Gillend naar de wasmachine

Het huishouden bestaat niet meer. Afgaande op de inhoud van tientallen tijdschriften houdt de mens (m/v) zich heden ten dage thuis vooral bezig met het verfraaien van de woonomgeving. Het plafond moet dit jaar warmwit, de muren greige (iets tussen grijs en beige in) en voor de winterse sfeer zijn er lamswollen plaids en behaaglijke kussens. Tussen neus en lippen door krijgt een groep vrienden een fantastische maaltijd voorgezet en worden er met golden retrievers lange wandelingen gemaakt in herfstige bossen. Pak een willekeurige glossy en zie de boodschap: het leven is puur genieten.

Huwelijk noch geboorte heeft de afgelopen twintig jaar de vrouw aan huis kunnen kluisteren en zo is de huisvrouw een langzame dood gestorven. Hoe en wanneer de groeiende groep tweeverdieners (in 1997 vijf van de zes paren, aldus het Centraal Bureau voor de Statistiek) geacht wordt zijn bezit te onderhouden, blijft in de bladen opvallend onvermeld.

Van twintig tijdschriften geeft er welgeteld eentje een praktisch advies, dan ook direct `grootmoeders tip' geheten. De rubriek `Libelle weet het', in de jaren zeventig een bron van slimmigheidjes, signaleert nu nieuwe producten en in de boekhandel is het huishouden evenmin een trendy onderwerp. Intussen groeit binnenskamers de behoefte aan een geoliede organisatie.

Daisy Garland (drie kinderen): ,,Gisteravond ben ik tot één uur 's nachts bezig geweest, soms loop ik gillend naar de wasmachine, ik heb de zaak eigenlijk nooit onder controle. Ieder jaar neem ik onbetaald verlof om weer op adem te komen. Elke dag is het huis vuil en de wasmand vol. Doordat de kinderen sporten, maken ze extra veel vuil. Ik heb één dag per week een werkster en mijn schoonmoeder doet anderhalve dag per week voor mij de strijk. Er gaat veel tijd zitten in het heen en weer rijden van de kinderen, naar school, muziekles, het sportveld.''

Schoonmoeder Garland: ,,Wij woonden vroeger vlakbij het voetbalveld, dus mijn zoon kon daar alleen naar toe. Ik bracht alleen mijn dochter naar balletles. De kinderen gingen bijna overal alleen naar toe, het was toen ook veel veiliger op straat. Het huishouden is mij nooit geleerd, maar ik had een schema overgenomen uit de Margriet. Dan moest ik bijvoorbeeld 's morgens de badkamer schoonmaken en daarna stof afnemen. Toen de baby's uit de luiers waren, waste ik een keer per week. En op vrijdag deed ik de ramen. Mijn man deed niets in het huishouden. Ik heb wel bewondering voor mijn schoondochter, zij doet heel veel met de kinderen. In mijn tijd moest eerst het huis schoon, dan pas kwamen de kinderen aan de beurt.''

Het Voedingscentrum lanceerde twee weken geleden de voorlichtingscampagne `Eet & Woon Veilig & Schoon', bedoeld voor `de consument in zijn privé-omgeving'. De explosieve toename van allergieën en cara-aandoeningen zou te wijten zijn aan al het ongedierte dat wemelt in bedden, keukenkastjes en vaatdoekjes. De `hygiënecode' van het Voedingscentrum beschrijft tot in de puntjes hoe `gezondheidsbedreigende situaties in de huishouding' kunnen worden voorkomen. Maar als er geen gratis huismens (m/v) wordt bijgeleverd, lijkt deze campagne wegens tijdgebrek tot mislukken gedoemd.