Club van Rome

Wout Woltz schrijft in zijn artikel over Grenzen aan de Groei (Boeken 17.9.99) dat dit de wereld wakker schudde. Maar de schrijvers van het rapport gooiden een aantal gegevens over o.a. bevolkingsgroei en grondstoffenvoorraden in de computer en daaruit kwamen dramatische conclusies die achteraf lucht bleken te zijn. Het is allerminst uitgekomen dat er geen zink meer zou zijn in 1989 of koper in 1994. Het is niet zo dat groter gebruik van metalen onvermijdelijke schaarste meebrengt. De CvR vergat dat er recycling is en dat metalen elementen zijn die per definitie niet verloren kunnen gaan. Tien keer zoveel fietsen maken betekent tien maal zoveel metalen gebruikt. Maar als die (meerdere) fietsen recycled worden, zeg na vijftien jaar, is er geen tekort op de langere termijn. Integendeel, want de meeste metalen producten tenderen lichter te worden. Uit 45 oude fietsen uit 1980 maken we 60 nieuwe nu. Bovendien komen producten steeds sneller terug omdat de levensduur van veel metalen producten steeds korter wordt; De Hembrug woog ruim 2000 ton en ging zowat 100 jaar mee. Dezelfde brug vandaag weegt wellicht 1000 ton en leeft maar 50 jaar. Het rapport van de CvR vergat recycling-gegevens in de computer te stoppen, en dat maakt verschil. In ons land worden de meeste metalen voor 85 à 90 procent recycled. Soms komen ze binnen enkele jaren (auto's) of soms zelfs enkele weken (blikjes, kroonkurken) terug om in de (her)smeltpot gestopt te worden. Wereldwijd wordt 45 procent van alle geproduceerde staal en koper, en zelfs 51 procent van alle geproduceerde lood uit oud, recycled metaal gemaakt en dus niet uit te delven ertsen.