`Ik hoef er niet naar te kijken'

Hij zou het vreselijk vinden als op zijn graf kwam te staan: `Hier ligt Harry de Winter van Lingo'. Want net als Joop van den Ende vindt ook tv-producent Harry de Winter dat televisie meer zou moeten bieden dan simpel vermaak.

En nu is hij zelf op tv. Met het praatprogramma Wintertijd. `Ach ja, ijdel hè?'

Ze hádden niet eens televisie, vroeger in Oss. Fataal voor huiswerk vond moeder. En een dom ding waarvan je niets wijzer werd. Zijn vader won er per ongeluk een, met een kruiswoordpuzzel in Het Parool. Maar toen was het al midden jaren zestig. Harry de Winter heeft het nooit als een gemis ervaren.

,,Televisiekijken is een murw makende bezigheid'', vindt hij. ,,Een verarming van communicatie. It kills creativity..., gezelligheid, literatuur, gesprekken. Kijk maar eens wat er gebeurt als ergens de tv aanstaat. Ik wil geen toestel in mijn woonkamer.''

Het klinkt misschien wat paradoxaal uit de mond van een man die tweeëntwintig van zijn beste jaren wijdde aan het maken van televisieprogramma's. De Winter vindt van niet. ,,Tv máken is toch heel wat anders dan tv kíjken? Het is een hartstikke leuk vak! Dat ik het beoefen, wil toch niet zeggen dat ik er de hele dag naar moet kijken? Een schilder gaat toch ook niet de hele dag naar het museum?''

Harry de Winter (1949). Handige prater. Maker van ,,vijfduizend programma's'' waaronder Lingo, Oud geld, Pleidooi, De Wallen op stap en De hunkering. Oprichter van televisieproductiebedrijf IDTV, na Endemol de tweede televisieproducent van Nederland. Multimiljonair. Als langharige hippie bezette hij ooit het Maagdenhuis, nu heeft hij een tweede huis in Frankrijk.

Hij had rustig kunnen gaan leven, zegt hij. Rentenieren zelfs. In 1994 verkocht hij het eerste gedeelte van zijn aandelen in IDTV, in 1997 het tweede. Naar verluidt ontving hij er meer dan vijftig miljoen gulden voor. Maar ja, rustig leven is niets voor hem. Dus toen zijn connecties in het wereldje hem een televisieprogramma bij RTL5 aanboden, zei hij geen nee. Sinds vorige maand presenteert hij Wintertijd, een talkshow waarin iemands muzikale voorkeur geschetst wordt. Willem van Kooten zat er vier weken geleden. Toen Michiel Romeyn, Joost Zwagerman en vanavond Huub Stapel. ,,Een beetje als Zomergasten, maar dan over muziek'', vindt De Winter zelf.

De vergelijking met Harry Mens dringt zich op. Ook zo'n geslaagde zakenman die op zijn oude dag nog een televisieprogramma op RTL5 wilde proberen. ,,Ach ja, ijdel hè'', grijnst De Winter. Maar had hij geweten dat het zó zwaar zou zijn, had hij zich wel bedacht, zegt hij. ,,Het is een ramp jezelf terug te zien. In de spiegel zie je alleen maar hoe je jezelf wilt zien. Maar op tv met een camera en licht, is het genadeloos. Ik ben erg geschrokken. Het was een confrontatie met mezelf.''

De eerste afleveringen moest de presentator nog een beetje op gang komen, zo leek het. Het was nog niet veel meer dan twee heren, pratend aan een tafeltje over het eerste singletje dat ze kochten, gekke bandjes die ze adoreerden. De Winter oogde nog wat nerveus. Vooral de kijker die de strak versneden muziekdocumentaires bij Veronica gewend is, zal snel doorzappen.

