SCHILDERIJ (4)

In de calvinistische zeventiende eeuw werd de prostituee afgebeeld als een vrolijke, aantrekkelijke vrouw die mannen verleidt met muziek, drank en een laag decolleté. Haar klant is een zwakke dwaas die zich overgeeft aan zijn lichtzinnige behoeftes. De oude hoerwaardin, de koppelaarster, kijkt over zijn schouder heen en staat symbool voor de betaalde liefde en de vergankelijkheid van schoonheid.