Pluk-ze operatie in corrupt Pakistan

Het militaire bewind in Pakistan gaat fris van start: bankrekeningen van de oude politieke elite zijn bevroren.

Het is gemakkelijker India te veroveren dan de corruptie in de Pakistaanse politiek uit te roeien, zei een Pakistaanse journalist onlangs in Islamabad.

Maar, ambitieus als jonge dictaturen zijn, de Pakistaanse strijdkrachten onder leiding van generaal Pervez Musharraf lijken zich te hebben gestort op het onmogelijke. Pakistans nieuwe sterke man gaat een einde maken aan een cultuur van omkoping, afpersing en steekpenningen die jarenlang onbeheersbaar is gegroeid tot duizelingwekkende proporties, met name in de Pakistaanse politiek.

Gisteren, drie dagen na de staatsgreep, werden op last van Musharraf de banktegoeden van vrijwel het gehele Pakistaanse establishment bevroren, inclusief de rekeningen van hun echtgenoten en andere familieleden van de voormalige machtsdragers. Volgens bronnen in Islamabad zijn militairen gesignaleerd bij alle banken waarmee de familie Sharif zaken deed; bij de suikerfabrieken, de katoenfabrieken en de staalbedrijven namen zij papieren en geld in beslag in een pluk-ze-operatie die in Pakistan geen precedent heeft. Tot de arrestanten behoorden behalve Sharifs broer – eerste minister in de provincie Punjab – ook zijn zoon. Hoe wijdvertakt en rijk de Sharif-clan is, bleek eerder dit jaar toen een rechtbank in Londen de clan beval een lening van 32 miljoen dollar terug te betalen aan een Saoedi-Arabische bank.

Pakistan stond vorig jaar bij een onderzoek van Transparency International tweede op de lijst van meest corrupte landen ter wereld. De organisatie zette de ervaringen van een groep internationale zakenlieden op een rijtje en kwam tot de conclusie dat alleen Nigeriaanse overheidsfunctionarissen meer onderhands ontvangen dan de Pakistaanse.

Tussen de militaire dictaturen van generaal Zia-ul Haq (1979-1988) en generaal Pervez Musharraf, die dinsdagavond de macht overnam in Islamabad, dringen twee prominente namen zich op als het gaat om oneigenlijke persoonlijke verrijking. Niet toevallig waren de rijke grootgrondbezitster Benazir Bhutto en de steenrijke industrieel Nawaz Sharif sinds de dood van Zia allebei twee keer premier en werden beiden twee keer ontslagen wegens machtsmisbruik, corruptie en wanbestuur.

Macht is geld in Pakistan; de politiek biedt al sinds het ontstaan van de islamitische republiek de beste kansen om snel rijk te worden. Wie in de politiek of in de bureaucratie carrière maakt, kan lenen tot hij erbij neervalt, zo blijkt in het geval van Nawaz Sharif, die in twintig jaar uitgroeide van matig succesvolle staalgieter tot een industrieel die dankzij de export van talloze andere producten zijn buitenlandse bankrekeningen vulde met tientallen miljoenen dollars.

Net als veel andere politici kon Sharif bij de Pakistaanse banken lenen zoveel als hij wilde; terugbetalen was van latere zorg. Van de leningen die Pakistaanse staatsbanken verschaffen, wordt verreweg het meeste geld nooit meer terugbetaald. Volgens financiële analisten in Karachi heeft de Pakistaanse elitie haar noodlijdende banken van bijna 4 miljard dollar aan goedkope leningen afgeholpen – het merendeel van de begunstigden was lid van het Lagerhuis van het parlement. Ontheffing van belasting wordt in Pakistan nog steeds gezien als een geboorterecht. Nog geen twee procent van de 140 miljoen Pakistanen laat zich ertoe overhalen wel te betalen, en dat zijn zelden politici.

Die corruptie, gecombineerd met de machtshonger van Sharif, verklaart ook de milde reacties op de staatsgreep. De VS en Groot-Brittanië reageerden gisteren met milde sancties, waarbij Washington aantekende ook weinig te zien in een terugkeer van Sharif. Legerleider Musharraf, die zichzelf gisteren tot leider met onbeperkte volmachten kroonde, wil nog niets beloven over een terugkeer naar de democratie. Aanhangers spreken over ten minste twee jaar interim-bestuur om het Pakistaanse systeem grondig te herzien. ,,Stabiliteit, geloofwaardigheid, doorzichtigheid en verantwoordelijkheid'' worden volgens Musharraf de steekwoorden van zijn regime.

Musharraf lijkt zijn landgenoten een voorbeeld te willen stellen met de ontmanteling van Sharif's elitaire luilekkerland, zo bleek al voordat hij gisteren de noodtoestand afkondigde. Tegelijkertijd wil hij mogelijk de sympathie wekken van de Pakistaanse bevolking, die al jaren meer dan genoeg hebben van het financiële wanbeheer van de opeenvolgende Pakistaanse regeringen. Illustratief voor de vertrouwensbreuk tussen het volk en zijn vertegenwoordigers is de opkomst van slechts een derde van de kiesgerechtigden bij de laatste parlementsverkiezingen in 1997.

,,Ontwikkeling vraagt goed bestuur; dat betekent open, doorzichtige publieke instellingen die verantwoording afleggen'', schreef de president van de Wereldbank, James Wolfensohn, eerder dit jaar. Pakistan lijkt alle voorwaarden voor ontwikkeling te ontberen en behoort dan ook tot de armste landen ter wereld, met een gemiddeld jaarinkomen van zo'n 350 dollar per inwoner. Het verklaart tegelijkertijd waarom het land een internationale schuld heeft van 32 miljard dollar en waarom de economie al maanden voor de staatsgreep aan een zijden draadje hing.

Het enthousiasme waarmee de militaire machthebbers de corruptie lijken aan te pakken, verklaart vermoedelijk waarom Musharraf een poging tot toenadering van Benazir Bhutto afwees, die vanuit Londen voorzichtig had laten informeren of zij niet kon terugkeren naar Pakistan. De oppositieleidster uit Karachi stond de afgelopen jaren bij vrijwel alle rechtbanken in Pakistan terecht wegens grootschalige corruptie, daarbij geholpen door haar man, senator Ali Zardari. Zardari, die aanvankelijk Mr. Ten Percent werd genoemd wegens zijn handelsgeest en later werd omgedoopt tot Mr. Twenty Percent, zit al enkele jaren gevangen in een cel in Karachi.

Bhutto zelf werd dit jaar veroordeeld tot vijf jaar celstraf en een boete van acht miljoen dollar omdat zij als premier geld zou hebben ontvangen bij een overheidstransactie met een Zwitsers bedrijf. Hoe klein de wereld van de Pakistaanse elite is, bleek uit het feit dat haar rechter de zoon was van de rechter die Benazir's vader, oud-premier Zulfiqar Bhutto, in de jaren zeventig ter dood veroordeelde.

Hoewel veel Pakistanen met grote zorg kijken naar de volgende stappen van het leger, zullen weinig mensen verontwaardigd zijn als de financiële wanstructuren in de Pakistaanse bovenlaag worden ontrafeld, zo blijkt uit de eerste reacties op de staatsgreep.

,,Wellicht krijgt Pakistan eindelijk een nieuwe kans om schoon schip te maken', was gisteren het verrassende commentaar van The News, een tamelijk onafhankelijke krant.