SANDRA

Sandra (28), werkt in een club

,,Ik zit tien jaar in dit vak. Ik had een vriendin die dit werk deed en ja, dan zie je haar geld uitgeven. Dat wilde ik ook. Ik was van huis weggelopen en had geen inkomsten en onderkomen. Bij de club waar ik begon, kon ik intern wonen, dus dat was ideaal.

Ik ben daarna van club naar club gereisd. Een club is een veilige omgeving. Daar komen toch redelijk nette mannen. Meestal hebben ze een goede baan en thuis vrouw en kinderen. Vaak hebben ze een heel goed huwelijk, maar wil hun vrouw geen seks. Ze willen haar geen verdriet doen door een vriendinnetje te nemen. Hier weten ze wat ze krijgen: ze betalen en we vallen ze verder niet lastig.

Ik heb sinds kort een partner. Leg maar eens uit dat je dit puur als werk ziet. Dat is best moeilijk. Maar ik vrij veilig en stel mijn grenzen.

Ik heb in tien jaar veel zien veranderen. Het wordt steeds moeilijker dit vak te doen. Echtgenotes worden steeds vrijer, dus mannen komen thuis beter aan hun gerief. Dat komt ook door Viagra en xtc. Dat wordt steeds meer geslikt in huiselijke kring. Vroeger kwamen mannen voor bijvoorbeeld hun geheime sm-fantasieën naar een club. Tegenwoordig is er een recordverkoop aan sm-artikelen via postorderbedrijven. Mannen kunnen zich nu thuis uitleven. Hun vrouwen zijn tot veel meer bereid. Dat soort ontwikkelingen zijn een domper voor het vak.

Er waren tijden dat ik een directeurssalaris verdiende. Nu gaat het soms de kant op van bijstandsniveau. Ik moet ook veel investeren. Je kunt niet in je spijkerbroek verschijnen, dat hebben de klanten thuis al op de bank zitten. Het is een beetje zoals een filmster of acteur: je moet er altijd piekfijn uitzien.

Steeds meer vrouwen in dit vak stoppen ermee. Nu ze belasting moeten betalen, zijn ze bang hun anonimiteit te verliezen. Je staat in die computer geregistreerd als prostituee. En stel dat je oom daar werkt, of een bekende. Van dat idee schrikken ze. Maar ik wil doorgaan. Tot mijn 35ste. Dat is de grens voor dit vak, vind ik. Ik hoop dan iets met kleding te kunnen gaan doen. Ik probeer nu al kleding te ontwerpen. Maar het kost veel geld om een bedrijfje op poten te zetten. Ik investeer nu al in mijn toekomst door stoffen in te kopen. Ik heb ook een hele goede naaimachine gekocht. Maar ik moet nog wel een naaicursus doen. En dan, wie weet, kan ik later een atelier beginnen. Dat is mijn droom.''