De bijbel als wetboek

De eerste minuten roepen de dichter Marsman op. Het pontje over de Rijn, het karakteristieke Betuwse landschap, boven de polder de hemel. Plaats van handeling: Opheusden, een dorp halverwege de zogeheten `bible-belt' die door Nederland meandert – van Zeeland, via de Zuid-Hollandse eilanden en waarden, de Betuwe en het Veluwe-massief tot het noordwesten van Overijssel.

Maar die eerste beelden van de documentaire Waar de Worm niet sterft, die de NPS vanavond uitzendt, staan in schril contrast met de duisternis van het zwartekousengeloof. Voor velen in Opheusden is de bijbel een wetboek, het evangelie geen blijde boodschap. Vrees voor eeuwige straf houdt de gelovigen in de greep. Er leeft angst voor de hel waar, naar het woord uit het bijbelboek Marcus, `de worm niet sterft en het vuur niet wordt uitgeblust'.

De meeste mensen die in deze zorgvuldig gemaakte en soms beklemmende documentaire aan het woord komen, zijn afgeknapt op het religieus fatalisme en het moralisme die deze geloofsrichting kenmerken. Sommigen hebben afscheid genomen van de kerk uit afkeer van de goddelijke willekeur die elke zondag weer werd gepreekt: ,,Hoe weet je of het goed zit met je? Dat moet je gegeven worden.'' Anderen haakten af wegens de veelheid aan wetten en regels waaraan zij zich dienden te onderwerpen: lang haar en lange rokken voor de vrouwen, geen inenting, geen verzekering, geen voorbehoedsmiddelen. ,,Als je een televisie koopt, is dat geestelijk je doodvonnis.'' ,,Als je een snor of een baard hebt, mag je je kind niet laten dopen.'' De makers van de film laten zien hoe diep dergelijke normen en waarden zich inkerven. Niemand is er echt helemaal los van geraakt. Onderhuids schrijnt ook het heimwee.

Het is overigens de vraag of men deze vorm van geloven kan omschrijven als protestants-christelijk fundamentalisme, zoals in de film wordt gedaan. Echte fundamentalisten laten hun geloofsgenoten niet zo gemakkelijk vertrekken. Twee kerkverlaters in de film spreken er hun verbazing en teleurstelling over uit, dat er door de kerkenraad geen serieuze poging is gedaan om hen voor geloof en kerk te behouden. Ondanks hun vrijwillig gekozen afscheid hebben ze het gevoel door hun kerk in de steek gelaten te zijn.

Bijzonder is dat regisseur Peter Gielissen erin geslaagd is ook twee mensen voor de camera te krijgen die nog midden in de kerk staan. Ook zij krijgen de tijd om hun verhaal te doen. Een oudere dame geeft van haar leven een openhartige schets, die uitloopt op de verzuchting: ,,Kon ik er maar makkelijker over denken, maar het gaat niet.'' Een jongen begint te stralen als hij vertelt hoe zijn geloof hem groter vreugde geeft dan café- of discobezoek hem ooit zou kunnen bieden.

De muziek die als brug is gebruikt tussen de verschillende delen van de documentaire lijkt niet direct uit deze bevindelijke kringen afkomstig te zijn. Ze klinkt stichtelijk, maar wel erg luchtig. De flarden van preken die te horen zijn – helaas te kort voor een inhoudelijke evaluatie – geven misschien wel een indruk van de toonhoogte van de kerkdiensten in deze kringen, maar het is onduidelijk of ze exemplarisch zijn voor het totaal van de diensten.

Ook ds. Buskes kon zijn stem laten bibberen – en die behoorde bepaald niet tot de zwartekousenkerken.

Waar de worm niet sterft, Ned.3, 21.00-21.25u.