,,Mijn broer vond de eerste aflevering kut'', zegt De Winter. ,,Saai en oubollig, zei hij, terwijl hij mij altijd zo modern vond. Dat kwam heel hard aan hoor. Maar ikzelf vind het een verademing tussen alle hightech en gehaast en geschreeuw die je elders op tv ziet; zo'n programma waar nog de tijd genomen wordt voor een gesprek. En ik vind mezelf na drie afleveringen al een stuk beter. M'n broer ook trouwens.''

Hij kantoort weer aan de Amsterdamse Sarphatikade. Buiten zijn ze met de gevel bezig, het interieur is net gedaan. Crèmekleurige muren, stucwerk, kroonluchters, teakhout en clubfauteuils – aan de overkant van de rivier ligt het Amstel Hotel. In 1997 verhuisde IDTV naar een industrieterrein in Diemen. ,,Maar dat hadden we nooit moeten doen, zeg ik achteraf.'' Hij begon aan de Kloveniersburgwal, ,,met een bakelieten telefoon en een bordje IDTV op de deur''; maar hier heeft hij zich altijd het meest thuisgevoeld, zegt hij.

Hij is president-commissaris, thans. Hij zegt het spottend, lijzig, in zijn suède jekkie en weekendbaard: `Presidént commissáris'. In mei trok hij zich terug als televisieproducent toen IDTV eeuwige concurrent D&D overnam. Het nieuwe bedrijf heet ID&D TV. De Winter had ervoor kunnen kiezen om er helemaal mee te breken. Dat deed hij niet. Hij dient de nieuwe leiding van advies als zij dat wenst, houdt voor de aandeelhouders de winstontwikkeling in de gaten, bekijkt de nieuwe programma's, en beoefent de `buitenlandse expansie'. Is hij zo'n cliché van een oude directeur geworden, die maar geen afscheid kan nemen? De Winter vindt van niet. ,,Ik ben los van IDTV. Echt waar. Natuurlijk is er leven na IDTV. Maar ik zou het zonde vinden als er met die know how die ik in 25 jaar heb opgebouwd helemaal niets meer zou gebeuren.''

Hij wil serieus genomen worden. Zijn vechtlust is begonnen op school – als joods jongetje tussen de katholieken. Dan scholden ze naar hem dat hij Jezus gekruisigd had. Een keer kwam hij huilend thuis. ,,Zeg maar dat Jezus ook een jood was'', zei zijn moeder.

Zijn ouders zijn getekend door de oorlog. Beiden verloren zij hun eerste geliefde. Na de oorlog besloten ze samen opnieuw te beginnen in Oss, waar vader De Winter bij Organon in dienst trad. Hij werkte er in het team dat de anticonceptiepil ontwikkelde.

Harry werd vernoemd naar de vermoorde geliefde van zijn moeder en als zijn broer een meisje was geweest, was zij vernoemd naar de eerste vrouw van zijn vader. Maar, zo wenst De Winter te onderstrepen, hij mag dan een tweede generatie joodse jongen zijn, hij is geen tweede generatie slachtoffer.

Zijn ouders zijn altijd blijven praten over wat hun overkwam. Ze hebben hun verdriet nooit weggestopt, zoals zoveel van hun leeftijdgenoten deden. Hij heeft geen oorlogstrauma's, zegt De Winter. ,,Het verleden van mijn ouders heeft er hoogstens toe bijgedragen dat ik nooit geleerd had ruzie te maken.''

De Winter leerde snel bij. Zijn carrière is doortrokken geweest van ruzietjes, conflicten en rechtszaken. Zo clashte hij onder meer met het toenmalige RTL Véronique, Hennie Huisman, de NOS, de NCRV, Euro TV, Endemol; en was er een incompatibilité d'humeur met Bart in 't Hout van SBS6 en met Lex Harding van Véronique. Maar De Winters grootste `vijand' is Joop van den Ende. De Winter noemt hem liever `rivaal'. De breuk ontstond over de rechten van Hennie Huismans Playbackshow. Het kwam nooit meer goed. In een contract liet De Winter opnemen dat IDTV nooit mocht worden verkocht aan Van den Ende.

