De lotsbestemming van Bogarde

Vlak voor de halve finale op het WK tegen Brazilië brak Winston Bogarde zijn kuitbeen. Vanavond maakt de 28-jarige verdediger tegen dezelfde tegenstander zijn rentree in Oranje. ,,Ik geloof niet in toeval, dit is mijn lotsbestemming.''

Met zachte stem praat Winston Bogarde over de moeizaam verlopen revalidatie nadat hij vorig jaar op het WK in Frankrijk zijn kuitbeen had gebroken. Soms trekt een grimas over zijn gezicht als hij wordt geconfronteerd met allerlei wilde verhalen, die over hem de ronde deden. Bogarde zou tot een sekte behoren, in Barcelona leefde hij als een kluizenaar, niemand krijgt echt hoogte van de bijna 29-jarige verdediger. ,,Ze vinden me een beetje raar'' erkent Bogarde. Zo vreemd is dat niet, want vijftien maanden lang verborg hij zijn gevoelens voor de buitenwereld. Maar de woede is eindelijk uit zijn lichaam verdwenen.

Sinds Bogarde in de verdediging van Barcelona zijn topniveau weer benadert, lijkt hij met zichzelf in het reine te zijn gekomen. Hoe vers zijn nog de beelden van een verbitterde voetballer, die vergeefs naar waardering zocht en de media als de advocaten van de duivel beschouwde? Er was enige moed voor nodig om de in zichzelf gekeerde Bogarde te benaderen. Een grauw en een snauw - en als hij zich echt opgejaagd voelde eventueel een dreigende vuist - waren de enige antwoorden, die Bogarde wenste te geven. Een onderdanige Frits Barend mocht hem voor RTL één keer met zijn gezin portretteren. Verder voelde Bogarde zich niet geroepen om zijn imago van straatvechter te corrigeren.

Vroeger had hij zijn jasje uitgetrokken om terug te vechten, zoals hij ooit in dienst van Ajax deed toen hij door aanhangers van Sparta werd uitgescholden. Tijdens het EK in 1996 in Engeland manifesteerde Bogarde zich na de verbanning van Edgar Davids als de meest militante aanhanger van de `kabel', het verbond van de donkere voetballers in Oranje. Zelfs vorig jaar op het WK leek hij van de plaatsing voor de halve finales nog een exclusief feest voor de `kabel' te willen maken, toen hij bij de dolle vreugdedans na de zege op Joegoslavië per ongeluk de keel van doelman Edwin van der Sar dichtkneep. De emoties van Winston Bogarde worden nu eenmaal slecht begrepen.

Op het voetbalveld heeft de robuuste - traditioneel met sieraden behangen - verdediger een bijna griezelige uitstraling. Bij zijn terugkeer in het Nederlands elftal straalt de Rotterdammer echter een serene rust uit. Vriendelijk en zachtaardig kijkt Bogarde terug op - alweer - een turbulente periode in zijn carrière. Zijn vuisten zijn tegenwoordig in fluwelen handschoenen verpakt, al is het motto in het leven van Bogarde onveranderd gebleven. ,,Ik heb altijd twee keer zo hard moeten vechten als een ander om de top te bereiken, dat gevoel loopt als een rode draad door mijn carrière. Nooit is de waardering vanzelf gekomen.'' En na enig nadenken: ,,Ik zou werkelijk niet weten hoe dat komt.''

Bij AC Milan raakte hij op een dood spoor, Barcelona ving vorig seizoen slechts sporadisch berichten op over zijn revalidatie in Amsterdam. Een basisplaats bij de Spaanse landskampioen heeft hij nog niet kunnen afdwingen. Maar tot een transfer naar Manchester United of Newcastle United liet de onpeilbare Bogarde zich niet verleiden.

,,Ik ben in feite pas begonnen bij Barcelona.'' Door externe factoren laat Bogarde zich niet langer beïnvloeden. ,,Als je een tijdje weg bent geweest, verzinnen mensen meteen de vreemdste verhalen'', concludeert hij.

Hoe kan Bogarde al die vooroordelen weerleggen? ,,Ik begrijp werkelijk niet hoe men heeft kunnen geloven dat ik lid was geworden van de Scientology Church, dat is volstrekte waanzin. Maar ik voel niet langer de behoefte terug te slaan. Vroeger bij Sparta ergerde ik me aan alles, toen was ik snel uit mijn evenwicht te brengen. Ook bij Ajax was ik zeer gevoelig voor het beeld dat van mij werd geschetst. Ik heb geleerd dat mensen er misbruik van maken als je jezelf teveel bloot geeft. Nu voel ik weer de behoefte om een andere kant van mezelf te laten zien in de hoop dat ik beter word begrepen.''

Maar vraag aan de eigenzinnige Bogarde niet om vrijwillig op te gaan in de grauwe massa, dat past niet in zijn karakter. Het beest in hem lijkt weliswaar getemd, zijn trots is ongebroken. Bogarde geeft een typerend voorbeeld. Als enige van de Nederlandse selectie heeft hij geen vast schoenenmerk. ,,Ik zou zo een contract kunnen tekenen, maar ik wil niet als een mak schaap achter de meute aanlopen. Ik zou niet weten waarom ik me nu ineens bij Nike zou moeten aansluiten. Ik haal gewoon de strepen af van de schoenen, die ik nu draag. Ik bepaal welke schoenen ik lekker vind en daar speel ik op.''

Nog geen week geleden werd Bogarde als invaller voor Frank de Boer bij Barcelona in het duel met Real Valladolid met een – onterechte – rode kaart van het veld gestuurd. De ironie wil dat Bogarde vanavond als vervanger van de geblesseerde Jaap Stam eindelijk Ronaldo tegen het lijf loopt. Een vergelijkbare opdracht had hij vorig jaar in de halve finales van het WK al willen vervullen. ,,Het heeft zo moeten zijn'', mijmert Bogarde. ,,Ik geloof niet in toeval, het is mijn lotsbestemming. Dit is natuurlijk een prachtig moment om terug te keren in het Nederlands elftal.''

Vooral om definitief af te rekenen met de pijnlijke herinneringen aan het verleden. ,,Die beenbreuk was een persoonlijk drama'', zegt Bogarde. ,,Ik ben het niet vergeten. Maar ik heb mijn hoofd schoon gemaakt om meteen aan de revalidatie te kunnen beginnen. Ik zag het duel met Brazilië op televisie en ik dacht: `daar had ik bij moeten zijn'.

Pas na een paar maanden kon ik weer normaal lopen. Het herstel verliep langzaam, omdat ook mijn enkelbanden flink waren beschadigd. Het was een eenzame periode. Maar vanavond zal ik de Arena betreden in de wetenschap dat het niet voor niets is geweest.''