Nederlandse hulpverlener VN vermoord

Hutu-rebellen in Burundi hebben gisteren twee hulpverleners van de VN in koelen bloede vermoord: de 34-jarige Saskia von Meijenfeldt uit Nederland en de 52-jarige Luis Zúñiga uit Chili.

Nog zeven anderen werden gedood bij een aanval van de rebellen op een hulpkonvooi van de Verenigde Naties.

Kort nadat de zes man sterke VN-delegatie voor een inspectiebezoek was gearriveerd in het vluchtelingenkamp Muzye, 140 km ten zuidoosten van de hoofdstad Bujumbura, sloegen de rebellen toe. Ze schoten eerst vier van de soldaten dood die het konvooi begeleidden. Daarna beroofden ze de zes VN-vertegenwoordigers en zetten hen tegen een muur.

Volgens Michèle Quintaglie, woordvoerder van de VN-organisatie Wereldvoedselprogramma (WFP), liepen de rebellen aanvankelijk weg totdat één van hen zich omdraaide. Hij zei: ,,Waarom zouden we ze laten leven?'' Daarna pakte hij zijn geweer, zette de loop tegen het hoofd van Luis Zúñiga en haalde de trekker over. Hetzelfde deed hij bij Von Meijenfeldt. Wat daarna gebeurde is niet helemaal duidelijk. Zeker is dat één van de andere VN-medewerkers ingreep. In de verwarring die daarna ontstond kon de rest van de delegatie ontsnappen.

Saskia von Meijenfeldt was sinds april hoofdverantwoordelijke van het WPF in Burundi voor voedseltransport. Voor dezelfde organisatie werkte ze eerder in Kenia, Soedan en Somalië. Ze was getrouwd.

Met een vliegtuig van het WPF zijm de vier overlevenden van de VN-delegatie gisteren samen met de twee doden naar de hoofdstad vervoerd. Vandaar zouden de stoffelijke resten van Saskia von Meijenfeldt in de loop van vandaag naar Nairobi worden overgevlogen waar een herdenkingsdienst gehouden wordt.

Hutu-rebellen in Burundi zijn erop uit om de regering van president Pierre Buyoya ten val te brengen die wordt gedomineerd door de Tutsi-minderheid. Sinds 1993 zijn bij die burgeroorlog al zeker 200.000 mensen vermoord. De extremistische Hutu-organisatie Palipehutu waarschuwde onlangs dat buitenlanders die weigeren het land te verlaten, als vogelvrij worden beschouwd.

Sinds de rebellen vorige maand met een offensief begonnen, heeft de regering ten minste een kwart miljoen mensen uit hun huizen verjaagd. Ze werden ondergebracht in zogenaamde `veilige zones', vluchtelingenkampen zoals Muzye waar de VN-delegatie overvallen werd. Met die volksverhuizing wil de regering voorkomen dat de rebellen voedsel of onderdak vinden bij de burgerbevolking. Volgens hulporganisaties is de voedselsituatie in veel van de kampen erbarmelijk. De kans op het uitbreken van epidemieën is groot. (Reuters, AP)