Zappen langs film, literatuur en popmuziek

Vier Oost-Nederlandse punks hanenkammen en leren jacks stonden zaterdag wanhopig aan de deur van het Haags Filmhuis. Binnen een paar uur zou in zaal 2 opgetreden worden door Marky Ramone, ex-drummer van de legendarische punkgroep The Ramones. Maar het Crossing Border-festival, waarvan Marky's solovoorstelling deel uitmaakte, was uitverkocht, en zelfs de smeekbede om `heel eventjes' en `alleen voor Marky' binnengelaten te worden, kon de portiers niet vermurwen.

De punks kunnen gerust zijn: de aangekondigde `multimedia-performance' van Marky Ramone bestond uit niet meer dan een saaie film van het Ramones-publiek van jaren her, doorschoten met jeugddia's en commentaar van de meester zelf. Een deel van het publiek spoedde zich dan ook naar een van de negen andere, aan het Haagse Spui gelegen Crossing Border-zalen, waar op hetzelfde moment meer vuurwerk kwam van Kamagurka, van Reve-imitator Heere Heeresma en van de Britpopgroep Placebo, die het snikhete en doorrookte Asta vulde met harde gitaarrock en Bowie-achtige vocalen.

Multiple choice is de charme van Crossing Border, dat van woensdag tot en met zaterdag voor een publiek van 8000 meer dan 130 acts te zien gaf. Omdat de concerten en voorlezingen vaak te laat of te vroeg beginnen zo zag ik alleen het staartje van het singing & songwriting van de veelbelovende Vlaamse groep Novastar heeft het weinig zin om jezelf een programma op te leggen. Je zapt rond en blijft hangen waar je geboeid raakt. Bij een indringende jonge rapster met een hese stem, een traag pompende geluidsband en een drietalig New Age-repertoire (Kinnie Starr). Bij een fanatieke zanger-gitarist met geestige liedjes uit Iowa (The Mountain Goats). Of bij een snel gesneden experimentele film waarin gewone Amerikanen, maar ook beroemdheden als Jimmy Carter en Johnny Depp hun lievelingsgedicht declameren (The United States of Poetry wie maakt er in Nederland zo'n film?).

De afwisseling van film, pop en literatuur het bestaansrecht van Crossing Border leek beter in balans dan ooit. De schrijvers werden zaterdag niet ondergesneeuwd en trokken volle zalen. Niet alleen de grote namen, zoals Kees van Kooten, die schijnbaar associatief en met ontwapenende nostalgie vertelde over ,,de grenzen die ik in mijn eigen leven overschreden heb''; en Gerrit Komrij, die een half uurtje dood en bederf in strakke verzen perste. Maar ook de Schot John Burnside, die gemoedelijk zittend op een barkruk een moordscène uit zijn controversiële roman The Dumb House voorlas; en de (Egyptische) Nederlander Rashid Novaire, die na het voorlezen van een polderverhaal uit zijn cosmopolitische bundel Reigers in Caïro in het Filmhuis plaatjes draaide van Georges Moustaki, Aretha Franklin en Youssou N'Dour.

Rijp en groen liep door elkaar. Op de late avond maakte vooral de zwartgehoede Kinky Friedman furore, met de hilarische countrysongs die hij schreef (en uitvoerde met zijn band The Texas Jewboys) voordat hij tien jaar geleden doorbrak als schrijver van detectiveromans (Armadillos & Old Lace, The Love Song of J.Edgar Hoover). Wie uitgelachen was om teksten als `They Don't Make Jews Like Jesus Anymore' en `Get Your Biscuits In The Oven And Your Buns In Bed', kon nog een slaapmutsje halen in het Theater aan het Spui. Daar speelde rond enen misschien wel de origineelste act van de week: het Belgische folktrio Lais. Met hun harmonieus gezongen wereldmuziek en hun grensoverschrijdende ballades in het Vlaams, het Frans en het Italiaans, sloten drie schutterige jonge meisjes de zevende editie van Crossing Border in stijl af.