Financiën van D66 zorgelijk

Tweede-Kamerleden van D66 betalen hun partijbijdragen niet op tijd. Ze ondermijnen daarmee de toch al penibele financiële positie van D66.

Dit stelt het hoofdbestuur van de partij in de begroting voor 2000, die op 20 november aan het partijcongres wordt voorgelegd. Bestuurders van D66 dienen 2 procent van hun bruto inkomen aan de partij af te dragen. Europarlementariërs en Eerste-Kamerleden doen dit doorgaans uit eigen beweging, maar Tweede-Kamerleden zijn laks met betalen.

Door de vele verkiezingen in 1998 en 1999 is de bodem van de campagnekas bereikt. De partij hoopt eind dit jaar weer in de zwarte cijfers te komen, maar stelt dat de campagnestrategie drastisch gewijzigd moet worden. ,,Een volwaardige campagne financieren is voor D66 onder de huidige omstandigheden uitgesloten'', aldus het hoofdbestuur. Het stelt voor om ,,definitief de meer Amerikaanse wijze van campagne voeren'' te volgen. Daarbij moet iedereen die zich verkiesbaar stelt zelf de kosten dragen.

De D66-begroting voor volgend jaar bedraagt ruim 2,3 miljoen gulden, ongeveer evenveel als dit jaar. Op het partijbureau geldt sinds enige tijd een personeelsstop en de telefonische bereikbaarheid van het landelijk secretariaat is onlangs beperkt tot de ochtenduren. Op die manier hoopt het hoofdbestuur financiële ruimte te creëren voor activiteiten en uitgaven waarmee de partij zich scherper kan profileren.