Het gezin als bom

Bart Moeyaert is een schrijver die zijn lezers serieus neemt. Ook als het jonge lezers zijn. Hij spelt niet alles voor ze uit, hij laat een en ander ongezegd. Zijn personages zijn soms wispelturig, soms chagrijnig, vaak tegenstrijdig, niet speciaal heldhaftig. Hij schrijft mooi, levendig, beeldend. Dat alles maakt elk boek van hem iets om naar uit te zien. Nu heeft het bovendien nog een veelbelovende titel: Het is de liefde die we niet begrijpen.

De `we' die niet begrijpen, zijn `ik' een meisje, van misschien veertien, misschien iets jonger, haar zusje van zes en haar broer van een jaar of achttien. De liefde is niet hun eigen liefde, maar die van hun moeder. Al de liefdes van hun moeder. Hun vader is blijkbaar al lang uit haar leven verdwenen, op foto's `zien [we] hoe onze vader almaar verder weg op de achtergrond staat, en tenslotte helemaal van de foto's verdwijnt'. De nieuwe mannen in moeders leven zijn niet zo'n succes. Het boek begint met het verhaal `Het einde van Bordzek verteld door mezelf die erbij was'. Bordzek is ook weer zo'n man. Een Pool. En het is van meet af aan duidelijk dat er rond deze Pool van alles is waarover niet gesproken mag worden, of kan worden. `In uitpraten zijn wij allemaal niet zo goed'.

Een niet-goed pratend gezin is typerend voor Moeyaert, die een schrijver is die houdt van wat ongezegd aanwezig is, van wat mensen onzichtbaar en onhoorbaar stuurt.

Dit gezin lijkt een bom die op het punt van ontploffen staat. Ze zitten allemaal met elkaar in de auto, de dikke Pool zakt slapend tegen de `ik' aan die daar niet blij mee is, de broer rijdt en is woedend op zijn moeder en moeder is ook woedend. Het jongste meisje zegt bijna nooit iets. `Dat kind zit in een doos, denk ik soms. We moeten het stellen met de gedachte dat ze bestaat, verder blijft ze zo gesloten als een pak met een strik erom.'

Toch wordt wel duidelijk wat er is. Broer Axel wil dat moeder van haar Pool afziet. De zusjes horen 's nachts vreemde geluiden uit Axels kamer komen. Moeder gelooft niet dat het waar is wat Axel over haar vriend zegt. Bij stukjes en beetjes gaat de lezer begrijpen wat er is. Dat kan niet anders dan het begin van een verhaal zijn zou je zeggen. Want hoe moet dat weer goed komen, tussen moeder en zoon, moeder en wetende dochters, hoe moet zoon verder? Een punt dat ook tot verbazing leidt is waarom een jongen die oud genoeg is om een rijbewijs te hebben, zich laat misbruiken door een dikke Pool. Maar in het volgende verhaal gaat het niet meer over Bordzek en ook niet over wat er gebeurd is.

Dat gebrek aan vervolg is enigszins teleurstellend. En het volgende verhaal maakt dat niet helemaal goed. Daarin krijgt de moeder ineens als erfenis van háár moeder een hoop spullen en een oude man. Dat is bijzonder natuurlijk, om een oude man te erven. Maar ook dat komt weinig uit de verf. Broer en zus praten met elkaar `over de liefde die we niet begrijpen', maar wat ze zeggen, we weten het niet. Eigenlijk kom je uit dit hele boek erg weinig te weten over die liefde – het is zelfs de vraag of er eigenlijk wel van enige liefde sprake is. Moeder, om wie toch alles draait, blijft een schimmige figuur, ze krijgt nauwelijks contour of karakter, en wat we van haar `liefde' weten is uitsluitend dat ze steeds weer op een andere verkeerde man verliefd wordt.

In het laatste verhaal ten slotte, is broer Axel het huis uit, vanwege een ruzie met alweer een volgende vriend van moeder. Moeder zelf komt in dat verhaal helemaal niet voor, die is de deur uit met haar piloot. Het vertellende meisje denkt: `Ik vind het jammer dat mijn broer doet alsof hij stukken uit zijn leven vergeet. Alsof hij schrapt wat er eerst stond. Schrappen gaat niet zomaar.' Dat is waar. Het klinkt als een programmatische uitspraak, maar de waarheid ervan wordt niet door dit boek belichaamd.

Het lijkt of Moeyaert dit boek te vroeg heeft losgelaten. Nu lezen we het skelet van een boek. Geen slecht skelet, dat niet, maar liever zagen we een levend geheel.

Bart Moeyaert: Het is de liefde die we niet begrijpen.

Querido, 95 blz. ƒ19,95