Nog beter je best doen

De fusie van Hoogovens en British Steel was uiteindelijk niet zo'n verrassing. De twee bedrijven hadden altijd al goede contacten. Maar de doorslag gaf, zo vertelt Hoogovens' eerste man Fokko van Duyne, dat de twee exact dezelfde strategische keuzes voor de nabije toekomst hadden gemaakt. Het nieuwe bedrijf gaat Corus heten. Wat zijn de plannen?

`Te huur' meldt een groot bord voor het stafkantoor van Hoogovens tegenover het Beverwijkse Rode Kruis-ziekenhuis. De aankondiging is geen direct gevolg van de fusie tussen het Nederlandse staal- en aluminiumbedrijf en British Steel. Want ook zonder de fusie tussen de twee staalgiganten zouden de raad van bestuur en een deel van de Hoogovensstaf binnenkort zijn verhuisd. Maar dan naar het geheel gerestaureerde en uitgebreide Dudokhuis aan de rand van het terrein van de staalfabriek in IJmuiden, daar waar het allemaal in 1918 is begonnen. Door de fusie gaat ook die verhuizing niet door, althans niet voor de echte top. Vanaf 6 oktober zetelt Fokko van Duyne in Londen. Hij wordt voor twee jaar voorzitter van het executive committee van het gefuseerde bedrijf, dat onder de naam Corus verder gaat.

Hoewel de fusie voor de buitenwacht als een verrassing kwam stond voor Van Duyne de keus voor British Steel als partner al geruime tijd vast. ,,In plaats van verbaasd te zijn kun je je beter afvragen waarom dit niet eerder is gebeurd, waarom Hoogovens en British Steel niet al veel eerder zijn gefuseerd? Door de tijd heen hebben wij heel veel contacten met de Britten gehad op het operationele vlak. Het is altijd een bedrijf geweest waarbij wij ons zeer thuis voelden wanneer wij operationele vraagstukken hadden. Dat gold omgekeerd ook voor de Engelsen naar ons toe. Het eerste kennismakingsgesprek met mijn Britse collega John Bryant ging ook over dat onderwerp. Zo van: er zijn zoveel dingen die we samen hebben gedaan. Waarom heeft dat niet geleid tot een nauwe samenwerking?''

Op een van de laatste dagen op zijn kantoor in Beverwijk kaatst Van Duyne daarmee de vraag terug hoe het kon dat iedereen zo verrast reageerde toen de twee staalconcerns begin juni hun fusieplannen aankondigden. Want ofschoon British Steel en Hoogovens al lange tijd door velen als elkaars ideale partners werden afgeschilderd kwam de aankondiging van de fusie begin juni voor velen toch nog onverwacht. Niet in de laatste plaats door de opstelling van Van Duyne zelf. Nog dit voorjaar verklaarde hij in het openbaar dat Hoogovens heel goed in staat zou zijn de eigen strategie te realiseren zonder fusie. Alleen wanneer zich een goede mogelijkheid voor zo'n schaalvergroting zou voordoen, zei Van Duyne er toen bij, zou hij daar op een positieve manier naar kijken.

Achteraf is gebleken dat de toenadering tussen British Steel en Hoogovens al in `98 is begonnen. Afgelopen maart, toen Hoogovens haar eigen strategie aanscherpte, zat een mogelijke fusie met de Britten daarom al wel degelijk in de achterhoofden van de Hoogovenstop. Eind april lag er al een uitgewerkt ondernemingsplan op tafel. En uit dat plan rolden zulke positieve conclusies voor een samengaan (onder andere een synergievoordeel van 300 miljoen euro in drie jaar) dat de laatste twijfel, zo die er was, snel overboord werd gezet.

Na het vertrek vorig voorjaar van Van Duyne's voorganger Maarten van Veen, is er bij Hoogovens in een korte tijd veel veranderd. Niet alleen vertoonde de staalmarkt in de tweede helft van `98 plotseling een forse hapering maar Hoogovens was ook in problemen gekomen door de grotendeels mislukte overname van het Waalse Gustave Boël, die werd teruggedraaid. Het belangrijkste aspect is echter de bijstelling van de strategie van Hoogovens, die er uiteindelijk toe leidde dat het Nederlandse staalconcern na 81 jaar zijn zelfstandigheid heeft prijsgegeven.

