Fracties in Kamer bereiken compromis over deeltijdwet

De Tweede-Kamerfracties van PvdA, VVD en D66 hebben een compromis bereikt over de deeltijdwet. De VVD verzette zich aanvankelijk tegen het wetsvoorstel `Recht op aanpassing van de arbeidsduur' omdat werknemers daarmee een wettelijk recht krijgen om langer te werken.

Het compromis van de VVD bestaat eruit dat deze bepaling weliswaar in de wet blijft staan, maar dat als in CAO's iets anders wordt afgesproken over langer werken deze afspraken zullen prevaleren.

De VVD verzet zich samen met de oppositiefracties van het CDA, GPV, SGP en RPF tegen langer werken. Deze fracties menen dat dit in strijd is met het uitgangspunt van de Kaderwet Arbeid en Zorg, waarvan de deeltijdwet een onderdeel is. Die wet beoogt zorgtaken beter te laten aansluiten bij arbeid en langer werken past daar volgens deze fracties, die exact de helft van de Kamerzetels bezetten, niet bij.

De andere helft van de Tweede Kamer, PvdA, D66, GroenLinks en SP, menen met de indiener van het wetsvoorstel, staatssecretaris Verstand (Sociale Zaken, D66), dat vooral vrouwen met kleine banen zullen profiteren van de wettelijke mogelijkheid langer te gaan werken. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om vrouwen die minder zijn gaan werken om de zorg op zich te nemen voor de kinderen, maar als de kinderen ouder worden weer langer willen gaan werken.

De bepaling of werknemers langer kunnen werken wordt met het compromis via de CAO's in handen van de sociale partners gelegd. ,,Wij hebben onze zin gekregen'', zegt het Kamerlid Örgü (VVD), ,,het primaat komt bij werkgevers en werknemers te liggen.'' Kamerlid Bussemaker (PvdA) heeft eveneens het gevoel haar zin te hebben gekregen: ,,De vermeerdering van werktijd is immers niet uit de wet gehaald.''

De coalitiefracties zijn nog wel verdeeld over de vraag of de lijst met `zwaarwegende bedrijfsbelangen', op grond waarvan een werkgever een verzoek tot korter werken kan afwijzen, in de wet moet komen te staan.

Een Kamermeerderheid bestaande uit PvdA, D66, CDA en GroenLinks wil dat de lijst met weigeringsgronden uit de wet verdwijnt. ,,Als dat gebeurt stemmen wij tegen de wet'', is de dreiging die Örgü daar tegenover stelt. De fracties die tegen het opnemen van de lijst zijn, vrezen dat werkgevers te veel mogelijkheden krijgen om onder het wettelijk recht op deeltijdwerk uit te komen.