Generali wint strijd om aankoop concurrent INA

De Italiaanse verzekeringsmaatschappij Generali heeft de strijd om concurrent INA gewonnen nu de bank San Paolo-IMI, die ook INA wilde inlijven, akkoord is gegaan met een compromisvoorstel. Generali wordt nu de derde verzekeraar in Europa en nummer één op het gebied van levensverzekeringen.

Vorige maand zorgde Generali voor grote opschudding door een openbaar bod te doen op INA. Die maatschappij was op dat moment in gesprek met San Paolo-IMI over een fusie, en het bod werd beschouwd als een oorlogsverklaring. Vrijdag besloot de raad van bestuur van San Paolo-IMI af te zien van opties als een tegenbod op INA of veel verdergaande plannen om Generali of zijn partner, de handelsbank Mediobanca, over te nemen.

INA zal nu worden opgesplitst. De verzekeringspoot, het grootste onderdeel van het bedrijf met kernmaatschappij Assitalia, zal overgaan naar Generali. San Paolo-IMI, vooral sterk in het noordwesten van het land, zal het belang van 51 procent in de Banco di Napoli overnemen en daarmee een sterke positie in Zuid-Italië krijgen. San Paolo-IMI neemt ook een belang van 2,5 procent in Generali.

San Paolo-IMI was ook geïnteresseerd in Ina's belang van 7,25 procent in de Banco Nazionale del Lavoro, maar dat valt buiten het akkoord met Generali. Er wordt op gespeculeerd dat de Unicredito-groep op korte termijn hierop een bod zal doen.

Alfonso Desiata, de president van Generali, is de grote winnaar in het gecompliceerde gevecht rondom INA. Zijn bedrijf versterkt zijn positie op de Europese markt. Dat maakt het minder kwetsbaar voor eventuele overname - er is deze zomer op gespeculeerd dat de Franse maatschappij Axa interesse had voor Generali.

Bovendien ziet Desiata zijn autonomie ten opzichte van de handelsbank Mediobanca enigszins vergroot. Die is met veertien procent van de aandelen zijn belangrijkste bondgenoot, maar Desiata probeert al enige tijd meer zijn eigen koers te varen. Doordat San Paolo-IMI, tegenstander van Mediobanca, is toegetreden tot de groep aandeelhouders, krijgt hij nu meer speelruimte.

San Paolo-IMI heeft zijn ambitie om een grote bank-verzekeringsgroep te vormen, voorlopig moeten bijstellen. Met steun van een van zijn belangrijkste aandeelhouders, de houdstermaatschappijen IFI en IFIL van de familie Agnelli, die ook Fiat controleert, wilde de bank proberen een tegenpool te vormen tegen het oppermachtige netwerk dat de handelsbank Mediobanca heeft gesponnen. De in Turijn gevestigde bank krijgt nu als troostprijs de Banco di Napoli.

In regeringskringen en bij de Italiaanse centrale bank bestond de angst dat de strijd rondom de INA zou uitlopen op een felle oorlog waarbij San Paolo-IMI buitenlandse bondgenoten zou kunnen zoeken, en waarbij voor het Italiaanse bestel sleutelondernemingen als Generali en Mediobanca het risico zouden lopen in buitenlandse handen te komen.

Antonio Fazio, de gouverneur van de centrale bank, heeft bij herhaling duidelijk gemaakt dat hij wil voorkomen dat buitenlandse banken profiteren van de relatieve zwakte van veel Italiaanse financiële instellingen. Premier Massimo D'Alema streeft naar de vorming van een aantal Italiaanse `kampioenen' op economisch en financieel terrein die op Europees en mondiaal niveau kunnen concurreren. Bovendien bestaat er binnen het kabinet weinig sympathie voor de familie Agnelli.

Volgens Enrico Salza, lid van de raad van bestuur van San Paolo-Imi, vormden de bezwaren in Rome een onoverkomelijk obstakel. Het had daarom geen zin om te proberen via de markt de strijd aan te gaan met Generali en Mediobanca. Op de vraag wie de plannen van San Paolo-IMI om een nieuw financieel machtsblok te vormen uiteindelijk hebben geblokkeerd, antwoordde hij: ,,De regeringsautoriteiten en de Italiaanse (centrale) bank. We konden niets anders doen dan daar notie van nemen.'' Hij maakte duidelijk niets te voelen voor een langdurige oorlog met Mediobanca. Ook al heeft deze bank nu bij Generali wat terrein moeten prijsgeven, zij heeft de opkomst van een potentieel sterke concurrent weten te voorkomen. Salza kondigde wel aan dat San Paolo-IMI zijn plannen niet opgeeft.