ze wil. Zelfs als ze bij hem wegloopt, sputtert hij niet. En wat me ook aansprak: Mariken kiest aan het eind van het boek zelf haar ouders. Die mensen krijgen haar zomaar, worden ouders tegen wil en dank. Zo werkt het inderdaad met het krijgen van een kind. Er is geen proefperiode, geen discussie. Je speelt niet dat je een ouder bent, je oefent niet, je bent het. Zomaar ineens. Die macht heeft een kind. Mariken durft die macht te nemen.'' Aan het eind van het stuk gaat Mariken met een stoute grijns op de grond liggen als een hulpeloos babietje, voor de voeten van haar uitverkoren ouders.

Tijdens haar regieopleiding in Amsterdam voelde Derksen zich niet altijd thuis. ,,De eerste jaren op die school dacht ik dat het zaak was artistiek vernieuwend bezig te zijn. Maar dat streven past mij niet als hoogste doel. Het maken van magie, dat is wat mij drijft.'' Groepen als Huis aan de Amstel en Artemis uit Den Bosch inspireerden Derksen. In het jeugdtheater was ze op haar plaats, concludeerde ze al snel.

Theaterhuis

Met twee voormalige schoolgenoten van de regieopleiding, haar partner Bas Zuyderland en Sylvia Andringa, koestert Derksen inmiddels plannen voor de bouw van een eigen theaterhuis. Het Laagland gaat het heten. De bedoeling is dat ze alledrie jaarlijks minimaal een regie doen en met een vaste pool van acteurs werken. Zuyderland werkt vooral voor jongeren, Andringa heeft een voorkeur voor kleuters, Derksen voor wat daartussen ligt. ,,Met zijn drieën kunnen we kinderen een jeugd vol theater bieden, van drie tot achttien jaar. We delen een voorkeur voor transparant theater, waarin de persoon van de acteur door zijn rol heenschemert.'' Het Laagland wil, behalve eigen producties maken, ,,de vinger aan de pols houden voor wat er speelt in het jeugdtheater'' door discussies en bijeenkomsten waar stukken worden gelezen, te organiseren.

Mariken, is net als de meeste andere voorstellingen van Derksen, bedoeld voor kinderen vanaf acht jaar. ,,Kinderen zijn op die leeftijd gretig en gewillig. Ze weten dat theater doen alsof is, maar gaan mee in het complot. Er onstaat een soort gezamenlijke lol: met een lange baard onder zijn neus kan iemand God zijn, daar gaan ze in mee, maar ze weten dat het maar om een rol watten gaat. Kleuters en pubers liggen mij minder, die zijn bezig zoveel mogelijk zeker te weten, op zoek naar vastigheid. Ik gebruik het sprookjesachtige graag als metafoor. Dat kunnen kleuters nog niet aan, en in de puberteit is dat kinderachtig.'' Derksen zou kinderen graag steun bieden met de verholen boodschap van haar voorstellingen. ,,Mijn personages vertrekken vanuit een kinderlijke overmoed, maar komen, ondanks alle obstakels op hun weg, waar ze wezen willen. Dus als jullie ook grote dromen hebben, houd daar dan aan vast. Kijk maar, alles kan, als je het echt wilt.''

Slapen

De stukken van Derksen zijn niet voor kleuters en jongeren, maar wel voor ouders en andere volwassenen. Ze maakt eerder familievoorstellingen dan louter jeugdtheater. ,,Vaders komen vaak mee met de intentie te gaan slapen. Dan stappen ze na afloop bijna bedremmeld naar de acteurs toe: `Ik kwam voor mijn kind, maar ik vond het zelf zo leuk.' Ik tik mensen graag even los uit hun zekerheden. Mariken vraagt in een kerk of dat dikke stenen kindje, op schoot bij een stenen mevrouw, een meisje of een jongetje is. Volwassenen schrikken daar van op. Kinderen zijn doorgaans verbaasd over andere dingen, zoals dat Mariken niet weet hoe brood smaakt. Of door het idee dat God volgens de konijnen weleens een konijn zou kunnen zijn, een statement van een van de personages uit het stuk.''

Derksen werkt sober. Zij is er niet op uit een droomwereld van suikerspinnen en luchtkastelen te creëren, ze toont hoe door de werkelijkheid een andere, sprookjesachtige realiteit heen schemert. Het decor van Mariken is een grote houten kar met allerlei vernuftige luikjes en wegklappende zijkanten. De kar is van een groep rondreizende toneelspelers, de wagenspelers, die Mariken op haar pad vond. Via hen leert ze het onderscheid tussen echt en onecht kennen. Een van de wagenspelers speelt de duivel, maar is een dromerige, wat laffe verhalenverteller. Het verwart Mariken aanvankelijk. ,,Jij bent echt een gravin hè?' vraagt ze als de groep optreedt in een paleis aan de zeer echte gravin. Al gauw is Mariken zelf in staat een spel te spelen en mensen voor de gek te houden.

De structuur van Derksens toneelstuk is ingewikkeld. De wagenspelers brengen voor het hooggeëerd publiek het verhaal van Mariken. Ze kondigen tussendoor steeds aan waar de komende scène over gaat: `Waarin Mariken de wijde wereld ontdekt'. Het publiek kijkt naar een toneelstuk over een toneelstuk, waar dan ook nog eens een ander, klein toneelstuk in voorkomt. Derksen: ,,In het boek kijk je als lezer van begin tot eind mee met Mariken, in mijn stuk vertellen de wagenspelers het verhaal. Mariken is daarbinnen zichzelf, zij beleeft alles alsof het voor het eerst is, maar de anderen weten dat zij rollen spelen. Als toeschouwer volg je Mariken, maar wat je ervan vindt, bepalen de wagenspelers.'' Dankzij de vele draaien die in het stuk worden gemaakt, wordt iets voelbaar van de schokken die Mariken te verwerken krijgt. Niets is zoals zij denkt dat het is.

In eerdere versies van het toneelstuk kwam zelfs het echt bestaande toneelstuk Mariken van Nieumeghen voor, zijdelings, net als in Van Gestels boek. Een van de wagenspelers schrijft het, gebaseerd op zijn belevenissen met de `echte' Mariken. Voor Derksens toneelstuk ging deze geestige omkering te ver. Derksen: ,,Verzinnen hoe iets verzonnen is, dat spreekt me aan. De herkomst van Mariken van Nieumeghen is namelijk onbekend. Maar in mijn stuk bleek het onmogelijk te verwerken. In een toneelstuk kun je nu eenmaal minder zijwegen inslaan dan in een boek. Mijn toneelstuk Mariken gaat over een klein meisje met grootse plannen, dat met frisse blik een hoop verrassingen en ontgoochelingen tegemoet gaat. Daarnaast is het een lofzang op het vak van theatermaker. Het tonen van de keerzijde van alles, het doen alsof, staat centraal in mijn leven. Ter lering ende vermaak, zal ik maar zeggen.''

Mariken' is te zien van 22/10 t/m 6/2 door heel Nederland. Regie: Inèz Derksen. Bewerking: Berthe Spoelstra. Spel: Mischa Ardon, Barry Atsma, Wieky de Boer, Anke Engels, Mies de Heer en Onno Roozen. Informatie: Stip Produkties 020–6230623.