Sadistisch werk jaren later niet schokkend meer

In Nederland is Peeping Tom van Michael Powell (1960) nooit zo diep begraven geweest als in Engeland en Amerika: na de collectieve demonisering door de Britse filmcritici, louter op morele gronden, van deze `weerzinwekkende', `misselijk makende' film, was de loopbaan van Powell (1905-1990) praktisch beëindigd.

Pas eind van de jaren zeventig dook Powells film weer voorzichtig op als video,mede door toedoen van Martin Scorsese, een bewonderaar van Peeping Tom en van Powell, die op hoge leeftijd met Scorsese's editor Thelma Schoonmaker trouwde.

In Frankrijk had daarentegen de toen nog geen films regisserende criticus Bertrand Tavernier Peeping Tom meteen hardnekkig verdedigd. In Nederland was de film in de jaren zeventig herhaaldelijk te zien in Filmmuseum en Cinétol. Nu wordt het vervloekte meesterwerk opnieuw uitgebracht in een fraaie restauratie van de Technicolorversie, onder toezicht van Scorsese.

Het schokkende aan Peeping Tom was de koppeling van voyeurisme aan sadisme, en dan niet in een of andere groezelige verpakking, maar als begrijpelijke aandrang van een nette jongeman in een houtje-touwtje-jas (Karlheinz Böhm, tot dan bekend als tegenspeler van Romy Schneider in de Sissi-films).

De voyeur is een assistent-cameraman, die in het statief een vlijmscherpe dolk heeft verborgen. Hij wil de doodsangst van zijn slachtoffers vastleggen, omdat zijn vader hem toen hij kind was om wetenschappelijke redenen dag en nacht filmde.

Die Freudiaanse verklaring doet nogal gezocht aan. Waarom zouden alle slachtoffers van de moordenaar vrouwen zijn? Hij was toch boos op zijn vader?

De gedachte dat film aan voyeuristische behoeften voldoet, is nu niet meer erg omstreden. Niet alleen is het publiek aan meer sadisme gewend geraakt, het is ook minder taboe geworden om toe te geven dat de kijker net zo'n viezerik is als de schurken op het witte doek. In dat opzicht is Peeping Tom nu als een moderne film te beschouwen. Maar in mijn herinnering was hij veel enger.

Peeping Tom. Regie: Michael Powell. Met: Carl Boehm (Karlheinz Böhm), Anna Massey, Moira Shearer, Maxine Audley. In: Filmmuseum, Amsterdam; Cinemariënburg, Nijmegen.