Russische leger: Basajev in de val in Tsjetsjenië

Het Russische leger heeft de Tsjetsjeense krijgsheer Sjamil Basajev omsingeld in een dorp in het westen van Tsjetsjenië. Dat meldde gisteren generaal Vladimir Sjamanov, commandant het het 58ste leger dat in het westen van Tsjetsjenië vecht.

,,Ik heb Basajev omsingeld in Goragorski. Hij loopt daar rond als een luizige hond'', zo zei de generaal tegen de Russische televisie. Hij voegde daaraan toe dat ,,het elimineren'' van Basajev ,,een erezaak'' voor hem is.

Basajev is voor de Russen vijand nummer één. Hij wordt verantwoordelijk gehouden voor de fundamentalistische opstand van augustus en september in de buurrepubliek Dagestan en voor de reeks van aanslagen op flatgebouwen in Russische steden, waarbij bijna driehonderd doden zijn gevallen. Basajev speelde een prominente rol in de Tsjetsjeense oorlog van 1994 tot 1996; na die oorlog heeft hij zich in eigen land ontwikkeld tot een eigenzinnig en onafhankelijk krijgsheer die zich onttrok aan ofwel verzette tegen het gezag van de Tsjetsjeense president Aslan Maschadov.

De Russische minister van Binnenlandse Zaken, Vladimir Roesjailo, zei vrijdag dat Basajev en zijn tweede man, Chattab, zullen worden ,,gedood of gevangen genomen''.

Goragorski is een plaats op zestig kilometer ten westen van de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny. De stad werd eerder fel beschoten door het Russische leger, dat er echter wegens ,,het verzet van een professioneel, goedbewapend Tsjetsjeens leger'' niet in slaagde de stad in te nemen.

De Russische premier Poetin heeft gisteren in een reactie op het zondag door Maschadov gelanceerde vredesplan gezegd niet met de Tsjetsjenen te zullen praten voordat Basajev en zijn plaatsvervanger Chattab zijn uitgeleverd. Hij zei dat de Tsjetsjeense president met de twee krijgsheren onder een hoedje speelt met het doel het imago van Rusland in het buitenland te bezoedelen.

De woordvoerder van de Tsjetsjeense president Maschadov zei gisteren in Grozny dat bij Russische beschietingen en bombardementen tussen 5 september en 10 oktober meer dan zevenhonderd mensen om het leven zijn gekomen. Volgens de presidentiële woordvoerder hebben de Russen tien steden en zeventig dorpen gebombardeerd. (Reuters, AP, AFP)