Van Duyne ,,Toen Van Veen vorig jaar met pensioen ging hebben wij nog een keer heel erg duidelijk gekeken naar de strategie-ontwikkeling van Hoogovens. Die strategie was in 1995 geformuleerd. De richting die we toen uitgingen was er een van meer toegevoegde waarde en heel goed proberen te zijn in wat je doet. Daarvoor moesten we technologisch sprongen vooruit maken en proberen een betere positionering te krijgen bij de klant.

,,Wij voelden vorig jaar binnen Hoogovens de behoefte om die strategie nog eens aan te scherpen. Wij wilden wat preciezer gaan invullen wat we er mee bedoelden. Wij dachten daarbij vooral aan het sneller bereiken van een positie van belangrijkste leverancier bij onze grote klanten of het verbreden van onze technologiebasis. Dat laatste was een van de kernpunten. Een eventuele partner moest wat dat betreft in ieder geval accepteren dat wij staal én aluminium als twee belangrijke positioneringen op de markt hadden. British Steel was geïnteresseerd in die strategische lijn. Hun eigen gedachten gingen ook die kant op. Toen we daar achter kwamen waren er ook eigenlijk weinig belemmeringen meer om samen te gaan.''

Wat ook meespeelde, zegt Van Duyne, is dat we bij onze grote afnemers een sterke drang tot schaalvergroting zagen. ,,Dat zag je aan de fusies in de auto-industrie, op de verpakkingsmarkt en internationale constructie. Maar ook bij onze concurrenten in de staalsector deed zich eenzelfde ontwikkeling voor.''

Nu de fusie is afgerond is Van Duyne uitermate tevreden hoe vlot alles is verlopen. In één klap krijgt Van Duyne de verantwoordelijkheid voor een multinational met circa 66.000 medewerkers en een omzet van bijna 32 miljard gulden. De voorzichtig formulerende en als sober bekend staande econoom ligt daar niet echt wakker van. ,,Hoogovens was natuurlijk ook geen kleine onderneming. Maar het grote verschil na de fusie zal zitten in het veel internationalere karakter van de combinatie. En dat lijkt me een heel boeiende toevoeging. Ook de omvang van de onderneming en de grotere ruimte die je daardoor krijgt bij je klanten, zal ten opzichte van de oude situatie een verschil uitmaken.''

Sommigen vrezen dat Hoogovens door de fusie zijn sociale gezicht zal verliezen, dat het sociale beleid harder zal worden, op Britse leest geschoeid. Van Duyne bezweert dat dat niet zal gebeuren. ,,Er is ook geen sprake van dat we ook maar iets van de met bonden en ondernemingsraden gemaakte afspraken zullen terughalen. De continuïteit daarvan is volledig gewaarborgd.''

Dat betekent niet dat er door de fusie zelf niets verandert. De gevolgen van de integratie zullen ook in Nederland merkbaar zijn. Er gaan geen fabrieken dicht maar er kunnen door overlappingen arbeidsplaatsen vervallen. Het nieuwe concern geeft daarom geen werkgelegenheidgaranties, maar heeft wel toegezegd dat gedwongen ontslagen zoveel mogelijk zullen worden voorkomen.

Op het operationele vlak gelooft Van Duyne niet dat de aluminiumpoot van Hoogovens door zijn betrekkelijk geringe omvang ten opzichte van de onlangs gevormde giganten op dat terrein een remmende factor op het bedrijfsresultaat van de nieuw gevormde combinatie zal vormen. ,,Ik geloof eerder het tegenovergestelde. Zeker als je kijkt naar onze marktpositie. Door het samengaan van Reynolds en Alcoa en de fusie van Alcan, Pechiney en Alusuisse is er ten aanzien van onze marktposities in deze bedrijfstak niet zo gek veel verandert. Wij hebben met aluminium een hele sterke positie in de transportwereld en de auto-industrie. Wij zitten niet in een aantal activiteiten waar die anderen heel groot in zijn. Bovendien hebben wij veel know how aan de staalkant die we kunnen inzetten voor aluminiumproducten. Daarom biedt onze marktpositie in aluminium veel ruimte om naar een hogere omzet door te groeien dan de 3 miljard gulden die we nu in die sector realiseren.''

