Nitraatrichtlijn

Het is hommeles tussen de nieuwe minister van Landbuw en het georganiseerd landbouwbedrijfsleven. Oorzaak: het geesteskind van de minister, toen hij nog Europees beleidsmedewerker was en de nitraatrichtlijn voor de uitspoeling van nitraat naar het grondwater Europees vaststelde.

Eerste vraag is: hoe stel je de meetmethode voor? De meetdiepte, de tijd van het jaar meten. Niets is daarin geregeld. Drinkwater wordt gewonnen op circa 70 à 100 meter diepte. Er zijn landen die op 30 meter diepte meten. Het Milieu Beleidsplan in Nederland zegt op 2 meter te meten. Blijkbaar zat daar niet genoeg. Het RIVM (adviseur van het ministerie) meet op 80 cm. Daar zit op 20 procent van Nederland meer dan de 50 milligram nitraatnorm. Meet men in juni of in oktober, het scheelt 200 procent in uitkomst. Uit een kaart van het RIVM van 1994-1995 blijkt dat de hoge concentraties van nitraat zitten onder de Utrechtse Heuvelrug en de Hoge Veluwe, dus natuurgebieden. Over stedelijke gebieden zijn geen gegevens, terwijl bekend is dat lekkende riolen onder oude stedelijke gebieden normaal zijn. Nitraatzuivering voor drinkwater kost nu 5 miljoen. Of dat komt van de landbouw is nooit vastgesteld. Deze kosten worden vrijwel geheel gemaakt bij één winpunt op hoge, droge grond. De `nitraatbom' van de minister, die stelt dat dit snel 50 miljoen wordt, is niet wetenschappelijk onderbouwd. Een aanname dus.

Nu wordt 40 procent van ons water uit oppervlaktewater gehaald en dat wordt in de toekomst meer. Hier zijn geen nitraatproblemen. Het ruwe water zit tussen 3 en 5 milligram. Metingen van water uit drainagebuizen onder landbouwgrond geven geen verhoogd nitraatgehalte. Waar is onze minister van Landbouw mee bezig? Zijn eigen geesteskind is belangrijker dan 6.000 boeren. En daar loopt een groot deel van de Tweede Kamer achteraan. Onbegrijpelijk.