Olivetti berooft Telecom van `melkkoe'

De animo om te investeren in geprivatiseerde staatsbedrijven in Italië wordt bedreigd door verwikkelingen rondom Telecom Italia, dat eerder dit jaar werd overgenomen door het vijf maal kleinere Olivetti.

Vijf maanden geleden werd topman Roberto Colaninno van Olivetti geprezen als een verlichte ondernemer, toen hij het beschutte Italiaanse systeem opschrok met een van de grootste overnames ooit in Europa, die van Telecom Italia. Hij zou een golf van vernieuwing inluiden. Maar nu hij zijn reorganisatieplannen voor Telecom Italia heeft gepresenteerd wordt hij uitgemaakt voor bedrieger en dief, iemand die de buitenlandse investeerders wegjaagt uit Italië.

Sinds vorige week, toen Colaninno zijn plannen bekendmaakte, hebben institutionele beleggers op grote schaal hun aandelen in de betrokken bedrijven verkocht. Het kabinet vreest dat het hierdoor moeilijker wordt interesse te wekken voor komende privatiseringen, zoals het elektriciteitsbedrijf Enel, later deze maand.

Kleine aandeelhouders klagen dat hun belangen met de voeten worden getreden. En gevestigde kopstukken als Gianni Agnelli (ere-president van Fiat) en Marco Tronchetti Provera (managing director van Pirelli) leveren commentaar in de zin van: we hadden toch gezegd dat dit niet goed kon gaan.

Telecom Italia is in mei overgenomen door het vijf keer kleinere Olivetti. Dat heeft zich daarvoor diep in de schulden moeten steken, voor een bedrag van bijna dertig biljoen lire (ongeveer 35 miljard gulden). Die schulden zijn ondergebracht bij Olivetti's dochter voor loterijmachines, Tecnost, maar het is steeds duidelijk geweest dat Colaninno iets moest verzinnen om snel die schuldenlast terug te brengen tot een hanteerbaar niveau. Daarvoor heeft hij zijn oog laten vallen op het goedlopende Telecom Italia Mobile (Tim), Telecoms dochter voor mobiele telefonie.

Colaninno wil Tim overhevelen van Telecom naar Tecnost. Dan krijgt hij veel meer van de winsten van Tim ter beschikking voor schuldvermindering. Olivetti controleert 52 procent van Telecom Italia, maar bijna zeventig procent van Tecnost.

Woedend roepen andere aandeelhouders van Telecom Italia dat zij hierdoor hun financiële melkkoe kwijtraken. Ze kunnen hun aandelen wel omruilen tegen aandelen Tecnost, maar de voorgestelde verhouding wordt als volstrekt onvoldoende gezien. De Financial Times verwoordde de onvrede onder buitenlandse beleggers met de uitspraak: Dit is ,,een overval op klaarlichte dag''.

,,Iemand wil op mijn plaats gaan zitten,'' antwoordde Colaninno na de storm van kritiek. ,,Dit is Telecom: een mooi bedrijf, met goede vooruitzichten, in het centrum van de economie van dit land. Toen ik baas werd van Olivetti ontmoette ik overal sympathie, want mijn missie daar werd door velen als wanhopig beschouwd. Niemand wilde mijn stoel. Maar nu is het anders. Ik begrijp dat velen verlekkerd naar Telecom kijken, maar ik geef niet op.''

Toch heeft hij concessies moeten doen. Minister van Schatkist Giuliano Amato wees eind vorige week waarschuwend op de mogelijkheid dat het kabinet zijn golden share in Telecom Italia kan gebruiken om de plannen te blokkeren. Daarop zei Colaninno dat de voorgestelde ruilverhouding tussen aandelen Telecom en Tecnost (1,5 à 1,65 aandeel Tecnost voor ieder aandeel Telecom) ,,een hypothese'' was. Met andere woorden: ik heb geprobeerd Tim voor een prikje te krijgen, maar het is mislukt. Hij stelde ook voor een onafhankelijk comité in te stellen om te controleren of de belangen van minderheids-aandeelhouders worden gewaarborgd. Maar nog steeds is de beurs niet overtuigd.

Deze discussie illustreert de groeistuipen binnen het Italiaanse economische systeem, waar dit soort overnames in het verleden nauwelijks voorkwamen. De wettelijke regels hiervoor en de bevoegdheden van de beurscommissie Consob vertonen lacunes of zijn voor uiteenlopende interpretaties vatbaar.

Colaninno slaagde in zijn gewaagde overnamepoging omdat hij het vertrouwen van de markt wist te krijgen voor zijn plannen. Dat vertrouwen is geschonden. Hij probeert nu steun te krijgen voor zijn beleidsplan door op andere elementen daarin te wijzen, zoals de voorstelde reductie van de structurele kosten met 40 procent en een groots investeringsplan.

Maar de essentie van zijn probleem is de overheveling van de melkkoe Tim. Daar moet Colaninno een aanvaardbare formule voor vinden. Sommigen vinden dat het kabinet moet ingrijpen. De communistische leider Fausto Bertinotti bijvoorbeeld vindt Colaninno ,,sociaal gevaarlijk'' - al denkt hij daarbij niet zozeer aan de belangen van de aandeelhouders, maar eerder aan de plannen om 13.000 banen te schrappen bij Telecom Italia. Maar minister Amato realiseert zich dat met name buitenlandse investeerders niet blij zullen zijn als het kabinet gebruikt maakt van zijn rechten. Zo'n ingreep zou grote vraagtekens zetten bij de autonomie van Telecom Italia en andere gedeeltelijk geprivatiseerde of nog te privatiseren staatsbedrijven. Die vraagtekens kunnen de animo om in Italië te investeren, sterk doen verminderen. Daarom neigt Amato ernaar het conflict op de markt te laten uitvechten, zonder politieke bemoeienis. En dat is iets waar Italië duidelijk nog aan moet wennen.