Klap voor gezag VS en wapenbeheersing

De verwerping van het kernstopverdrag is een slag voor de wapenbeheersing en voor het gezag van Amerika in de wereld.

Met de afwijzing van het kernstopverdrag heeft de Amerikaanse Senaat vannacht een monumentale dubbele dreun uitgedeeld: aan president Clinton als leider van de enige supermacht, en aan het wereldwijde netwerk van verdragen tegen de verspreiding van massavernietigingswapens.

Het is de eerste keer dat de Senaat een veiligheidsverdrag heeft verworpen sinds het Verdrag van Versailles, dat de Volkenbond creëerde, in 1920 geen goedkeuring van de Senaat kreeg. Meestal volgt de Senaat de president als het staatsbelang of een oorlog in het geding is. President Carter trok ooit zelf in 1980 het Salt II-verdrag met de Sovjet-Unie, ter beperking van intercontinentale raketten, terug tijdens de Sovjet-invasie in Afghanistan, waarna het – hoewel nageleefd – niet meer formeel van kracht zou worden.

Uitgerekend de gangmaker achter het kernstopverdrag van 1996 is nu de spelbreker: de Amerikaanse afwijzing betekent dat het verdrag niet in werking kan treden omdat 44 landen met nucleair potentieel het moeten ratificeren, de belangrijkste kernwapenmacht Amerika voorop. Ook al geeft Clinton het verdrag nog niet op, de Republikeinen zullen het vermoedelijk niet meer voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen volgend jaar opnieuw aan de orde laten stellen. Daarmee is het verdrag nog niet `dood', maar op zijn minst voor jaren vertraagd. Presidentskandidaat Gore noemde het gisteren al als onderwerp voor zijn campagne.

Dit alles gebeurt in een tijd waarin het Amerikaanse gezag in de wereld toch al niet vrij van kritiek is: jarenlang wanbetaler bij de Verenigde Naties en weigerachtig troepenleverancier voor vredesmissies, behalve als het eigen belang op het spel staat. Na het Monica Lewinsky-epos met de afzettingsprocedure vorig jaar, toen de president minder aandacht had voor de crises in Irak en Kosovo, volgden dit jaar een rammelende, slechts op de valreep effectieve NAVO-campagne in Kosovo en nu dan een volledige nederlaag voor zijn leiderschap.

Voor de resterende vijftien maanden lijkt Clintons slagkracht in binnen- en buitenland – en daarmee in nieuwe internationale crises – door de verwerping van dit verdrag verzwakt. ,,Dit wekt de gevaarlijke indruk dat de president van de Verenigde Staten niet meer namens de Verenigde Staten kan spreken'', zei Richard Haass van de Washingtonse denktank Brookings Institution gisteren. ,,Dit zal het voor de Verenigde Staten moeilijker maken om te onderhandelen. En het zal onze vijanden wellicht aanmoedigen om de VS uit te dagen.'' De verwerping van het verdrag is ook een terugslag voor het tapijt van wapenbeheersingsverdragen dat de wereldgemeenschap de afgelopen jaren heeft gevlochten, zoals de verlenging van het non-proliferatieverdrag, het chemische wapensverdrag en de biologische wapensconventie. Van de vijf kernwapenmachten hebben nu alleen de Britten en de Fransen het kernstopverdrag geratificeerd. ,,Andere kernwapenmachten als Rusland en China zullen nu ook pas op de plaats maken met de ratificatie'', zegt de Nederlandse ambassadeur Ramaker, leider van de slotonderhandelingen voor het kernstopverdrag.

,,Dit leidt tot vertraging'', zegt de Nederlandse ambassadeur en ontwapeningsdeskundige Jaap Ramaker vanuit Wenen. Hij zat in 1996 de slotonderhandelingen voor het kernstopverdrag voor. Hij voorspelt onder meer dat andere kernwapenmachten als Rusland en China nu pas op de plaats zullen maken met de ratificatie. ,,Om nog maar te zwijgen van `drempellanden' als India en Pakistan.''

Ramaker is ,,teleurgesteld'' door de verwerping van het verdrag. ,,De wereldgemeenschap was op de goede weg, met al die ontwapeningsverdragen en ook wat kernwapenvrije zones in Afrika en Azië.'' Tegelijkertijd wijst hij erop dat ,,de Amerikanen met het verdrag willen doorgaan. Het is nog niet dood''.

