Verkeersregels als optie

Een langgerekte kreet sneed door de middagstilte. ,,Noooooooooo!'' De ontzetting weerkaatste op het asfalt, werd opgezogen door de hoge pijnbomen en even later beantwoord door het verbaasde en geïrriteerde geblaf van de honden in de straat. Het was de overbuurman, een vriendelijke, wat teruggetrokken levende, oudere man. Met zijn handen voor zijn gezicht stond hij in de deuropening, naast de boodschapper van het slechte nieuws. De wanhoopskreet was overgegaan in een schokschouderend gesnik. Zijn dochter van 28. Dood.

Later hebben we gehoord hoe het is gegaan. Een tweebaansweg ten noorden van Rome, een riskante inhaalmanoeuvre van een tegenligger, een frontale botsing. Twee jonge kinderen die zonder moeder achterblijven. Een nieuw cijfertje in de onthutsende statistieken van het Italiaanse verkeer.

Veel stukjes weg in de buitenwijk van Rome waar ik woon, zijn gemarkeerd door de dood. Een gedenksteen bij de boom voor de sportclub, waar twee jonge mannen 's nachts met 160 km per uur uit de bocht vlogen. Een gloednieuw bord `Verboden voor fietsers' langs het smalle weggetje de wijk uit, waar een fietser door de lucht vloog omdat er tussen twee hardrijders geen plaats meer overbleef voor hem. Verlepte bloemen vlak bij de krantenkiosk. Foto's en een gebed in een plastic map die onbeholpen zijn vastgebonden aan een boom. Veel mensen uit de wijk weten precies te vertellen wie wanneer, op welk kruispunt met de drukke weg tussen Rome en de badplaats Ostia, is overleden. En wie kan, vermijdt als automobilist de via del Mare, want die staat al jaren bekend bekend als de dodenweg.

Een subjectieve impressie? De cijfers zeggen van niet. Binnen de Europese Unie vallen alleen in Tsjechië meer doden per 100 gereden kilometers. In de vakantieperiode ging het hard. Ieder weekeinde tussen de veertig en zestig doden. Bijna drie maanden lang.

Na weer zo'n weekeinde verzuchtte de minister van Openbare Werken, Enrico Micheli: ,,De Italianen vertonen een chronisch gebrek aan discipline.'' Italianen denken veel meer aan individuele dan aan collectieve vrijheid, zo luidde zijn analyse: zij offeren het collectieve goed van veilig verkeer op aan de individuele behoefte om zo hard mogelijk te scheuren.

Het is allereerst een mentaliteitsprobleem. Vaak vinden de brokkenmakers dat ze uitstekend kunnen rijden. Hard maar soepel door de bocht. Snel optrekken. Gauw even inhalen of door de file heen slingeren. Het aantal coureurs is bijzonder groot hier, al zitten de meesten niet in een Ferrari maar in een Ford Fiesta of een Fiat Punto. Maar rekening houden met andere weggebruikers is niet zo'n gewoonte. Veel automobilisten gebruiken hun achteruitkijkspiegel vooral om te zien of hun haar goed zit.

Regels helpen niet veel. Uit onderzoek blijkt dat alleen de Grieken zich nog minder aan verkeersvoorschriften gelegen laten liggen. Een veiligheidsgordel is een optional. Negentig procent rijdt zonder. De gemiddelde automobilist vertrouwt liever op zijn reflexen. Of op het heiligenplaatje aan de spiegel of op de voorruit.

Veilig rijden wordt niet afgedwongen. Controles en boetes zijn sporadisch. Een verplichte veiligheidskeuring voor oudere auto's is nog steeds in de maak. De politie heeft een gebrek aan apparatuur om hardrijders te flitsen. Ik ken niemand die hier wel eens op alcohol is gecontroleerd - al komt rijden onder invloed relatief weinig voor, want Italianen zijn niet zulke grote drinkers.

Veilig rijden wordt ook niet geleerd. Verkeersonderwijs op school bestaat vrijwel niet. Om een rijbewijs te halen hoef je heel weinig praktijkvaardigheden te laten zien. En wie zelfs dat teveel vindt, kan altijd nog proberen een rijbewijs te kopen. Volgens sommige schattingen rijdt tien procent van de automobilisten met een rijbewijs dat ze met smeergeld hebben bemachtigd. Wie het papiertje heeft, zoekt het verder maar uit. Reclamecampagnes ontbreken: Nederland is al zover dat het collectief moet leren ritsen, maar in Italië moeten ze nog beginnen met `Glaasje op, laat je rijden' en `Wees een heer in het verkeer.'

Het kabinet heeft beloofd van het onveilige verkeer een thema te maken. Meer controles op snelheidsovertredingen, betere voorlichting, speciale campagnes. Een katholieke moraaltheoloog deed een duit in het zakje door te bewijzen dat overtreding van de verkeersregels een zonde is. Maar de grootste krant van Italië, de Corriere della Sera, ziet het somber in. Wij Italianen hebben een fout in ons nationale karakter, schreef de krant, en dat is dat we chronisch ongedisciplineerd zijn.

Het antwoord kwam van de rivaal, La Repubblica. Bij 130 kilometer per uur, de maximum-snelheid op de autostrada, val je in slaap, schreef de krant. We leven snel, we eten snel, zelfs de seks gaat veel sneller. Waarom zouden we dan ook niet sneller mogen rijden?