De Winter vindt het aantal conflicten `erg meevallen als je het bekijkt over twintig jaar'. Hij heeft altijd geprobeerd in der minne te schikken maar als dat geen resultaat had, móest hij wel procederen. ,,Van mijn ouders heb ik namelijk óók een heel groot rechtvaardigheidsgevoel bijgebracht gekregen. Als er teksten tegen mij geroepen werden in de trant van `die contracten, daar veeg ik mijn reet mee af', kan ik dat niet laten passeren. Ik zou het morgen weer doen, als iemand me zoiets zou flikken.''

Het is waar wat ze zeggen over kleine mannetjes met een grote bek, vindt hij. ,,Je moet harder vechten. Ik heb dat altijd zo gevoeld. Vooral op school. De lange jongens maakten de blits bij de meisjes, dat was vreselijk, dat moet je compenseren. Wie niet groot is moet slim zijn.''

Nu hij zijn eigen televisieprogramma heeft, is hij eindelijk weer een beetje de kunstenaar die hij altijd zo graag had willen worden, zegt hij. Hij heeft er lang over gedaan. Op de middelbare school las hij in Het Parool over de Amsterdamse kunstscene en hij wilde daar ook bij horen. Hij schreef gedichten, maakte schilderijen en speelde gitaar. ,,Er waren van die jaarlijkse schoolmarkten waar iedereen zijn hobby's liet zien. Dan kwamen zij met hun munten en sigarenbandjes; Ik met mijn rare schilderijen.''

Zijn eerste was een schilderij van een meisje in bikini met `seks' daarover heen geschreven. ,,Dat had ik ingelijst in een wc-bril en daar stond dan onder `Ik, Jan Cremer, 1964'. Ondertussen ben ik met hem bevriend, maar tóen was hij mijn held, Jan Cremer. Net als hij wilde ik artiest zijn. Performer.''

Het werd een teleurstelling. ,,Ik had het geduld niet om mij ergens écht in te bekwamen. Mijn broertje ging keurig naar de muziekschool om een instrument echt goed te leren bespelen, ik leerde van een vriendje zes akkoorden en dan kon ik het wel. Bovendien had ik het talent niet.

,,Achteraf heb ik wel eens gedacht, eigenlijk ben ik altijd al een beetje producent geweest. Ik heb me altijd omringd met artistiekelingen en creatieven; maar ik was altijd het zakelijke talent. Ik was wel performer, maar draaide andermans muziek. Soms heb ik me daar wel eens gefrustreerd over gevoeld, maar tegenwoordig weet ik dat je iets moois niet kunt maken zonder producent. En dat het een vak apart is. Ik was er goed in. Het vluchtige van het medium televisie paste precies bij mij. Een van de kenmerken van mijn sterrenbeeld, Tweeling, is dat ze een heel klein beetje weten van een heleboel dingen. Dat heb ik ook. Ik ga slechts in weinig dingen diep. Dat ís tv. Met een korte aanlooptijd bereik je een heel groot publiek. Dat heb ik altijd geweldig gevonden.''

De Winter was een van de eerste zelfstandige televisieproducenten in Hilversum. Daarvóór hadden de omroepen hun programma's altijd zelf gemaakt, maar De Winter kwam `van buiten' met programma-ideeën. Dat beviel de omroepen zo, dat hij die programma's ook zelf mocht gaan maken. Hij verdiende er goed aan. De omroepen hadden geld zat en er was nog geen concurrentie van de commerciële tv. Het was de tijd van de contracten op bierviltjes en de begrotingen op kladpapier. Decors, licht, geluid, het maakte niet uit wat het kostte. En als iets op locatie moest worden gefilmd, dan reed het hele circus mee. Hij maakte de eerste videoclips voor de TROS Top 50, het jongerenprogramma Je Ziet maar voor de VARA en registraties van de popconcerten van Madonna, Prince en Pink Floyd.

