ECB laat rentetarief ongemoeid

De Europese Centrale Bank (ECB) heeft na ,,intensieve discussie'' besloten de rente niet te verhogen. Gezien de dreigende stijging van de inflatie is in het monetaire beleid wel reden voor ,,verhoogde waakzaamheid''.

Dit heeft ECB-president Duisenberg gisteren gezegd na afloop van de tweewekelijkse vergadering van het bestuur van de Centrale Bank.

Op de financiële markten is verrast gereageerd op het besluit. In toespraken van hoge ECB-functionarissen – Duisenberg zelf, vice-president Moyer en chef-econoom en bestuurder Issing – was vorige week een waarschuwende toon bespeurd over stijgende risico's van oplopende inflatie in het eurogebied. Dat wekte de indruk dat de centrale banken de markten voorbereidden op een renteverhoging.

Duisenberg ontkende gisteren dat de toon van de uitspraken van de ECB-bestuurders veranderd was. Moyer, die bij het Europese Parlement had gesproken over een mogelijk antwoord van de ECB op een toegenomen prijsdruk, zou bovendien vanuit het Frans verkeerd zijn vertaald.

De intensieve discussie over het rentebeleid binnen het bestuur van de ECB, waarin naast zes vaste bestuurders ook de elf presidenten van de nationale centrale banken van de Economische en Monetaire Unie zitting hebben, heeft volgens Duisenberg in harmonie plaatsgevonden. Er is niet gestemd. Wel zijn er indicaties dat bij aanvang van de bijeenkomst geen eensgezindheid bestond.

De economische groei en het inflatietempo variëren nogal in de verschillende EMU-landen. Zo is de Franse economie flink op stoom, terwijl de Duitse economie nu pas uit het dal komt. Omdat slechts één rente kan worden gevoerd die voor alle eurolanden geldt, noemde de Franse minister van Financiën Strauss-Kahn de huidige economische omstandigheden vorige week een lakmoesproef voor de ECB.

Duisenberg somde gisteren een aantal factoren op die het risico van hogere inflatie in zich bergen. De geldgroei, waarvan de ECB heeft vastgesteld dat die dit jaar rond de 4,5 procent mag liggen om prijsstabiliteit te waarborgen, nam in augustus toe tot 5,6 procent. Een maand eerder was dit 5,5 procent. De kredietverlening aan de private sector nam in juli met 10,7 procent op jaarbasis toe. Duisenberg herhaalde zijn conclusie van vorige week dat de monetaire omstandigheden ,,genereus'' zijn.

De inflatie in het eurogebied nam in augustus toe tot 1,2 procent, met name op basis van de gestegen olieprijzen. Duisenberg zei te verwachten dat het `olie-effect' de komende maanden de inflatie verder kan opstuwen. Hoewel de invloed van de olieprijzen in principe tijdelijk is, zei hij dat het essentieel is dat het hogere inflatiecijfer geen navenant hogere looneisen veroorzaakt. Ook noemde hij de sterk aantrekkende economie in de eurozone.

Hoewel Duisenberg de term niet zelf in de mond nam, kan de waakzaamheid van de ECB worden vergeleken met de ,,neiging tot monetaire verkrapping'' (tightening bias) waartoe het Amerikaanse stelsel van centrale banken, de Federal Reserve Board, dinsdag overging. Dit houdt in dat de rente niet wordt verhoogd, maar dat slechts een geringe aanwijzing van hogere inflatie voldoende kan zijn om bij de volgende bijeenkomst tot renteverhoging over te gaan. Ook de Bank of England hield haar rentes gisteren ongewijzigd.

Duisenberg wees erop dat de ECB al ruim een jaar een ,,toegeeflijke positie'' inneemt bij het rentebeleid. In april van dit jaar verlaagde de centrale bank haar belangrijkste rentetarief voor de geldmarkt met een half procent tot 2,5 procent, dat tot nu toe is gehandhaafd.