Wallraff

Günter Wallraff bleek helemaal Günter Wallraff gebleven. Somber, gesloten gezicht, borende blik, licht verbeten trek om de mond, strijdbaar in elke vezel van dat grote, gespannen lichaam. Zelfs zijn leren jack en draagtas leken uit de jaren zeventig afkomstig.

De journalistieke legende, befaamd geworden door zijn undercover-operaties met name bij het schandaalblad Bild, was gisteravond te gast bij het Goethe-Institut in Amsterdam. Het werd een bezoek dat men zich daar nog lang zal heugen. Op de avonden van dergelijke buitenlandse, culturele instanties komen veel uit het thuisland afkomstige bezoekers. Brave, gezeten burgers van doorgaans vijftig jaar en ouder. Radicalisme is niet hun kop thee, als het dat al ooit geweest is.

De avond stond in het teken van Heinrich Böll, de Duitse Nobelprijswinnaar voor literatuur in 1972. Wallraff en Adriaan Morriën lazen hun herinneringen aan Böll voor, daarna was er een discussie onder leiding van Viktor Böll, een neef. Wallraff brandde meteen los.

,,Hoe ouder hoe radicaler'', zei hij over Bölls engagement als schrijver. In zijn inleiding had hij al gezegd: ,,Wat zou Duitsland zonder Böll zijn?'' Hij vermoedde dat het dan allang aan kapitalisme en katholicisme ten onder zou zijn gegaan. Böll was ten strijde getrokken tegen de reactionaire krachten, maar aan het einde van zijn leven was hij een trieste man geweest, zonder hoop. Wallraff: ,,Hij had gezien hoe de oude machtigen, die Hitler hadden gesteund, hun macht hadden teruggekregen.''

Het werd doodstil in de zaal. Een man van een jaar of zeventig naast mij schoof onrustig op zijn stoel. Tijdens de discussieronde begon Wallraff aan een monoloog die als één grote aanklacht tegen zijn vaderland uitpakte. Niets deugde er. Günter Grass had men eerst vernietigd, maar nu eerde men hem als Nobelprijswinnaar – de huichelaars. Duitsland was een `façade-democratie', waar de jeugd zich niet meer bij betrokken voelde. De politici waren volstrekt inwisselbaar geworden. Op de scholen werd weer de discipline benadrukt ten koste van de creativiteit. Er waren hier en daar al sporen te zien van `een nieuwe nationaal-socialistische ideologie'. ,,De dictatoren staan altijd in de startblokken, maak u zelf niets wijs'', beet Wallraff zijn gehoor toe.

Hij viel ook collega Martin Walser aan, die de Duitse herdenkingsroutine had gehekeld. ,,Doen we soms te veel aan herdenken, omdat we omstreeks middernacht wat filmpjes over de oorlog uitzenden?'' schamperde Wallraff. Een jonge vrouw riep woedend naar hem: ,,Walser heeft gelijk! We kunnen niet met die schuld blijven leven!'' Viktor Böll mengde zich in de strijd. ,,Je kunt niet zeggen: het is niet gebeurd.'' De man naast mij riep sidderend van woede: ,,Maar wie zegt dat dan?''

Böll: ,,Dat zegt men heel vaak in Duitsland.''

,,Zullen we het nu maar weer over het werk van Böll hebben?'' stelde iemand haastig voor. Wallraff knikte met een kort lachje. Tien minuten later was het afgelopen.