Rotterdams havenbedrijf krijgt commerciële tak

Het Gemeentelijke Havenbedrijf (GHR) krijgt ruimere bevoegdheden en een commerciële tak, waarin participaties en consultancy worden ondergebracht. Het GHR gaat daarnaast voor 35 procent deelnemen in ECT, het Rotterdamse containeroverslagbedrijf dat voor eenzelfde percentage in handen komt van de Hongkongse containeroperator Hutchison Port Holdings.

De Rotterdamse gemeenteraad stemde gisteren in met het voorstel van havenwethouder Simons (PvdA) om bij de aansturing van het GHR, een gemeentelijke dienst, meer afstand te nemen en zo de slagkracht te vergroten. Alleen SP en Stadspartij stemden tegen. Het GHR krijgt meer bevoegdheden bij gronduitgifte, haventarieven, arbeidsvoorwaarden en investeringen.

De commerciele activiteiten van het GHR worden ondergebracht in de nv Mainport Holdings Rotterdam die volledig eigendom is van de gemeente. Een poging van raadslid F.J. van der Heijden (CDA) deze nv onder directie van het GHR een ruimer mandaat te geven, strandde op verzet van de PvdA. Na zijn pleidooi `de deur niet geheel dicht te gooien' onder meer om samenwerking met private partijen mogelijk te maken gingen Simons en de raad akkoord met een afgezwakte versie van de motie die de GHR-directie enige ruimte biedt.

Tegen deelneming van de gemeente, voor 35 procent, in (ECT) Europe Combined Terminals, had alleen de SP bezwaar. Dat participatie kost de gemeente (GHR) 117 miljoen. ECT wordt eigendom van Hutchison Port Holdings (onderdeel van de groep Hutchison Whampoa in Hongkong), ook voor 35 procent, ABN Amro en ING (elk 14 procent) en het ECT-personeel (2 procent) mits de Europese Commissie geen bezwaar heeft tegen de overname, zoals deze zomer het geval was. In de nieuwe nv heeft Rotterdam niet langer een blokkerende minderheid.