Film-onderonsje in de nacht

Paul Verhoeven heeft het er maar korte tijd volgehouden, en er zijn ook Nederlandse filmmakers die nooit de Nederlandse Film- en Televisie Academie (NFTA) bezocht hebben, zoals Marleen Gorris, Theo van Gogh en Eddy Terstall, of de in het buitenland opgeleide Johan van der Keuken en Heddy Honigmann. Het overgrote deel, ik schat ruim driekwart, van de actieve Nederlandse filmregisseurs heeft wel degelijk het vak geleerd aan de opleiding, die zijn veertigjarig jubileum viert met het betrekken van een nieuw pand aan het Amsterdamse Mr. Visserplein.

Dat nieuwe gebouw bevat twee grote studio's, hoger en groter dan de meeste andere studiofaciliteiten in de hoofdstad. Een ideale plek ook voor een feestje, waar heel Nederland live van kan meegenieten. In een marathonuitzending die de hele vrijdagnacht en zaterdagochtend doorgaat vertoont de VPRO academiefilms van meer en minder bekende oud-studenten, afgewisseld door gesprekjes met de ter plekke aanwezige makers. Nachtelijke live-televisie is altijd leuk, en zeker wanneer er geput kan worden uit een zo rijk gevulde schatkamer aan archiefmateriaal.

Zeker zal te zien zijn het televisieinterview uit het begin van de jaren zestig dat Jan Blokker hield met de oprichter en eerste directeur van de Filmacademie, prof.J. Peters. Zijn ideaal, en dat van zijn opvolger Anton Koolhaas, was om jonge filmkunstenaars in spé een brede, algemene vorming mee te geven. Je zou het tragisch kunnen noemen dat daar nu juist het minst van terecht is gekomen. Ex-studenten vinden vaak dat ze er veel geleerd hebben op ambachtelijk gebied. Het is opvallend dat eindexamenproducties in technisch opzicht met kop en schouders uitsteken boven het werk van alle andere filmopleidingen in Nederland. Ook vriendschappen en samenwerkingsverbanden tussen academiestudenten houden vaak lang stand. De kunst van het netwerken staat niet op het lesrooster, maar wordt wel dikwijls aangewezen als een van de nuttigste daar aangeleerde vaardigheden.

In de vooravond wordt onder het motto Hollywood in Holland op vertrouwde wijze weer eens de balans opgemaakt van de toestand in de Nederlandse filmindustrie. Verrassender zijn de proeven van bekwaamheid die in de nacht te zien zullen zijn. Tussen 1 en 3 ligt de nadruk op horrorfilms van bijvoorbeeld Will Wissink en de voortreffelijke black comedy Adelbert van Dick Maas. In de vroege ochtend komen kinderfilms aan bod en tussen 11 en 12 wordt Paul Ruvens De Tranen van Maria Machita vertoond, één van de weinige naoorlogse musicals en één van de beste en meest ambitieuze films die ooit in Nederland gemaakt werd, binnen of buiten de Filmacademie.

Ruven gebruikte de academie als platform om zijn eigen plan te trekken, zoals later Ian Kerkhof dat zou doen, en voor hem de SKOOP-groep van Pim de la Parra en Wim Verstappen, de 123-groep van Frans Bromet, Jan de Bont en Rem Koolhaas, alsmede de rebellenclub van Leon de Winter, René Seegers en Jean van de Velde.

Laten we hopen op veel petite histoire in de nacht, over docenten die scenario's voor het front van de klas doormidden scheurden, over stiekem uitdijende filmbudgetten, over de fiets van Ate de Jong en de baby van Nouchka van Brakel. Want als er niemand meer lijkt te kijken, komen de tongen pas goed los.

De Nacht van de Nederlandse Film en TV Academie, Ned.3, 00.18-07.00u.