Het nieuwe concern wordt in de optiek van Van Duyne eigenlijk een drie-metalenbedrijf, want British Steel is behalve in gewoon staal ook sterk in roestvrij staal. Daarnaast zijn er dan nog allerlei veelbelovende combinaties van staal en/of aluminium met kunstoffen.

Van Duyne ontkent een door veel waarnemers verondersteld verband tussen mislukte recente acquisitiepogingen van beide partijen (Hoogovens met het Waalse Boël, British Steel met het Poolse Huta Katowice) en het vrij snel tot stand komen van de fusie. Volgens Van Duyne ligt de reden voor een fusie meer in de overeenstemming over de strategische richting die beide bedrijven willen inslaan.

Niettemin pakt een aantal donkere wolken samen aan de horizon. Een groot probleem vormen de staalprijzen. Die maakten eind vorig jaar een enorme dip door. In het eerste halfjaar van 1999 is weliswaar enig herstel opgetreden maar de prijzen bevinden zich volgens Van Duyne nog lang niet op het niveau van voor de inzinking. Ook een van Hoogovens' grote concurrenten, het Franse Usinor, signaleerde onlangs dat het prijsherstel zich langzamer voltrekt dan verwacht. Van Duyne gaat er echter nog steeds van uit dat de prijzen in de loop van dit jaar verder zullen aantrekken. Prijsdumping is nu niet meer aan de orde en door de aantrekkende vraag in Azië vloeien er veel minder staalproducten richting West-Europa en Amerika. Toch houden zowel hij als zijn collega's bij British Steel wat de resultaten over `99 betreft flinke slagen om de arm.

Van Duyne acht het bijvoorbeeld niet opportuun nu al te praten over de resultaten van de gefuseerde onderneming. maar hij wijst wel op de nadelige effecten van het dure Britse pond dat voor een belangrijk deel het verlies van British Steel veroorzaakt heeft. Afgelopen jaar leverde voor British Steel een verlies op van omgerekend een half miljard gulden. Inmiddels in gang gezette forse reorganisaties moeten bijdragen aan winstherstel. Het lijkt nog niet zeker of een positieve inbreng van Hoogovens – dat de winst in het eerste halfjaar ook al fors zag dalen – voldoende is om de combinatie uit de rode cijfers te houden.

Van Duyne realiseert zich dat hij met een kwetsbare bedrijfstak te maken heeft. Hij is realist genoeg te beseffen dat staal en aluminium uiterst cyclische activiteiten zijn. ,,Wij zijn als onderneming niet in staat ons aan die cyclische bewegingen te onttrekken. Wat je dus probeert te doen is een zekere bijsturing te geven aan die bewegingen. We zijn als Hoogovens in een neergaande periode van de markt tegenwoordig minder kwetsbaar dan in het verleden. Maar als er een echt grote val is van het prijsniveau, zoals vorig jaar, dan zijn we n iet in staat dat als bedrijf volledig te ondervangen.''

Van Duyne denkt niet dat de fusie Hoogovens en British Steel de afsluiting vormt van de sterke concentratietendens in de Europese staalindustrie. ,,Er is natuurlijk al heel wat gebeurd. In Duitsland met Hoesch, Krupp en Thyssen. In Italië zijn fusies geweest. In Frankrijk heeft Usinor nu het Belgische Cockerill overgenomen en het Luxemburgse Arbed heeft in Spanje bedrijven gekocht. Er zijn in Europa nog wel wat kleinere zelfstandige spelers, zoals SSAB in Zweden, Voest Alpine in Oostenrijk. Ik denk daarom dat er in de toekomst nog wel meer zal gebeuren. Dat hangt ook samen met het feit dat de drie grootste Europese staalconcerns (British Steel/Hoogovens, Usinor en Arbed) ook op de wereldranglijst bij de eerste vijf staan. Die bedrijven hebben allemaal weliswaar een sterke regionale positie, maar hebben mondiaal gezien voor zo'n grote industrie een marktaandeel van niet meer dan zo'n drie procent.