Frans-Duitse motor slaat aan

Zowel politike als industrieel gezien is de fusie van DASA en Aérospatiale een doorbraak. De omvorming van Airbus tot een echte NV wordt nu makkelijker.

De fusie tussen het Franse Aérospatiale Matra en het Duitse DASA is een knap staaltje industriële diplomatie. Jaren leek het erop alsof de grote droom van een Europese lucht- en ruimtevaartindustrie nooit werkelijkheid zou worden. Te groot waren de culturele verschillen en nationaal-politieke belangen tussen het particuliere DASA, dochter van DaimlerChrysler, en British Aerospace aan de ene en het door de Franse staat gestuurde Aérospatiale aan de andere kant.

Tot nog toe werken Duitsers, Fransen, Spanjaarden en Britten vooral naast elkaar in het Airbus-consortium. Zelfs in het topjaar 1998, waarin Airbus zijn eeuwige rivaal Boeing voorbij streefde, werd er maar minimaal aan verdiend. De omvorming van het samenwerkingsverband Airbus tot een echte, slagvaardige NV bleef een verre droom.

Nu is de doorbraak gelukt en is de nieuwe vliegtuigreus European Aeronautic, Defense and Space Company (EADS) met een omzet van 21 miljard euro en 89.000 man personeel op weg een serieuze concurrent voor Boeing en Lockheed te worden. Vergeleken met beide Amerikanen staat de nieuwe Europese onderneming er niet eens slecht voor. Boeing heeft de fusie met McDonnell Douglas nog niet goed verwerkt en ingrijpende reorganisaties laten hun sporen in de onderneming na. Ook de verkopen van civiele vliegtuigen laten te wensen over. Lockheed Martin dreigt zelfs afscheid te nemen van de defensie-elektronica, omdat het aantal opdrachten van de staat sterk terugloopt.

In Europa blijven nu twee partners van formaat over: de nieuwe Frans-Duitse alliantie en British Aerospace. DaimlerChrysler-topman Jürgen Schrempp en de Franse premier Lionel Jospin maakten er gisteren geen geheim van dat andere Europese partners welkom zijn. Vandaag is DASA-voorman Bischoff in Spanje om Casa in de nieuwe onderneming aan boord te hijsen. En zeker British Aerospace is van harte welkom. De Britten hebben vorig jaar de deur hard dichtgeslagen, toen BAe en DASA hun samenwerkingscontract al bijna ondertekend hadden. Op het laatste moment kozen de Britten toch voor een nationale partner en fuseerden met GEC's elektronicadochter Marconi.

De Duitsers hebben er nooit een geheim van gemaakt dat Aérospatiale eigenlijk hun `Wunschpartner' was. Maar in dit geval moesten de Fransen een eerste gebaar maken en hun staatsaandeel in de onderneming sterk terugbrengen. DASA wil geen bedrijf leiden met de Franse staat. Op dit terrein zijn de laatste maanden echte concessies gedaan. Parijs is bereid zijn belang tot 15 procent te beperken; de Duitsers kunnen daar mee leven.

De grote consolideringsdruk die de branche vele jaren beheerste, is door deze fusie weggevallen. In Europa zijn twee lucht- en ruimtevaartconcerns over. De kleintjes - het Spaanse Casa en het Italiaanse Alenia en Saab uit Zweden - rest weinig anders dan zich bij een van beide aan te sluiten.

De nieuwe onderneming is vooral sterk in de civiele lucht- en ruimtevaart. Daar liggen grote kansen voor de toekomst, bijvoorbeeld bij de commercieel succesvolle Ariane. De defensie-activiteiten zijn nog altijd goed voor een kwart van de omzet, zowel in geleide wapens als in defensie-elektronica.

De fusie kon alleen maar tot stand komen door de herstructurering die de Franse regering de laatste jaren met vaste hand heeft doorgevoerd. President Chirac gaf er na zijn aantreden in '95 al vrij snel opdracht toe, maar het zijn de socialisten van Jospin die er werk van hebben gemaakt. Daarbij is de industrie in drie blokken opgedeeld: lucht- en ruimtevaart bij Aérospatiale Matra (waarbij het privé-concern Lagardère eigenlijk ondernemer namens de staat werd), de defensie-elektronica rond Thomson CSF en een derde groep rond vliegtuigmotorenfabriek SNECMA en Framatome.

De Duitsers hebben er uiteindelijk op vertrouwd dat het Parijs menens was om én tot Europese samenwerking te komen én de rol van de Franse staat daarin geleidelijk sterk terug te brengen.

De fusie kan ook een stap voorwaarts zijn voor de herstructurering van de Europese vlietuigreus Airbus. Het is daarbij de kunst de Britten positief te blijven binden. Met een belang van 20 procent heeft BAe een minderheid in het Airbus-consortium maar genoeg gewicht om beslissingen te blokkeren.

Deze industrieel noodzakelijke doorbraak doet ook in politiek opzicht goed. Weinig Europese ontwikkelingen zijn tot stand gekomen als Frankrijk en Duitsland ruzieden.

Sinds het aantreden van Schröder, en zeker sinds diens Derde Weg-duo met Blair, pretendeert niemand in Parijs of Berlijn dat het tussen de Fransen en de Duitsers botert. Nu beide regeringen weer eens een succes konden aankondigen, is dat voor de psychologie van de Frans-Duitse as een flinke opsteker.

In industriële zin is het evengoed een doorbraak van het grootste belang. In het geval van EADS - een iets meeslepender naam had wel gemogen - is een voordeel dat DASA en Aérospatiale al in allerlei Europese defensie- en civiele projecten samenwerken. Airbus is het belangrijkste, niet het meest winstgevende voorbeeld. Dat zal nu allemaal wel iets soepeler gaan.