Volgens Ramaker ,,verandert er op korte termijn niet veel. De wereld is nu niet plotseling onveiliger geworden''. De gevolgen van het Senaatsbesluit van gisteren worden, zegt hij, volgend jaar mogelijk duidelijk tijdens een internationale toetsingsconferentie van het non-proliferatieverdrag. Bij de onvoorwaardelijke verlenging van dat verdrag, tegen de verspreiding van kernwapens, in 1995 was de afsluiting van een kernstopverdrag immers een belangrijke belofte van de vijf officiële kernwapenmachten. Nu blijkt dat die belofte voorlopig niet kan worden ingelost.

Clinton was de eerste regeringsleider die het verdrag dat kernproeven verbiedt, ondertekende. Hij zette jonge kernmachten als India en Pakistan, en ook grote mogendheden als China en Rusland, onder druk om tot ratificatie over te gaan. En nu verkeert hij plotseling in de vernederende situatie dat zijn eigen land het verdrag heeft afgewezen.

In Washington bleek de afgelopen tien dagen weer eens dat de Republikeinen in het Congres geen enkel vertrouwen meer hebben in de president. Niet alleen stemden bijna alle Republikeinse senatoren tegen het verdrag dat een cruciaal onderdeel vormde van Clintons buitenlandse beleid, ze sloegen zelfs zijn verzoek om uitstel van de stemming in de wind, ook nadat hij dat op hun aandringen op papier had gezet.

Twee jaar had Clinton ervoor gepleit dat de Senaat het verdrag in behandeling zou nemen, en nu opeens moest hij de senatoren bijna smeken om de stemming uit te stellen. Maar hij ging niet helemaal door het stof: hij weigerde om in ruil voor uitstel te beloven dat hij verdrag tijdens zijn presidentschap niet meer aan de orde zou stellen. De Republikeinen hadden daarom gevraagd, omdat ze vreesden dat Clinton er volgend jaar een thema voor de verkiezingen van zou maken.

Binnen de Amerikaanse verhoudingen gaat het voor leiders van de Senaat nogal ver om een president te vragen iets in de toekomst niet te doen. Nog verder gaat het om dat op schrift te eisen, een niet mis te verstaan signaal dat het woord van de president niet te vertrouwen is. Zoveel vijandigheid kan niet los gezien worden van de mislukte poging van de Republikeinen, begin dit jaar, om de president in een impeachment-proces af te zetten. De volgende president, of het nu een Democraat of een Republikein wordt, moet vrezen dat er in de machtsverhouding tussen Congres en Witte Huis een precedent is geschapen.

Volgens de Democratische leider in de Senaat, Tom Daschle, was de verwerping van het kernstopverdrag niet alleen ,,een verschrikkelijke, verschrikkelijke fout'', maar ook een ,,partijpolitieke poging om de president in verlegenheid te brengen en om de Democraten in verlegenheid te brengen''. Clinton sloot zich daarbij aan toen hij verklaarde dat het verdrag slachtoffer was geworden van ,,pure partijpolitiek''.

Nu is Clinton zelf meestal niet afkerig van ,,pure partijpolitiek''. Toen hij en zijn partijgenoten er de afgelopen maanden op aandrongen om het verdrag in behandeling te nemen, zagen ze daar een mooie kans in om de Republikeinen in verlegenheid te brengen. Toen de Republikeinse leider hun plotseling gaf waar ze om vroegen, bleek dat ze zich nauwelijks hadden voorbereid.

De uitslag van de stemming laat pijnlijk zien hoe weinig effectief de overhaast ingezette lobby van Clinton en zijn medestanders was: slechts vier Republikeinen stemden voor het verdrag. Zelfs internationalisten als Richard Lugar en Chuck Hagel had het Witte Huis niet over de streep kunnen trekken. Het was dan ook geen nipte, maar een kolossale nederlaag. Voor ratificatie waren maar liefst zestien stemmen meer nodig geweest.

De Republikeinen zetten de afgelopen dagen zwaar retorisch geschut in tegen de president. Ze stelden het verdrag, ondertekend door 155 landen, voor als een vorm van ,,eenzijdige ontwapening''. Ze suggereerden dat de president de nationale veiligheid op het spel zette door ervan uit te gaan ,,dat het vrede wordt als we elkaar allemaal een hand geven en in een kring gaan staan'', zoals een Republikein het uitdrukte.

Van de samenwerking tussen deze president en dit Congres, die altijd al moeizaam verliep, is in het laatste Clinton-jaar nog maar weinig te verwachten.