Advocaat moet onafhankelijk zijn

De landelijke Deken van de Orde van Advocaten uitte onlangs zijn zorg over de dreigende tweedeling in de advocatuur. H.J.M. Boukema meent dat al sprake is van een driedeling.

De landelijke Deken van de Orde van Advocaten heeft zich in zijn rede tijdens de jaarvergadering van de Orde zorgen gemaakt over de dreigende tweedeling in de advocatuur. Op de vraag van deze krant of ik deze zorg deel, meen ik dat de situatie nog krasser is: de balie heeft al te maken met driedeling. De vraag is of dit verontrustend is, zolang goede rechtshulp voor iedereen beschikbaar blijft.

Advocaten vervullen een waardevolle taak: zij helpen de rechtspleging te laten functioneren en bevorderen de toegang tot de rechter. Ook hebben zij van de wetgever een procesmonopolie verkregen: zij mogen als enigen bepaalde procedures voeren. Dit procesmonopolie is alleen te rechtvaardigen op grond van het algemeen belang. Ertegenover staat de verantwoordelijkheid van de advocatuur bij te dragen aan een behoorlijk verloop van procedures èn de toegang tot de rechter te bevorderen.

De vraag rijst welke bijdrage de commerciële advocatuur – die zich richt op grote internationale transacties – levert aan het vervullen van bovengenoemde verantwoordelijkheden en in welk opzicht de top van die advocatuur bijdraagt aan het goed functioneren van de rechtspleging en het bevorderen van de toegang van alle rechtzoekenden tot de rechter.

Bij discussies over de taakvervulling door de balie dient de economische realiteit van de markt niet uit het oog te worden verloren. Bij internationale transacties (zoals fusies en verkoop van ondernemingen) moeten aan beide zijden van de grens de juridische touwtjes aan elkaar worden geknoopt.

De contouren van te verwachten ontwikkelingen worden zichtbaar: enkele grote internationale advocatenkantoren domineren de juridische adviesmarkt voor de financiële wereld. Grote internationale accountantskantoren maken ernst met het aanbieden van one-stop-shopping en trekken advocaten aan. Aangezien een ondernemer bij zijn beslissing over een internationale transactie éérst zijn financiële en fiscale mensen raadpleegt, en de implementatie via accountants kan geschieden, zullen de combinaties van fiscalisten en accountants geduchte concurrenten voor internationale advocatenkantoren blijken te zijn.

De nationale markt kan in drie categorieën worden verdeeld: het typische juridische handwerk (strafrecht, familierecht, geschillen met de lokale overheid), de algemene commerciële advocatuur en gespecialisseerde advocatuur (bouwrecht, IT-recht, intellectuele eigendom).

De grote advocaten- en accountantskantoren trekken hoogleraren en rechters aan. Hun tarieven zijn doorgaans zo hoog dat die voor de meeste rechtzoekenden niet zijn op te brengen. Hiervoor bestaan verscheidene verklaringen. Eén ervan ligt in de onzekerheid of incompetentie van inkopers van juridische diensten, die een voorkeur hebben voor een bekend merk advocaten. Loopt een zaak verkeerd af, dan valt hun niets te verwijten: zij kozen voor een bekend kantoor. Een andere verklaring is dat inkopers van juridische diensten zich associëren met een bekend kantoor om daarmee hun eigen status te verhogen.

De Deken hijst terecht de stormbal. De sleutel voor een oplossing is te vinden in een antwoord dat de toenmalige Eurocommissaris, Karel van Miert, gaf op een vraag van Europarlementariër Thyssen. Organisaties die het algemeen belang nastreven zijn vrijgesteld van de mededingingswetgeving, maar uitsluitend voor activiteiten die noodzakelijk zijn in het algemeen belang. Overige activiteiten moeten aan de mededingingswetgeving worden getoetst.

Advocaten die bijdragen tot het functioneren van het rechtsstelsel en de toegang tot de rechter mogelijk maken, dienen het algemeen belang. De vraag rijst in hoeverre advocaten zich zouden moeten distantiëren van het ondernemerschap. Een radicale scheiding is het aan alle advocaten verbieden zich te associëren met fiscalisten of accountants en zelfs in loondienst te treden (behalve tijdens een stage). Advocaten die de rechtszaal niet meer betreden en niet meer procederen, maar zich toeleggen op de lucratieve adviespraktijk van het grote internationale bedrijfsleven, zijn een toenemend verschijnsel. De vraag rijst echter of zij advocaat moeten blijven. Indien deze vraag bevestigend wordt beantwoord, dan rijst vervolgens de vraag op welke wijze zulke advocaten behoren bij te dragen aan het functioneren van het rechtsstelsel en het verschaffen van toegang tot de rechter voor alle rechtzoekenden. Die bijdrage is niet gemakkelijk aan te wijzen. Maar daar kan verbetering in worden aangebracht. De financiële top van de balie, die zo graag advocaat wil blijven, en de advocaten die zo graag willen samenwerken met accountants en fiscalisten zien kennelijk een immaterieel voordeel in de hoedanigheid van advocaat, waardoor zij in staat zijn grote materiële voordelen te verwerven.

Aan het substantieel overhevelen van inkomsten binnen de balie kleven bezwaren. Zo is instemming van de Europese Commissie noodzakelijk, ook om een EU-regeling door te voeren. Het doel van die regeling moet zijn aan alle rechtzoekenden een werkelijk onafhankelijke advocaat te kunnen geven: functioneel onafhankelijk van de rechter, van de overheid en van economische machthebbers, maar ook onafhankelijk van cliënten, zowel functioneel, financieel, als emotioneel.

Mr. H.J.M. Boukema is advocaat te Amsterdam.