`Niet onderhandeld over Mondriaan'

De Nederlandse overheid heeft nagelaten te onderhandelen over de aankoopprijs van Victory Boogie Woogie, het laatste schilderij dat Piet Mondriaan (1872-1944) maakte. De Nederlandsche Bank betaalde augustus vorig jaar via de Stichting Nationaal Fonds Kunstbezit 40 miljoen dollar, 82 miljoen gulden, voor het onvoltooide schilderij. De Algemene Rekenkamer keurde de koop af, omdat de Tweede Kamer daarvoor geen toestemming had gegeven.

Uit de correspondentie tussen het Haags Gemeentemuseum (HGM) en destijds de eigenaar van het werk, de Amerikaanse collectioneur S.I. Newhouse, die KRO-journalisten na beroep op de Wet openbaarheid bestuur konden inzien, blijkt nu dat premier Hans Locher, directeur van het HGM, onmiddellijk bereid was de vraagprijs te betalen. De brieven maken geen melding over concurrenten, die volgens premier Kok en minister Zalm van Financiën op de kust waren en die de prijs hadden kunnen opdrijven. Als het parlement betrokken zou zijn geweest bij schenking en aanschaf, dan ,,was de wand van het Haags gemeentemuseum leeg gebleven'', zei premier Kok vorig jaar in de Tweede Kamer.

D66, CDA en GroenLinks hebben om opheldering gevraagd. Ze vragen Kok en Zalm onder meer of het juist is dat zich geen andere kandidaat-kopers hebben gemeld voor de Mondriaan vanaf het moment dat directeur Locher de onderhandelingen opende met Newhouse. En zo ja, stellen woordvoerders van de drie partijen, waarom hebben Kok en Zalm dan in een Kamerdebat gesuggereerd ,,dat er kapers op de kust waren.''

,,Met de heer Newhouse viel helemaal niets te onderhandelen'', zei Locher vanmorgen. ,,Hij wilde het doek in eerder stadium ook nooit in bruikleen geven. Wie over de contextuele kennis beschikt weet één ding zeker: de koop was graag of niet. En wat die concurrentie betreft: destijds is een van de potentieel geinteresseerden, Galerie Beyeler in Bazel zelfs op de televisie geweest.''