Literair blad `Maatstaf' stopt na december

Maatstaf, het literaire tijdschrift van uitgeverij de Arbeiderspers, zal in december van dit jaar voor het laatst verschijnen. Ronald Dietz, directeur van de Arbeiderspers heeft dit in een brief aan de redactie bekendgemaakt. Maatstaf, in 1953 opgericht door uitgever Bert Bakker, wordt sinds 1969 door de Arbeiderspers uitgegeven. Het blad verschijnt zes keer per jaar in een oplage van 800 exemplaren en komt tot stand door vrijwilligerswerk van de redactie, die momenteel wordt gevormd door onder anderen Mirjam Rotenstreich, Esther Jansma en André Klukhuhn. Uitgave werd mogelijk gemaakt door een jaarlijkse subsidie van 25.000 gulden van het Literair Produktie- en Vertalingenfonds.

In 1997 kwam Maatstaf op grond van een advies van de commissie literaire tijdschriften van het Fonds in een overgangsregeling. De subsidie werd nog voor slechts anderhalf jaar gegarandeerd en de redactie werd gemaand om de kwaliteit van het blad te verbeteren. In haar rapport van mei dit jaar liet de commissie weten Maatstaf een `ongeïnspireerd gemaakt en vormgegeven' blad te vinden, en de jaargang 1998 `teleurstellend'. De subsidie werd ingetrokken.

Ronald Dietz stelde zich aanvankelijk achter de redactie op. Hij stuurde een bezwaarschrift naar het Fonds en noemde de kritiek ongegrond. Nu valt voor Maatstaf alsnog het doek. Dietz heeft laten weten de oprichting van een nieuw tijdschrift voor poëzie te overwegen. Hij was onbereikbaar voor verder commentaar. Dichteres Esther Jansma, die enkele maanden geleden met dichter Ilja Leonard Pfeijffer toetrad tot de redactie, noemt de opheffing van Maatstaf `doodzonde'. ,,De nieuwe redactieleden hebben nog nauwelijks de kans gehad om te laten zien wat ze kunnen. Als De Arbeiderspers ons nog twaalf maanden langer had gegeven was dat anders geweest. Maatstaf was altijd een belangrijke kweekvijver voor nieuw dichttalent; het is zeer betreurenswaardig als deze nu verdwijnt.''