Maar de échte klapper kwam in 1989, met het dagelijkse spelletje Lingo. De Winter had het ergens in Amerika toegespeeld gekregen. Zomaar, door `een licht kalende man' die waarschijnlijk toevallig wist dat hij producent was. ,,Ik haaaat spelletjes'', had De Winter hem toegebeten. Maar hij had de videoband tóch aangepakt. En verdraaid: Een paar weken later kwam de VARA met het verzoek om een spelprogramma.

Lingo werd de moneymaker die alles zou veranderen. Het internationale kassucces dat thans in zo'n twintig landen wordt verkocht. Het stelde zijn bedrijf in staat duurdere televisieproducties te maken als de met een Gouden Kalf onderscheiden dramaserie Pleidooi en, veel later, het met een Nipkow-schijf bekroonde vervolg Oud Geld. Zonder Lingo, had IDTV nooit kunnen uitgroeien tot het bedrijf dat het nu is.

Toch doet De Winter zelf altijd een beetje geringschattend over zijn cashcow. Hij zou het heel jammer vinden, zegt hij, als op zijn grafsteen zou komen te staan: `Hier ligt Harry de Winter van Lingo'. ,,Dan heb ik liever Pleidooi. Dat vond ik het mooiste. Dat gíng ergens over, die rechtszaken die erin zaten.''

Misschien had hij tóen moeten zeggen; `tot hier en niet verder'. Die macht had hij natuurlijk, hij was de baas. Hij had de stekker er zo uit kunnen trekken. Of althans, het ventiel even open kunnen zetten zodat de lucht er uitliep. Dan was IDTV een kleine producent gebleven die louter met `kwaliteitsproduct' werd geassocieerd. Dan was Lingo de uitzondering op de regel gebleven.

Maar hij deed het niet.

IDTV groeide in de jaren erna. Het bedrijf ging gesponsorde programma's maken – programma's waarin reclame wordt gemaakt – maar ook het brutale Man o man waarin mannen door vrouwen werden gekeurd. En wat ooit met De Wallen op stap was begonnen als een documentaire over de Zeedijk verwerd tot een `ranzige serie over allerlei extreme vormen van seks', zoals De Winter het nu zelf omschrijft.

,,Je maakt niet iets omdat het scoort, maar omdat je het zelf mooi vindt'', had hij begin jaren negentig nog in de Penthouse gezegd. En: ,,Ik zou het vreselijk vinden als ik alleen maar programma's moest gaan bedenken om een hogere omzet te halen'', in de Panorama. Een paar jaar later golden die regels blijkbaar niet meer. IDTV was op weg naar succes en winst. ,,Onze moraal kwam permanent onder druk te staan. De markt stelde andere eisen. Maar zo'n stoomtrein ga je niet staan tegenhouden'', zegt De Winter.

Zijn knieval voor de commercie legde hem geen windeieren. IDTV groeide naar een omzet van zeventig miljoen gulden in 1997. De panden aan de Amsterdamse Sarphatikade werden te klein en IDTV verhuisde naar een industrieterrein bij metrostation Diemen. En Harry de Winter, de hippie, de kunstenaar, die altijd geroepen had dat hij altijd zo benauwd werd van kantoortuinen, ging mee.

,,Het is net zoals je ook niet meer precies weet wanneer bepaalde normen en waarden in de maatschappij vervagen'', zegt De Winter. ,,Dat sluipt erin. Maar je wilt je mensen aan het werk houden, je aandeelhouders tevreden.'' Bovendien, zo zegt hij, kon hij zijn bedrijf niet in de steek laten toen in 1997 de markt instortte en IDTV alleen met een ingrijpende reorganisatie nog van het faillissement gered kon worden. Vanaf dat moment was elke opdracht welkom. ,,Ik heb het steeds met open ogen gedaan.''

Hij weet wél dat hij het werk sindsdien steeds minder leuk begon te vinden. Hij merkte dat hij steeds meer ging delegeren aan anderen, `die mijn normproblemen minder hadden'. ,,Ik werd steeds meer de producent bovenin. Uiteindelijk heeft dat proces geleid tot de overname dit jaar, van D&D. Jongens van de andere generatie, jongens die veel commerciëler zijn dan ik. Ik had het zelf ook wel gekund, ik ben zakelijk genoeg. Maar ik had er niet zoveel zin meer in. Het is mijn tijdsgewricht niet meer.''

Hij verslikte zich bijna, toen hij vorige maand in de Volkskrant las dat uitgerekend zijn aartsvijand Joop van den Ende zich zorgen maakt over de verpaupering van de commerciële televisie. En dat de commerciële omroepen in hun jacht op de kijkcijfers steeds meer grofheden uitzenden. Van den Ende pleitte voor een overheidsinstantie, die de programmering van de zenders moet gaan controleren.

,,Dat riep ik dus al in mei'', zegt De Winter verontwaardigd. ,,Kijk de archieven er maar op na! Maar als ik het zeg, pikt alleen Het Parool het op. En als na de zomervakantie Joop hetzelfde roept, staat het ineens op de voorpagina van de Volkskrant.''

Wat is het toch met die heren producenten die jarenlang goud geld hebben verdiend aan pulp op tv en in de nadagen van hun carrière ineens moord en brand roepen over een ontwikkeling die ze zelf in gang gezet hebben? De Winter vindt dat je IDTV niet kan vergelijken met Endemol.

Natuurlijk, IDTV maakte het programma De hunkering, waarin kandidaten door middel van een `vleeskeuring' aan een partner moesten geraken; waarin presentator Theo van Gogh aan een meisje vroeg wat de kleur van haar schaamhaar was en waar ooit de suggestie werd gewekt dat kandidaten voor het oog van de camera de liefdesdaad verrichtten. ,,Maar hou nou toch eens op over De Wallen op stap en De hunkering'', zegt De Winter geïrriteerd. ,,Natuurlijk passen die programma's in de trend van ruiger wordende, platter wordende programmering. Maar ik heb niks tegen porno of seksuele toespelingen. Het gaat mij om de manipulatie in sommige televisieprogramma's. Die vind ik onacceptabel.''

Hij noemt de reality soap Big Brother waarin negen kandidaten honderd dagen lang met een camera worden geobserveerd `één stapje verwijderd van zelfmoord op tv'. En dan Love Test waarin stelletjes van elkaar gescheiden worden en worden gefilmd terwijl ze aan allerlei (buitenechtelijke) verleidingen worden blootgesteld. ,,En dan roept Joop dat er ingegrepen moet worden in het programma-aanbod. Je reinste schizofrenie!''

Maar, maakte De Winter zelf niet het programma Taxi? Een programma waarin nietsvermoedende passagiers met een verborgen camera werden gefilmd terwijl de chauffeur hen verleidde honderduit te praten. Dat is toch ook manipulatie?

,,Ik heb een eenvoudige grens en die heb ik nooit overschreden'', zegt De Winter, ,,en die is dat een programma nooit ten koste mag gaan van mensen. Natuurlijk is er wel eens iets misgegaan met Taxi en De Hunkering en dat zijn dan gênante momenten. Dan moet je als maker worden teruggefloten. Maar dat is ook gebeurd. Het is natuurlijk niet voor niets dat we na een jaar met De Hunkering gestopt zijn.''

Overigens, vindt De Winter, moet niet de producent, maar de zender met zijn zendmachtiging in eerste instantie aangesproken worden op wat er op tv te zien is. Maar als de omroepen hun verantwoordelijkheid niet nemen, moet er maar een commissie komen die televisieprogramma's gaat keuren. ,,Ik vind het een heel moeilijk onderwerp, want ik ben natuurlijk enorm tegen allerlei commissies die dingen voor anderen gaan bepalen. Ik ben een kind van de jaren zestig, nota bene! Maar ik vind, vanuit mijn rol als opvoeder en vader, dat er iets moet gebeuren.''